Bijbelquiz (210)

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

De persoon de we vorige week bedoelden was de scherprechter of beter om hem met zijn Romeinse titel aan te spreken speculator (Mark. 6:27). Veel vertalingen zoals de NBV en GNB96 noemen hem foutief iemand van de lijfwacht van Herodus, want hij hoefde alleen maar verantwoording af te leggen aan de keizer.

De vraag van deze week:

In Johannes lezen we dat de narduszalf die Maria gebruikt om Jezus te zalven wel voor 300 penningen verkocht kon worden. De vraag is hoeveel broden kon men daar wel niet voor kopen.

Tags: ,

Stuur naar Twitter

2 comments

  1. Bouke Hageman’s avatar

    Aangezien 300 penningen overeenkomt met ongeveer € 15.000 vandag de dag. Daar brood een eerste levensbehoefte is verwacht ik dat je er wel 30.000 broden voor kon kopen. Aan de andere kant 100 broden voor 1 penning is wel erg veel, denkend aan de weduwe. Aldus beredenerend den ik dat er ongeveer 3000 broden gekocht kunnen worden voor 300 penningen.

  2. JP vd Giessen’s avatar

    Het antwoord is hier te vinden.

Comments are now closed.