‹ Bijbelquiz (188)Bijbelquiz (189) ›
Heersers en hoofden van gezinnen
Gepubliceerd op 27-11-2013

God, de HEER, dacht: Het is niet goed dat de mens alleen is, ik zal een helper voor hem maken die bij hem past.

Genesis 2:18 (NBV)

In veel moderne vertalingen lezen we dat Eva een helper is die bij Adam past, terwijl we in een Staten Vertaling lezen "als tegen hem over zij". Wat mij nu opviel is dat bij de aanstelling van Saul tot koning in 1 Samuel 9:16 veel moderne vertalingen spreken van "zalven tot vorst over mijn volk" terwijl de Staten Vertaling geeft "zult gij ten voorganger zalven over Mijn volk Israël". Nu kun je je afvragen wat dit met elkaar te maken heeft maar in het Hebreeuws worden in beide passages woorden gebruikt die van eenzelfde stam afkomstig zijn. Met andere woorden Adam is iemand die voor(uit)gaat voor Eva, zoals een vorst voor(uit)gaat voor zijn volk. Zoals de positie van een koning is ten opzichte van zijn volk zo is er ook een positie van Adam ten opzichte van Eva.

Nu hoor ik al mensen denken of dit dan een conclusie is dat Eva niet gelijkwaardig is aan Adam. Natuurlijk is dat niet de conclusie, Eva en Adam zijn gelijkwaardig, net als een koning gelijkwaardig is aan alle andere mensen. Het grote verschil is dat Adam blijkbaar een andere positie heeft gekregen, net als de boerenjongen Saul (en later David) een andere positie kreeg dan de rest van het volk. Een koning kan niet alles alleen en daarvoor heeft hij hulp nodig van anderen, net zoals Adam het niet alleen kon en Eva tot hulp kreeg. Dat wil niet zeggen dat een "hulp" minderwaardig is, want anders zouden we op basis hiervan ook moeten zeggen dat de ministers, die de "hulp" zijn van de koning, minderwaardig zijn.

Vaak wordt in de discussie over de vrouw in het ambt de termen gelijk en gelijkwaardig door elkaar gehaald en stelt men dat deze teksten in de Bijbel ouderwets en achterhaald zijn omdat de cultuur toen anders was (zie bv. dit beleidsrapport). Misschien is het goed om dan toch eens naar het onderscheid te kijken en vervolgens Spreuken 31 te lezen. We zien hier dat terwijl haar man in de poort (waar de politiek en rechtspraak wordt bedreven) zit, zij volledig in alle vrijheid handelt. Ze is een zakenvrouw en weet niet alleen haar gezin maar ook degenen die voor haar werken goed aan te sturen. Ook ten tijde van Paulus hadden de vrouwen zeer veel vrijheden en in die context moeten we dan ook 1 Timoteüs 2 lezen als daar wordt gesteld op basis van scheppingsorde dat een vrouw geen predikant mag zijn. Het moet ook in die tijd op zijn minst een opmerkelijk iets zijn geweest wat Paulus schreef en beslist niet een representatie van die tijd en cultuur, toch was het voldoende om toch in de Bijbel te worden opgenomen. Overigens waar je nooit over hoort maar in ditzelfde hoofdstuk zien we ook dat bij de mannen voldoende was te corrigeren. Want zoals in de bijlage van het genoemde beleidsrapport als tegenargument wordt aangevoerd "Heersen is dienen, zoals Christus gezag had over zijn discipelen maar ook hun voeten waste."


Tags: 1 Samuel, 1 Timotheüs, Gemeente, Genesis, Kerken
Gerelateerde onderwerpen: Kerken

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Boeken algemeen