Tentkleed van de tabernakel (2)

De tabernakel moet u vervolgens maken van tien tentkleden, van dubbeldraads fijn linnen en blauwpurperen, roodpurperen en scharlakenrode wol. U moet ze maken met cherubs erop, werk van een kunstenaar. De lengte van één tentkleed moet achtentwintig el zijn en de breedte van één tentkleed vier el: al de tentkleden moeten dezelfde afmeting hebben. Vijf tentkleden moeten aan elkaar vastgemaakt worden, en nog eens vijf tentkleden moeten aan elkaar vastgemaakt worden.

Exodus 26:1-3 (HSV)

In onze studie hoe de tabernakel eruit zag lezen we in de eerste 3 verzen van hoofdstuk 26 dat er tien tentdoeken waren die in twee groepen van vijf aan elkaar gekoppeld moesten worden. Netjes worden weer de maten genoemd en je merkt al gauw dat acht van deze doeken ongeveer overeen komen met de lengte van de tabernakel, terwijl de lengte voldoende is om deze overdwars te bedekken. De overige twee tentdoeken zijn dus om de achterzijde te bedekken en (een gedeelte) van de voorkant. Hieronder een eerste concept hoe dit er dan uitgezien kan hebben, waarbij de voor en achterkant nog niet is bedekt. Het zal nog enig rekenwerk geven hoe de doeken precies op de tabernakel hebben gelegen.

Tags: ,

Stuur naar Twitter