‹ Hoe men een leeuw doodt op een sneeuwachtige dagAfgoderij in de Vallei der Acacia's ›
De ui uit Askelon
Gepubliceerd op 28-09-2006

Wij gedenken aan de vissen, die wij in Egypte om niet aten; aan de komkommers, en aan de pompoenen, en aan het look, en aan de ajuinen, en aan het knoflook.

Numeri 11: 5

Askelon zal het zien, en zal vrezen; desgelijks Gaza, en zal grote smart hebben, mitsgaders Ekron, dewijl hetgeen, waar zij op zagen, hen heeft te schande gemaakt; en de koning van Gaza zal vergaan, en Askelon zal niet bewoond worden.

Zacharia 9: 5

De ui wordt in de Bijbel alleen genoemd als het volk tijdens de Exodus klaagt over de barre omstandigheden waaronder ze op dat moment verkeren en denken aan al het overvloedige eten wat ze aten in Egypte. De ui komt dan ook veelvuldig voor op decoraties en hiërogliefen van piramides.

Askelon (Jozua 13:3; Richt. 1: 18; 14: 19; 1 Sam. 6:17; 2 Sam. 1: 20; Jer. 25:20; 47: 5, 7; Amos 1:8; Sef. 2: 7; Zach. 9: 5) was een van de vijf Filistijnse steden en ligt aan de kust. Een van de producten waar deze stad beroemd om was, was de ui. Reeds de Griekse historicus Strabo schreef “het land van de Ascalonitae is een goede uien-markt, hoewel de stad klein is” (Geographika, XVI, 2, 29). Er wordt dan ook regelmatig gediscussieerd of de naam van de stad aan de (etymologische) basis heeft gelegen van de naam sjalot (van de oude wetenschappelijke naam Allium ascalonium).

De ui (Allium cepa, var. aggregatum) wordt in oudere werken ook wel genoemd Allium ascalonium naar de stad Askelon in Israël, waar het voor het eerst gekweekt zou zijn. Theophrastus (372 - 288 v.C.) beschrijft de "Askolonion krommoon" waarmee misschien de ui wordt bedoeld. Plinius (23 - 79 n.C.) zegt dat "de Askalon ui, is genoemd naar een stad in Judaea" in zijn Natural History, Book XIX maar het lijkt erop dat hij (800 n.C.) met "ascolincas" een andere ui-soort bedoeld omdat in deze passage ook verschillende andere looksoorten worden genoemd.

De Nederlandse benaming Sjalot en Schalotte (Duits), Shallot (Engels) en Echalotte (Frans) zijn allen afgeleid van Ascalonium.

De etymologie van Allium is onzeker, misschien van het Keltisch all “brandend”, vanwege de scherpe smaak. Een andere mogelijkheid is van het Latijn olere “rieken”, waarmee de penetrante lookgeur wordt bedoeld.

Het Nederlandse Siepel en Duitse Zwiebel zijn verkleinwoorden van cepa, van cepula, dat is ontstaan uit cibulla, waarin we cibus “spijs” herkennen. Overigens was Zwiebel in het oudhoogduits zwibollo, wat tweevoudige bol betekent.

Opgeslagen onder: Ui


Tags: Askelon, Flora, Ui

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs