‹ Bijbelquiz (204)Open Brief: PKN, verbreek banden met Sabeel ›
Overpeinzingen over Jona
Gepubliceerd op 16-03-2014

Vandaag een preek over Jona en zoals wel vaker bij me gebeurd had ik een paar overpeinzingen waar je nooit over hoort preken:

In Jona 1:16 lezen we "Toen werden de mannen zeer bevreesd voor de HEERE; zij brachten de HEERE een slachtoffer en legden geloften af." Werd dit over aan boord gebracht, of later op de vaste wal. In beide gevallen moet het een opmerkelijk iets zijn geweest dat verder verkondigt moet zijn, want hoe had anders de schrijver van dit boek dit geweten.

In het volgende vers lezen we dat Jona wordt opgeslokt door een grote vis, hier heb ik in het verleden al over geschreven, maar er zijn een paar leuke dingen die ik zelden hoor. Als eerste speelde de mythe van Andromeda die door Perseus gered werd en in de buurt van Jaffa werd vastgeketend en ook door een monster Cetus werd bedreigd. Het gaat dus om dezelfde plek en zou dat kunnen betekenen dat hier sprake is van een zelfde (verbasterd) verhaal? Ten tweede, Jona werd opgeslokt en kwam terecht in de ingewanden, hoe zou Jona eruit hebben gezien nadat hij uit deze grote vis kwam, hadden de maagzuren ingebeten op zijn lichaam? Zoja, dan moet hij een bijzondere verschijning zijn geweest in Nineveh en moet zijn uiterlijk zeker hebben bijgedragen aan de geloofwaardigheid van zijn oproep.

In Jona 3:3 lezen we "Ninevé was een geweldig grote stad, van drie dagreizen", wat wordt hiermee bedoeld? Dat de stad zo groot was dat het wel drie dagen duurde om er doorheen te trekken, zoals vaak wordt gesteld, is erg onlogisch omdat er nooit (ook nu niet) er een stad is geweest die zo groot was. Vandaar dat er vaak ook andere verklaringen worden geven, zoals: Dat je drie dagen nodig had om er doorheen te trekken, of dat je drie dagen nodig had om alles te bekijken, of had Jona drie dagen nodig om de stad te bereiken.

In Jona 3:9 lezen we de hoop "dat God van gedachten verandert en op zijn besluit terugkomt; wie weet zal hij zijn woede laten varen, zodat wij niet te gronde gaan" wat dan ook in het volgende vers wordt gesteld. Opvallend is dat ook in Jeremia 18:7-8 hierover wordt gesproken "Het ene ogenblik doe Ik de uitspraak over een volk en over een koninkrijk dat Ik het weg zal rukken, af zal breken en zal doen ondergaan. Bekeert zich dat volk waarover Ik die uitspraak heb gedaan echter van zijn kwaad, dan zal Ik berouw hebben over het kwade dat Ik het dacht aan te doen." maar een connectie met Jona heb ik nooit over horen spreken. Maar blijkbaar was het bekend, ook bij vreemde machthebbers, dat God van gedachten kan veranderen.


Tags: Bijbelstudie, Jona
Gerelateerde onderwerpen: Bijbelstudie

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

BoekenBoeken