February 11, 2012

You are currently browsing the daily archive for February 11, 2012.

Deze reeks over Job is een samenstelling van een lezing die 5 februari is gehouden.

We zijn nu beland op het punt waar ons onderzoek begint. Alle eerder genoemde sterrenbeelden waren redelijk gemakkelijk te bepalen en waren allemaal in het noordelijk gedeelte van de sterrenhemel te zien of maakten deel uit van de dierenriem. En zijn ook voor ons bekende beelden.

In Job 9:9 vinden we tot slot ook een verwijzing naar een sterrenbeeld met de intrigerende naam ‘de binnenkameren van het Zuiden‘ en de meeste vertalingen komen niet verder dan een ’sterrengroep in het Zuiden’ of een ’symbolische verwijzing’ naar de zuidelijke sterren die niet (meer) te zien zijn. En daar zit het probleem deze sterren zijn niet te zien vanuit Nederland of tegenwoordig uit het gebied waar men denkt dat Job woonde.

Voordat we een proberen te achterhalen wat de ‘de binnenkameren van het Zuiden‘ zijn, zal eerst onderzocht moeten worden wat de betekenis is van de grondtekst en hoe de verschillende vertalingen dit interpreteren.

In het Hebreeuws staat er Chadre Theman. Het woord Chadre is afgeleid van de stam Cheder en betekent een kamer en dan speciaal de binnenste kamer van een huis of een tent (cf. Gen. 43:30; Richt.16:9,12). Metaforisch wordt het woord ook gebruikt voor het binnenste van de buik (cf. Spr.18:8; 26:22).

Het woord Theman betekent letterlijk ‘datgene wat gesitueerd is aan de rechterkant‘. De oude Joden oriënteerden zich op het Oosten, en wat aan de rechterkant ligt is in dat geval het Zuiden (cf. Ex. 26:18,35; 27:9). Men kan daarom dit woord het beste vertalen met ‘het zuiden‘. Zo wordt de zuidenwind aangeduid als Ruach theman (cf. Ps.78:26; Hoogl.4:16). Als we nu de verschillende vertalingen bekijken, zien we dat de LXX dit vertaalt met tameia Notou en de Vulgata met interriora Austri. Beide vertalingen geven een zo letterlijk mogelijke vertaling van het woord. De King James geeft evenals de Statenvertaling ‘chambers of the south’, terwijl de Good New Bible vertaalt met ’stars of the south’. Bij bestudering van andere vertalingen blijkt dat allen een soortgelijke omschrijving geven.

Als we lezen wat in Job 9 aan vers 9 voorafgaat, zien we een beschrijving van Gods grootheid: verschuivingen van bergen, aardbevingen, het opkomen en ondergaan van de zon en de sterren, de scheidingen tussen de aarde en de zee. Daarna volgt een opsomming van de meest schitterende sterrenbeelden die er aan de hemel te zien zijn. Wat opvalt is dat er alleen gesproken wordt over fysieke zaken en niet over geestelijke of symbolische zaken. We moeten dus op grond van de context wel concluderen dat ook de ‘Chadre Theman‘ een fysiek verschijnsel is. Met andere woorden, de ‘Chadre Theman‘ is waarschijnlijk een sterrenbeeld dat aan de hemel te zien is, net als de Grote Beer, Orion en de Pleiaden.

Nu we weten dat er daadwerkelijk gesproken wordt over een sterrenbeeld of een groep sterren, moeten we dus onderzoeken waar de locatie van dit sterrenbeeld is en wat de hedendaagse benaming is voor dit object. Gezien de benaming moeten we in het Zuiden zoeken en wel naar een object dat net zo schitterend is als de andere genoemde sterrenbeelden.

Sommige geleerden stellen dat het gaat om ’sterrenbeelden van de zuidelijke Dierenriem’ en vermelden Scorpio, de schorpioen, als mogelijke kandidaat. Dat is echter niet waarschijnlijk. De bekende joodse astronoom Aben Ezra identificeert Scorpio of Antares, de helderste ster, met de in Jesaja 13:10 genoemde K’esil. De Joden kennen in het algemeen dit sterrenbeeld als ‘Akrabh (Schorpioen, cf. de Dode Zeerol 4Q318) en claimen dat het op de banier van de stam Dan staat, wiens stamvader als ‘een slang is aan de weg’ (Gen.49:16,17). De rabbijn Rashi ziet in deze slang een basilisk, een schorpioenachtig wezen waarvan het gif zo dodelijk is dat zowel man als paard aan de beet sterft (cf. Plinius, Natuurlijke Historie, VIII.33). Sir William Drummond stelt dat Scorpio in de dierenriem zoals de ‘patriarch Abraham’ die kende een adelaar was. Hierbij moet men dan bedenken dat schorpioenen vroeger werden voorgesteld als slangen en als adelaars. Enige verbinding met de ‘Kamers van het Zuiden’ ziet hij niet.
Andere geleerden, zoals Patten, denken dat het gaat om het zuidelijk deel van de Melkweg. Weer anderen achten de uitdrukking te vaag om te verwijzen naar een speciale ster of groep van sterren, en stellen dat het een algemene uitdrukking is voor sterren aan de zuidelijke hemel. Weer anderen identificeren de ‘Kamers’ met de kamer waaruit de wervelwind Ruach theman komt (Job 37:9).

Hoewel er verschillende meningen zijn, is iedereen het er over eens dat het gaat om een groep sterren die zeer helder moet zijn en die gemakkelijk te herkennen moet zijn geweest voor tijdgenoten van Job. Dit baseert men onder andere op het feit dat de andere genoemde sterrenbeelden ook zeer helder zijn. Sommigen verwijzen naar de Babylonische astronomie. Daarin is namelijk geen Zuidpool die correspondeert met de Noordpool, maar daarentegen is er wel een gebied dat Ea wordt genoemd en dat ver aan de zuidelijke hemel wordt gesitueerd. Men denkt dat Job met de term Chadre Theman dezelfde sterrenbeelden bedoeld. Interessant is echter dat allen stellen dat het om een of meerdere sterrenbeelden of sterren gaat die ver aan de zuiderhemel te zien zijn.

Tags: , ,

Ik heb met heel mijn hart elke vorm van wijsheid onderzocht, want ik wilde alles wat onder de hemel gebeurt doorgronden. Het is een trieste bezigheid. Een kwelling is het, die de mens door God wordt opgelegd.

Prediker 1:13 (NBV)

Ook hier komen we weer een lastige tekst tegen, de schrijver heeft iedere vorm van wijsheid onderzocht. Volgens de woordenboeken is wijsheid of levenswijsheid de kunst om in alle levensomstandigheden juist te oordelen en te handelen. Maar het Hebreeuwse betekenis is dieper en geeft ook de wetenschap, de kennis van zaken aan, waarmee dan wordt bedoeld dat je het ook echt begrijpt.

Net als de vele passages “onder de zon” die we in dit boek vinden, slaat de passage “onder de hemel” op het menselijk perspectief van het leven op aarde zonder de hulp van een speciale openbaring van God. En vanuit dit menselijk perspectief blijkt dat het een trieste, treurige bezigheid is, of zoals er letterlijk staat “een kwade bezigheid”. In 4:8 wordt het gebruikt als parallel met dat het “nutteloos” is. Iedere activiteit van de mens is uiteindelijk zinloos als het op eigen kracht, zonder Gods openbaring, gebeurt en om die reden is het nog zinlozer om deze activiteiten te onderzoeken.

Salomo, was als koning, in een unieke gelegenheid om mensen te ondervragen en hij zal stellig hebben gezien dat veel kennis, wijsheid is gebaseerd op verkeerde veronderstellingen, hij zal hebben gezien dat de mens deze vaak misbruikt om eigen voordeel eruit te trekken, of erger de wijsheid misbruikt om andere mensen verkeerd te informeren. Uiteindelijk zal blijken dat dit allemaal tevergeefs zal zijn, de waarheid zal toch boven water komen en als je serieus op onderzoek gaat zul je merken dat alles maar zeer tijdelijk en vluchtig is. Het is om die reden dat Salomo zegt dat dit onderzoek een kwade zaak is. Echter zou je dit onderzoek uitbreiden en ook Gods openbaring erbij betrekken dan komt alles plotseling in een heel ander perspectief te staan. Je ziet dat zaken die eerst nutteloos zijn, plotseling er wel terdege toe doen. Terwijl aan de andere kant je zult merken wat de mens werkelijk ertoe drijft met zijn handelingen.

Tags: ,