Articles by Mischa vd Giessen

You are currently browsing Mischa vd Giessen’s articles.

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:
Jonas, in Matt 16:17 lezen we Simon Bar Jonas (Simon zoon van Jonas)

Bar is Aramees voor zoon, in het Hebreeuws zou er Ben hebben gestaan.

De vraag van deze week:

De film Noah is deze week in première gegaan, dus laten we een leuke vraag over Noach stellen. Hoe lang zat de Ark vast op het gebergte van Ararat voordat Noach zijn raaf liet vliegen.

Door de ijzige wind was het behoorlijk aangenaam om bij Felix Meritis binnen te komen. Een mooi gebouwtje gevuld met allemaal soorten mensen. Vooral studenten en (waarschijnlijk hun oudere) docenten leken behoorlijk vertegenwoordigd te zijn. Na een lekkere bak koffie mochten we al snel doorlopen naar een leuke zaal waar de vier “heerlijke” heren al klaar stonden.

Na een korte introductie mocht de eerste van de vier heren – Stefan Paas – het woord nemen. Hij hield zijn standaardpleidooi en legde zo snel uit wat Peels en hij geschreven hadden. Namelijk dat Godsgeloof een basale overtuiging is en dat Godsgeloof daarom dus een ‘normale, redelijke optie, voor normale, redelijke mensen’ is.

Op de vraag over moraal beweerde Paas duidelijk. ‘De wetenschap kan ons niet vertellen wat goed of fout is.’ Hiermee liet hij bewust zien dat atheïsten geen slechtere moraal hebben, maar wel dat zij het niet kunnen rechtvaardigen.

Na een klein kwartier mocht Boudry dan het woord nemen. Boudry hield een “vurig”, maar ongegrond, pleidooi dat God niet zou bestaan en dat dit boek van Paas en Peels daar zelfs bewijs voor was. De “heren theologen” zouden een ‘theïstische tango’ dansen, omdat ze het bestaan van God verwarden met de gelukseffecten van een geloof in God. Hij zei dat Paas en Peels weinig atheïsten hadden gelezen op enkele “parafraseringen” na. Hij eindigt zijn pleidooi natuurlijk met dat het allemaal onzin is en dat religie verklaard kan worden door de intuïtieve geest.

Hoewel het Boudry was die het publiek kenbaar maakte dat Paas het boek van Herman Philipse niet gelezen had, moest Philipse hier toch nog wat over kwijt en begon hij eigenlijk op de man af met een scherpe opmerking: ‘Lees je tegenstanders dan leer je hopelijk wat’. Hoewel het natuurlijk kwalijk was dat Paas dit niet had gelezen, vond ik persoonlijk dat Philipse hier goed mee omging en zo ging hij binnen een halve minuut verder met zijn pleidooi tegen theïsme.

Philipse begon zijn praatje met het onderscheid tussen de goden en over welke “godheid” we het dan zouden hebben. Het bekende praatje van Philipse dat godsgeloof niet berust op betrouwbare kenbronnen gaf hij kracht door te zeggen dat mensen in India ook geschriften en openbaringen hebben, net als de christenen. Daarna begon Philipse met een krachtig argument dat het oneindige niet kenbaar kon zijn voor ons eindige wezens. Door ons eindige begrenzen kunnen wij het oneindige niet ervaren, dus hoe kunnen we dan weten dat zo’n ‘wezen’ wat veel mensen “god” noemen oneindig is? Hoewel ik graag Philipse verdere argumenten ook gehoord had (want die leken origineler!) werd hij onderbroken halverwege zijn blaadje. Zijn tijd was op.

Peels mocht de eerste ronde afsluiten met een korte reactie op Boudry en Philipse. Na het verwijt of Boudry wel het boek gelezen had ging Peels (terecht) snel verder naar Philipse die hij vragen gaf die hij al lang had en ook beargumenteerde dat je prima iets oneindigs kan ervaren, maar niet alles daarvan.

Na bijna een uur geluisterd te hebben naar alle praatjes mocht het echte debat beginnen. Hier kwam al snel uit dat het onderwerp veel te groot was om over te debatteren in één avond. Boudry werd natuurlijk aangevallen op zijn slechte leesgedrag, wat hij met zijn antwoord alleen nog maar meer liet blijken (“ik citeer, jullie zeggen”… “Nee, maar jullie impliceren”… “maar jullie zeggen” op de vraag: “waar zeggen we dat?”). Boudry hoopte denk ik echt mee te kunnen doen, maar naast wat polemische opmerkingen hier en daar (waarmee hij vaak het onderwerp veranderde en zichzelf tegensprak) kon hij weinig echt bijdragen aan het debat. De andere jeugdige spreker Rick Peels verbaasde mij evenzeer, alleen dan de positieve kant op. Met scherpe opmerkingen en antwoorden kon hij goed opboksen tegen Philipse die zich hier toch al zo’n twintig jaar mee bezig houdt. Het publiek kon merken dat de twee aan elkaar gewaagd waren en als Paas zich ermee begon te bemoeien merkte je al snel dat Philipse soms in het nauw kwam.

De avond eindigde met een klein half uurtje vragen stellen, waar alle vier de heren antwoorden op konden geven.

Hoewel je geen duidelijke winnaar kon toewijzen aan het einde van het debat denk en hoop ik dat het debat wel weer wordt opgepakt. Het niveau van het debat was zeker nog niet op het hoogtepunt. Het was hopelijk de aftrap van een hoop meer gesprekken die komen gaan. Ik hoop dat er serieuze geluiden van Nederlandse bodem mogen komen die verder gaan, of een andere weg inslaan, dan het evolutiedebat (wat nu terecht nog soms gevoerd wordt), maar over het debat of Godsgeloof redelijk (zo niet noodzakelijk) is.

Bekijk hier het debat terug: http://www.eo.nl/geloven/nieuws/item/live-nationaal-religiedebat/

Ruim 2 jaar terug heb ik al eens geschreven over de idee dat middeleeuwers dachten dat de wereld plat was. Dit is natuurlijk onzin en er zouden misschien mensen geweest zijn die dit geloofden, maar dat zal niet een wijdverspreid idee geweest zijn.

Ook vanuit de kerkgeschiedenis is er geen enkele aanwijzing dat mensen geloofden dat de wereld plat was. Vaak hoor ik het commentaar dat de kerk de wetenschap teruggehouden zou hebben door de mens dom te houden. De platte aarde zou volgens die mensen ook een strategie geweest zijn van de kerk om mensen onwetend te houden. Hoewel hier geen enkel bewijs voor te vinden is, hoor je toch nog vaak zo’n borreltafel-argument.

Grappig om te vermelden is dat er al in de vroege kerk een duidelijk beeld was van een ronde aarde. Zo heb je bijvoorbeeld een vijfde-eeuwse Traditio Clavium in een graf van ene Nemesius, waar Christus zittend op de wereldbol wordt uitgebeeld. Traditio Clavium betekend “overdracht van de sleutels” en werd vaak afgebeeld in een graftombe. Dit verhaal van de overdracht van de sleutels staat opgeschreven in Mattheüs 16 en is een van de bekendste verhalen in de katholieke kerk aangezien mensen vaak het pausschap hierop terug laten vallen.

Opvallend is dat de Traditio Clavium in het graf van Nemesius niet de enige is met Christus op een wereldbol. Op een mozaïek in Costanza staat ook een Traditio Clavium afgebeeld, waar Christus ook op een wereldbol zit. Deze afbeelding is gemaakt in het einde van de 4e eeuw, dus het was blijkbaar een normale manier van denken in de 4e en 5e eeuw dat de aarde rond was en voor christenen was het zeker normaal dat Christus daar boven stond. Hij heerste over de aarde, dus zat Hij op de aarde.

Christus heerst over de ronde aarde en dat geloofden ze in de middeleeuwen ook al.


De Traditio Clavium uit 370 in Costanza. Afbeelding afkomstig van wikipedia.

Nog precies een week en C.S. Lewis zou vijfenzestig jaar geworden zijn. Deze verjaardag zou hij niet meemaken. Vijftig jaar geleden – op 22 november 1963 overleed Lewis.

Clive Staples Lewis heeft een grote rol gespeeld in de christelijke wereld, maar ook buiten de christelijke wereld. Nog steeds worden er verfilmingen gemaakt van zijn bekende boekenreeks Narnia. Jack, zoals Lewis zich liever liet noemen, heeft een prachtig oeuvre achtergelaten. Hij schreef over geschiedenis, hij beschreef fantasieën, hij schreef kritische werken over de maatschappij en gedichten, maar bovenal schreef hij over God.

Biografie
Vanaf het moment dat Lewis kon schrijven, schreef hij samen met zijn broer, “Warnie”, fantasieverhalen. Hoewel het altijd een gelukkig gezin was, kwam er een zwarte deken over Lewis’ jeugd door het sterven van zijn moeder aan kanker. Hij verliest mede hierdoor zijn geloof en besluit atheïst te worden. Hij raakte nog meer geïnteresseerd in mythes en probeerde daar het diepe verlangen van vreugde te vinden.

Nadat hij gevochten had tijdens de eerste wereldoorlog studeerde hij af en werd hij al snel een filosofiedocent en later ook nog docent Engelse literatuur bij Magdalen Collega (Oxford).

Hij was één van de knappe koppen in Oxford en raakte al snel in contact met andere geleerden  zoals J.R.R. Tolkien (bekend van Lord of the Rings), Owen Barfield en Hugo Dyson.
Er werd al snel een groep gevormd die ze de Inklings (inktlui) noemden. Hier werden diepe, maar ook hele luchtige gesprekken gevoerd. Tolkien en Dyson hebben veel gesprekken met Lewis gevoerd, die uiteindelijk bijdroegen aan de bekering van Lewis naar het christendom.

Lewis zette zich vanaf dat moment in om het christendom uit te breidden en te verdedigen. Hij schreef vele apologetische werken, waar onversneden christendom zeker de bekendste van is, maar ook in zijn romans of kinderverhalen kwamen zijn ideeën over God naar voren.

Later trouwede Lewis met Joy Davidman, zodat ze in het United Kingdom zou kunnen blijven wonen. De dokters constateerden echter al snel hierna kanker bij Joy en ze wilden een “christelijk huwelijk” sluiten. Op 21 maart 1957 trouwden ze dan ook weliswaar in het ziekenhuis, maar wel door een dominee. Drie jaar later zou Joy sterven aan haar ziekte. Lewis’ leven stortte in. Hij schreef, onder een pseudoniem, een boek (verdriet, dood en geloof) waarin hij zijn twijfels, zijn boosheid openlijk opschreef. Ook in dit boek blijkt Lewis’ enorme belezenheid, maar vooral ook zijn grote geloof. Hij eindigt het boek met een Latijnse spreuk uit Dantes werk; ‘Toen keerde ze [Joy] naar de eeuwige fontein ’, waarmee hij doelde op God.

Lewis werd hierna al snel ziek. Op 22 november 1963 viel Lewis op de grond in zijn slaapkamer en zou hij in dit leven niet meer opstaan.

De wereld die hij schiep
Lewis is natuurlijk het meest bekend geworden door zijn Kronieken van Narnia. Hij leende hiervoor heel veel karakters uit de Griekse, Romeinse, Engelse en ook Ierse mythologie. In 5 jaar tijd had hij een wereld gecreëerd die zo populair werd dat er al twee verfilmingen van zijn, de boeken zijn ook vertaald in 41 talen[1]. In deze boeken probeerde Lewis fantasie een grote rol te geven. De verhalen zijn ook doorweeft met (woord-)grappen, diepzinnigheden en bovenal nadenkers. Lewis stond stil bij de schepping, waarin hij eigenlijk verwijst naar de schepping van deze aarde. Zo stond hij ook stil bij het einde waar hij ook weer heel erg veel verbanden trekt naar onze wereld. Zijn verhalen spreken nu nog miljoenen mensen aan. Dit wordt wederom bewezen doordat er nog steeds verfilmingen van zijn boeken plaatsvinden en er nog steeds nieuwe uitgaves van de boeken gedrukt worden.

Weetjes over Lewis

  1. 1. Hoewel zijn ouders hem Clive Staples noemde, wilde hij zelf “Jack” genoemd worden, wat zijn vrienden en familie ook altijd gedaan hebben.
  2. Veel christenen vinden het enorm mooi er zo duidelijk naar God verwezen wordt in Narnia. Tolkien vond dit maar niets, hij vond dat de diepere laag moeilijker te vinden moest zijn.
  3. 3. Hoewel Lewis vooral bekend is geworden vanwege zijn fictie, heeft hij toch ruim 3 keer zo veel non-fictie geschreven
  4. 4. Lewis stierf op dezelfde dag als John F. Kennedy en Aldous Huxley. Peter Kreeft hier een boek geschreven waar die drie zogenaamd in het directe hiernamaals een gesprek hebben over geloof.
  5. 5. Lewis was altijd bang dat zijn boeken verfilmd zouden worden, want “een mens, die Aslan uitbeeld zou voor mij blasfemie zijn” zei hij.

Wil je meer weten over C.S. Lewis dan kun je zijn boeken nog steeds halen bij de lokale (christelijke) boekhandel. Verder zijn er meerdere biografieën over hem geschreven onder de titel van “C.S. Lewis”, waarvan de nieuwste is geschreven door A. McGrath en de bekendste is geschreven door G. Sayer.


[1] Kelly, Clint, Dear Mr. Lewis, 2006

De laatste paar jaren komt de idee van apologetiek (geloofsverdediging) steeds meer op. Paas en Peels stellen eigenlijk in hun nieuwe boek eerst de vraag of dat wel nodig is en later beantwoorden ze enkele vraagstukken.

In het eerste gedeelte van het boek spreken ze lang en uitgebreid over de idee dat je God helemaal niet hoeft te bewijzen. Nergens worden zoveel argumenten gevraagd, alleen bij religie is het zo.
Ze stellen dus eigenlijk de wedervraag: “geloven, waarom niet?”. Hoewel dit nog niet erg overtuigend is gaan ze hier wel op verder. Er wordt namelijk beargumenteerd dat je niet alleen moet proberen om God te bewijzen. Als jij dit niet gelooft moet je ook argumenten hebben, vinden de schrijvers. Ze komen ook al snel met het argument dat religie of geloof bij de mens hoort. Dus eigenlijk hoef je niet echt argumenten te hebben om te geloven in een god.

Nadat ze een betoog hebben gehouden om te zeggen dat je geen argumenten nodig hebt en dat juist ongelovigen dit wel nodig hebben gaan ze juist op die argumenten van atheïsten in.

Hiervoor gebruiken ze een leuk schema, waarmee ze concluderen dat atheïsten borreltafel-, projectie-, A priori- en hypothese argumenten hebben. Ze noemen uiteindelijk 13 van deze argumenten, behandelen ze allemaal en verwijzen ook telkens goed door naar andere literatuur. Uiteindelijk concluderen ze dat geen enkel argument tegen het bestaan van God echt overtuigend is.

Als ze de idee van atheïsme onderuit hebben gehaald op basis van hun eigen argumenten komen ze met een gedeelte waarin ze aangeven dat leven zonder God praktisch onmogelijk is. Hier gaan ze met name in op de idee van de moraal en komen ze met argumenten dat de idee van goed en kwaad ergens gecreëerd moet zijn (lees: de idee van goed en kwaad moet door God gecreëerd zijn).

Ze besluiten het boek netjes met toch een vijftal argumenten voor het bestaan van God. Zoals het kosmologische argument, het idee van bewustzijn, de goddelijke ervaringen, de idee van wonderen en uiteindelijk komen ze met het ontologisch godsbewijs.

Ze concluderen dat er nog talloze andere argumenten zijn, “maar ergens moet het ophouden; dit boek is al dik genoeg”, aldus de schrijvers.

De kracht van dit boek is dat ze niemand willen bekeren met hun werk. Ze zeggen wel dat dit boek kan helpen met de gedachten hierover, maar het is veel meer een apologie die laat zien dat geloven ook redelijk is. Aan het einde van het boek  staat het je dan ook vrij om je verder te verdiepen in het onderwerp (er is genoeg literatuur in het notenapparaat), maar je kunt ook zeggen dat je het boek naast je laat liggen en gewoon verder gaan met je leven. Dat is tegelijkertijd ook de zwakte van dit boek. Het is een opsomming van veel bekende argumenten voor en tegen het bestaan van God.
In een interview (http://www.tukampen.nl/Nieuwsartikelen/Voor_wie_wil_weten_wat_daarboven_is__Rik_Peels_en_Stefan_Paas_over_%E2%80%98God_bewijzen%E2%80%99_en_meer.aspx?objectname=NewsShow&objectId=94) zeggen ze dan ook dat ze graag neutrale informatie in dit vakgebied toevoegen, zodat het gesprek beter openstaat. Want je hebt wel evangeliserende literatuur (ook van atheïsten), maar weinig neutrale basis zodat het gesprek openblijft.

Al met al is het een heel erg goed boek om te lezen. Zeker als jij je voor het eerst wil verdiepen in het onderwerp. Het boek is prettig leesbaar en daardoor kun je je snel door lastige filosofische stellingen heen werken. Om maar met de uitspraak van Atheïst Herman Philipse te eindigen: Het boek is “buitengewoon toegankelijk. Het zou mij niet verbazen wanneer dit on-Nederlandse argumentatieve boek veel weerklank vindt bij mensen van allerlei gezindten en de maatschappelijke discussie over geloofszaken naar een hoger plan tilt”.

God bewijzen is geschreven door Stefan Paas en Rik Peels. Dit boek is in 2013 uitgegeven bij uitgeverij Balans.

Steeds vaker komt de vraag voor of Jezus wel echt God zou zijn. Dit komt met name omdat we te veel vast houden aan ons beeld van monotheïsme of omdat we denken dat Jezus alleen mens was.

Meer dan één God is één

Eerst een paar voorbeelden waarin duidelijk wordt dat JHWH niet de enige God is (in de Drie-eenheid).

Hoewel er vaak wordt getwijfeld of het woord Elohim vertaald moet worden met “Goden” of toch enkelvoud “God”, lijkt dit er toch op te wijzen dat dat God meer is in een eenheid. Hetzelfde lijkt zo te zijn als je de Shema leest: “Luister, Israël! De HEERE, onze God, de HEERE is één!” (Deut. 6:4) Hier lijkt God te suggereren dat Hij de Enige God is, met meerdere aspecten.

Daarnaast begint de Bijbel al dat God meer is namelijk met “En God zei: Laten Wij mensen maken naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis”(Gen. 1:26). Later zegt God wederom: “Toen daalde de HEERE neer om de stad en de toren te zien die de mensenkinderen aan het bouwen waren,  en de HEERE zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn. Kom, laten Wij neerdalen en laten Wij hun taal daar verwarren, zodat zij geen van allen elkaars taal zullen begrijpen. Zo verspreidde de HEERE hen vandaar over heel de aarde, en zij hielden op met het bouwen van de stad.”(Gen. 11:5-8) God verwijst weer naar ons en later wordt er weer de Heere genoemd. Dus dit wijst er al op dat God meer dan één is. En dat Hij in deze meerderheid ook één is.

Later zien we nogmaals dat God tot zichzelf spreekt namelijk in Psalm 110:1 De HEERE heeft tot mijn Heere gesproken: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gemaakt zal hebben tot een voetbank voor Uw voeten. Jezus speelt later in Mattheüs 22 hier ook op in om Zijn goddelijkheid aan te tonen. Ook in Hebreeën 1:3 zien we dat dit om Jezus gaat.

Beloftes dat Jezus God en Messias zou zijn

In Zacheria 12:10 spreekt God al een belofte uit dat Hij doorstoken zal worden, wat we later terugzien bij Jezus. “Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.”.

Jesaja 9: 5-6 zegt: “Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op Zijn schouder. En men noemt Zijn Naam Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst. Aan de uitbreiding van deze heerschappij en aan de vrede zal geen einde komen op de troon van David en over zijn koninkrijk, om het te grondvesten en het te ondersteunen door recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid.”

Deze overbekende kersttekst wijst heel duidelijk op Jezus’ komst en voorspeld dus al dat hij de Sterke God zal zijn en dat Hij de Eeuwige Vader is!

In Jesaja 33 wordt er gezegd dat God ons zal redden en onze Rechter zal zijn: “De HEERE is immers onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning; Híj zal ons verlossen.“

En in het nieuwe testament zien we telkens weer dat we door Jezus gered zijn. Want door Hem ontvangen wij genade (Rom. 6:23)

Jezus verwijst naar zichzelf als God

Hoewel er heel erg veel punten zijn waar Jezus verwijst naar het feit dat Hij God is, wil ik er een paar uitlichten.

“Ik ben de opstanding en het leven.” (Joh. 11:25)

“Ik ben het licht der wereld.”(Joh. 8:12)

“Ik en de Vader zijn een.” (Joh. 10:30)

“Ik ben de Weg, en de Waarheid en het Leven.” (Joh. 14:6)

“Niemand komt tot de Vader dan door Mij.” (Joh. 14:6)

“Die Mij gezien heeft, die heeft de Vader gezien.” (Joh. 14:9)

“Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste.” (Openb. 22:13)

“Jezus zei tegen hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Vóór Abraham geboren was, ben Ik” (Joh 8:58)

Deze laatste gaat ervanuit dat Hij gelijk staat aan God. Door zich te verbinden aan het principe van Ik Ben. Dit was zo welbekend onder de Joden, Jezus maakte zich hier voor God uit en de Joden deden wat ze normaal gesproken ook zouden doen als iemand zich voor God uit zou maken. Ze zouden Hem willen stenigen!

Jezus verwijst hier namelijk naar Gods eigen naam, die zelfs niet in de mond werd genomen. Hier zegt Hij dat Hij dat is, waarmee Hij zich onmiskenbaar gelijkstelt aan God (vergelijk Exodus 3).

Jezus verwijst ook naar Zichzelf als goede herder (Joh 10:11), wat gelijk staat aan God (Psalm 23).

“Zo waren er nog veel meer claims dat Hij God zou zijn. Waardoor ik – met C.S. Lewis tot de volgende conclusie kom: “Hij zou ofwel een gek zijn – op het niveau van de man die beweert een gekookt ei te zijn – ofwel de Duivel van de Hel. Je moet een keuze maken. Of deze man was, en is, de Zoon van God; of hij was een gek of iets ergers. Je kan Hem opsluiten als een idioot, je kan naar Hem spugen en Hem als een demon opsluiten; of je kan aan zijn voeten neervallen en Hem Heer en God noemen.” Maar alleen een wijs of morele leraar was Hij zeker niet.” (geciteerd van eigen artikel Sporen naar God 9)

Anderen spreken over Jezus als God

De discipelen zeggen ook meerdere malen dat Jezus God is.

Nathanaël zei: “Rabbi, U bent de Zoon van God, U bent de Koning van Israël” (Joh 1:50)

‘Zij die in het schip waren, kwamen Hem aanbidden en zeiden: Werkelijk, U bent de Zoon van God!’ (Mattheüs 14:33)

‘En Thomas antwoordde en zei tegen Hem [Jezus]: Mijn Heere en mijn God!’ (Johannes 20:28)

Paulus predikte ook over de Heere Jezus Christus (Handelingen 28). Daarmee wordt aangetoond dat Lukas en Paulus Jezus dus ook als God zagen.

Stephanus bidt zelfs tot Jezus: “Heere Jezus, ontvang mijn geest.” (Hand. 7:59)

Paulus ziet Jezus ook als Schepper (Kol. 1) evenals Johannes (Joh. 1).

God zou ook mens worden

Vaak wordt er getwijfeld of Jezus wel God is, omdat Jezus een mens was. Een paar teksten helderen dit op. Johannes 1:14 zegt heel duidelijk: “Het Woord is mens geworden.”

En in de Fillipenzen-brief wordt het helemaal duidelijk waarom Hij dan mens is geworden:

“Laat daarom die gezindheid in u zijn die ook in Christus Jezus was, Die, hoewel Hij in de gestalte van God was, het niet als roof beschouwd heeft aan God gelijk te zijn, maar Zichzelf ontledigd heeft door de gestalte van een slaaf aan te nemen en aan de mensen gelijk te worden. En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader. “ Fillipenzen 2:5-7

Laat dan ook elke tong belijden dat Jezus Heer is!

Enkele andere leestips:

http://kiel0.home.xs4all.nl/is_jezus_god.htm

http://y-jesus.org/dutch/wwrj/3-is-jezus-god/

http://www.bijbelaantekeningen.nl/blog/2013/06/04/sporen-van-god-9-is-jezus-god/

Weet magazine bestaat drie jaar en mag D.V. binnenkort het 10.000-ste lid begroeten. Reden om te kijken wat de makers van Weet Magazine eigenlijk bezielt!

Geloof combineren met wetenschap

Het christelijke, populair-wetenschappelijke tijdschrift Weet Magazine bestaat drie jaar. Dat mag gevierd worden! Het blad groeit namelijk als kool, ook in crisistijd. De 10.000-ste abonnee mag binnenkort D.V.  worden begroet. Kennelijk is er bestaansrecht voor zo’n christelijk blad dat geloof en wetenschap combineert. Maar wat is dat bestaansrecht dan precies? Wat bezielt de makers van Weet Magazine? We vroegen het uitgever Ringer Otte en eindredacteur Johan Démoed.

Drie jaar geleden lanceerde Christelijke Tijdschriften, uitgever van het familieblad GezinsGids en BimBam, een nieuw populair-wetenschappelijk tijdschrift: Weet Magazine. Het magazine richt zich met name op studerende jongeren en jongvolwassenen, maar de praktijk leert dat er ook heel veel andere lezers zijn die het blad waarderen.
Weet Magazine verschijnt zes keer per jaar en telt standaard 52 pagina’s. Een jaarabonnement kost slechts €22,95. “Op die manier hebben we de kosten van het afsluiten van een abonnement laag kunnen houden. We moeten in deze tijden immers allemaal op de kleintjes letten”, licht eindredacteur Johan Démoed toe. “Een ander voordeel hiervan is dat je maar liefst twee maanden de tijd hebt om ervoor te zorgen dat de inhoud van Weet Magazine tot in de puntjes is verzorgd. Want het luistert heel nauw: we willen zo veel mogelijk proberen om foutjes te voorkomen. De lezer moet ervan uit kunnen gaan dat we geen onzin verkondigen. Daarmee staat of valt je bestaansrecht.”

Dubbele bodem
“De voornaamste doelstelling van het magazine is te zorgen voor kennisoverdracht, een stukje toerusting”, aldus uitgever Ringer Otte. „Andere populair-wetenschappelijke tijdschriften, zoals Kijk en Quest, gaan bij de uitleg van wetenschappelijke feiten uit van de evolutietheorie. Wij hebben een ander uitgangspunt. Wij zeggen niet dat we van een eencellige afstammen. Voor ons is het verslag in Genesis richtinggevend. We zijn creationistisch georiënteerd en nemen de Bijbel zoals hij is; van kaft tot kaft. Dat betekent dat we de feiten soms opnieuw moeten duiden. Die duiding is dan heel anders dan in seculiere bladen gebeurt. Dat maakt het voor abonnees juist ook interessant om Weet Magazine te lezen. De inhoud van ons blad vind je niet gauw terug in andere media. In die zin heeft de leus ‘brengt je bij kennis’ – wat de subtitel van Weet Magazine is – dus een dubbele bodem.”
Waaraan Weet Magazine tegenwicht wil bieden is dat binnen de reguliere wetenschap de evolutietheorie sterk overheersend is. “Het legt eigenlijk een claim op de waarheid”, aldus Otte. Démoed vult aan: „Daarom is het belangrijk dat wetenschappelijke aannames ook vanuit de Bijbelse visie worden belicht. De wetenschap schrijdt voort. Er worden steeds meer ontdekkingen gedaan; zowel op micro- als op macrogebied; achter de microscoop en telescoop, zeg maar. En die nieuwe feiten kun je vaak prima in een creationistisch kader passen; in onze ogen veel beter zelfs dan in een evolutionistisch kader. Denk bijvoorbeeld alleen al aan de complexiteit van de zweepstaart van een bacterie. Die bestaat uit een twintigtal verschillende onderdeeltjes. Als er eentje mist, werkt de staart niet meer. Om zo’n staart evolutionair te laten ontwikkelen – dus door een opeenstapeling van gunstig uitvallende foutjes – zou er ineens een fout moeten zijn opgetreden waardoor toevallig een werkende staart ontstaat, bestaande uit die twintig minuscule onderdeeltjes. Ja, wij zeggen dan: het geloof daarin moet minstens zo groot zijn als het geloof in een Ontwerper, die dit zo in elkaar heeft gezet.”

Geloofstoerusting
Démoed benadrukt dat het niet de bedoeling is dat Weet Magazine een soort anti-evolutionair tijdschrift wordt. „We willen zeker geen fundamentalistisch blad zijn, dat als enige doel heeft het gelijk van de Bijbel te bewijzen. Dat is niet ons primaire doel. Achterliggende gedachte is dat de Bijbel geen bewijs nodig heeft: het is immers het feilloze Woord van God. Wie zijn wij om daar iets aan toe te voegen? Wel plaatsen we wetenschap in een Bijbelse context, zonder de feiten daarbij geweld aan te doen natuurlijk. Onze artikelen hebben niet de teneur: ‘Zie je wel, de Bijbel heeft toch gelijk!’ De lezer mag zelf de conclusie trekken of de feiten bevredigend genoeg zijn om in de Bijbelse context passen. In die zin doen we ook aan een stukje geloofstoerusting. In gesprekken met andersdenkenden kun je beschrijvingen uit Weet Magazine prima gebruiken.”
De vraag is niet of de onderzoeksfeiten kloppen, vult Otte aan. „Daarover bestaat meestal geen twijfel. Het gaat erom dat er met die aannames een werkelijkheid wordt neergezet over iets waar vaak geen volledige duidelijkheid over bestaat. Ze zijn opgesteld vanuit een bepaald beginpunt, iemands wereldbeeld. Doorgaans is dat het atheïstische wereldbeeld; de evolutietheorie sluit daar naadloos bij aan. Het scheppingsmodel heeft in deze discussie wel degelijk recht van spreken. Helaas wordt er meestal niet voor gekozen om het vanuit die kant te belichten. In Weet Magazine doen we dat juist wel. Dat verklaart ons bestaansrecht in het veelkleurige medialandschap dat Nederland kent.”

De redactie van Weet Magazine gaat ervan uit dat de aarde relatief jong is en dat er sprake is geweest van een wereldwijde zondvloed. „Door deze insteek te nemen doen we in feite niets anders dan wat redacties van Kijk of Quest doen. Zij nemen hun geloof in de evolutieleer als uitgangspunt, wij ons geloof in de scheppingsleer. Het mooie is dat, bijvoorbeeld in de geologie, er tal van aanwijzingen zijn dat zo’n wereldwijde zondvloed zich ook echt heeft voorgedaan. Daar kun je eigenlijk niet onderuit”, aldus Démoed (zie onderstaand kader).

Vier zondvloedaanwijzingen

1. De zeespiegel is wereldwijd in het verleden minstens honderden meters hoger geweest dan nu. Daar is in de geologie algemene overeenstemming over.
2. De hoge zeespiegel leidde tot de afzetting van mariene (door oceanen afgezette) aardlagen op de continenten, die vaak grote delen van de continenten beslaan.
3. De aardlagen uit het Paleozoïcum en Mesozoïcum vertonen uniforme stroomrichtingen; ze zijn allemaal vanuit een bepaalde richting afgezet. De vorming van zulke patronen wordt tegenwoordig niet meer op aarde waargenomen.
4. De geologische processen (zoals sedimentatie, erosie, tektoniek en vulkanisme) hebben op dit moment een veel te hoge snelheid. Als je die hoge snelheid toepast op aardlagen uit het verleden, dan leidt dat tot een conflict met de veronderstelde ouderdom van deze aardlagen. Om een voorbeeld te geven: met de snelheid waarmee continenten nu eroderen zouden continenten binnen 35 miljoen jaar onder de golven zijn verdwenen, terwijl ze in de standaard geologische tijdschaal meer dan 500 miljoen jaar oud zouden moeten zijn.

Peer review
Aan het blad werken zo’n vijftig auteurs mee. Vaak zijn die afkomstig uit wetenschappelijke kring en schrijven ze over het onderwerp waarin ze zijn gespecialiseerd. De artikelen van Weet Magazine worden ook door deskundigen gelezen (peer review) voordat ze in het blad komen. “Dat kost best veel tijd, maar is noodzakelijk”, licht Démoed toe. “We willen er gewoon zeker van zijn dat de lezer iets voorgeschoteld krijgt wat klopt. Dat is ook wat God van ons vraagt. We moeten ons huiswerk goed doen voordat we over zulke onderwerpen schrijven en spreken. Of er zegen op het werk zal zijn, mogen we aan gelukkig aan God overlaten.”

Dit artikel verscheen eerder in aangepaste vorm in het Reformatorisch Dagblad.

Meer informatie over Weet magazine is hier te vinden.

Aan het einde van deze artikelenserie wil ik gaan terugkijken waarom God bestaat en waarom dit de God van de Bijbel is.

  1. De oneindigheid
    Kalaam Kosmologisch argument+eigen toevoeging:

    1. Als het universum oneindig was en zijn krachtbronnen niet (denk aan de zon!), zou elke energiebron al dood zijn (want die zouden anders al eeuwig branden!)
    2. De energiebronnen van het universum zijn echter niet dood (dat zien we omdat de zon nog brandt)
    3. Daarom is het heelal niet eeuwig
    4. Daarom had het heelal een begin
    5. Daarom heeft het heelal een eerste oorzaak gehad
    6. Die eerste oorzaak moet een oneindig iets zijn
    7. God is oneindig
    8. De eerste oorzaak van alles is God.
  2. Begin van het leven
    1. Als we gaan kijken of het spontaan ontstaan van de eerste levensvorm te controleren is met tests komen we tot de conclusie dat er in elke  test geen leven uit alleen RNA of een andere stof is ontstaan.
    2. Wel is er bekend dat er levensoorten kunnen ontstaan als je bepaalde levende cellen ergens in stopt.Dit lijkt een bewijs voor het atheïstische geloof dat leven uit zichzelf kan ontstaan, maar het pleit des te meer voor een schepper.
    3. Er is altijd een hogere hand nodig om aan het begin van een (evolutionaire) levenslijn te staan.
    4. De hogere macht die aan het begin van de levenslijn staat is God
  3. Evolutie of Schepping
    1. DNA bevat genetische informatie in de vorm van een taal.
    2. Deze genetische informatie is een voorbeeld van specifieke complexiteit (want het is het komt voor, het is complex en het is een specifiek voorbeeld).
    3. Gespecificeerde complexiteit kan niet uitgelegd worden op basis van kans of noodzakelijkheid, of in combinatie van hiervoor genoemde punten.
    4. Intelligente aanwezigheid is een bekende factor die specifieke en complexe  informatie produceerd.
    5. Daarom is de beste uitleg van DNA dat dit zijn oorsprong heeft gehad door toedoen van een schepper.
    6. De schepper van het DNA is God.
  4. Wonderen
    1. Wonderen zijn niet altijd bewezen
    2. Wel zijn er aanwijzingen dat er wonderen gebeuren of gebeurt zijn
    3. Wonderen zijn niet te verklaren door natuurlijke processen
    4. Dus moet er een hogere hand aan te pas zijn gekomen.
    5. God staat aan het begin van de wonderen.
  5. Lijden in de wereld
    1. Alle mensen nemen lijden waar
    2. Er is dus een bepaalde morele wet die bepaald dat er lijden is
    3. Elke wet heeft een wetgever
    4. Dus bestaat er een morele Wetgever
    5. Deze morele wetgever is God

  6. Behoefte naar God
    1. Iedere cultuur kent of zoekt een god
    2. Alles heeft een einde, dus moet het ook een begin hebben gehad. Daarom moet er iets hogers zijn dat een begin heeft gemaakt
    3. Iets dat volmaakt is, bezit alle goede eigenschappen. Bestaan is een goede eigenschap.  Als God wordt gekenmerkt door volmaaktheid, kan de eigenschap bestaan daar niet in ontbreken
    4. De wereld zit zo goed in elkaar, alles heeft een doel (zie bijvoorbeeld de cirkel van het leven), dat er wel een schepper gemaakt moet zijn
    5. Onze gedachten kunnen oorspronkelijk niet zonder God

  7. Bijbels monotheïsme
    1. Om te weten dat er één hoger Macht is moeten we overeenstemming door alles verweven zien.
    2. We weten dat er overeenstemming is in de natuur,
    3. We weten dat er overeenstemming is in het leven,
    4. We weten dat er overeenstemming is in de moraal
    5. Dus weten we dat er waarschijnlijkheid is van een enkele hogere Macht
    6. De Bijbel is historisch betrouwbaar
    7. De God van de Bijbel is de hogere Macht.

  8. Betrouwbaarheid van Jezus
    1. Nieuwe testament is betrouwbaar, omdat:
      1. i.     Het geverifieerd kon/kan worden
      2. ii.     Het zichzelf (andere schrijvers van het NT) bevestigt
      3. iii.     Het overeenkomsten van de omgeving/cultuur/tijd geeft
    2. Jezus heeft geleefd, dit is bevestigd door:
      1. i.     Bijbelse bronnen
      2. ii.     Buiten-Bijbelse bronnen
      3. iii.     Christelijke bronnen
    3. Jezus is hierdoor een reële kandidaat om God te zijn.
  9. Jezus is God
    1. Profetieën bevestigen de goddelijkheid van Jezus
      1. i.     Het is onmogelijk alle profetieën te vervullen
      2. ii.     Er was dus goddelijke ingreep bij nodig
      3. iii.     Jezus is God
    2. De claims van en over Jezus geven alleen de mogelijkheid om Jezus God te noemen of Hem gek te noemen.
      1. i.     Jezus was een gerespecteerd man
      2. ii.     Zelfs tegenstanders durfden hem niet voor gek uit te maken
      3. iii.     Dus wordt er goddelijkheid geclaimd
    3. Jezus is opgestaan uit de dood
      1. i.     Het graf was leeg
      2. ii.     Het verhaal van de bewakers bij het graf bevestigen de opstanding
      3. iii.     Iedereen kon dit controleren
      4. iv.     Jezus is aan meerdere personen verschenen
    4. Opstanding uit de dood is onmogelijk
      1. i.     Opstanding uit de dood is fysiek onmogelijk
      2. ii.     Dit kan alleen door een bovennatuurlijke macht
      3. iii.     Jezus is die bovennatuurlijke macht
    5. Jezus is God
  1. Waar wijzen de sporen heen?
    1. Sporen wijzen eenzijdig richting een enkele God
    2. De God van de Bijbel – Jezus –  voldoet hieraan
    3. De aanwijzingen zijn allemaal in een bepaalde richting
    4. Het is onwaarschijnlijk dat de aanwijzingen langs elkaar heen gaan
    5. In die bepaalde richting vinden we God
    6. Alle aanwijzingen richten dus op God
    7. Het is onwaarschijnlijk dat alle aanwijzingen zich richten op iets dat niet bestaat
    8. Dus God bestaat.

Aan het begin van deze artikelenserie zei ik dat God niet te bewijzen valt. Een jaar verder kom ik nog steeds tot dezelfde conclusie. Wel kom ik tot de conclusie dat je ook niet om God heen kunt. Je kunt Hem misschien niet zien met je ogen, maar je kunt Hem wel overal vinden. De wind zien we niet, maar we zien wel de bladeren die worden meegenomen door de wind, we voelen de wind waaien, we horen de wind suizen door de bomen, maar toch zien we het niet. Zo is het ook met God. We zien de dingen die Hij gemaakt heeft, we voelen zijn aanwezigheid wanneer we ervoor openstaan en horen Zijn stem roepen door de Bijbel.

Gods liefde spreekt door Zijn woord, en ware liefde hoeft niet bewezen te worden. En wie liet grotere liefde zien dan Hij die Zijn leven ervoor gaf?
Jezus is Heer! Zoek en je zult Hem vinden.

“Daarna zei Hij tegen Thomas: Kom hier met uw vinger en bekijk Mijn handen, en kom hier met uw hand en steek die in Mijn zij; en wees niet ongelovig, maar gelovig. En Thomas antwoordde en zei tegen Hem: Mijn Heere en mijn God! Jezus zei tegen hem: Omdat u Mij gezien hebt, Thomas, hebt u geloofd; zalig zijn zij die niet gezien zullen hebben en toch zullen geloven.” Johannes 20:27-29

In deze tiendelige serie wil ik komend jaar zoeken naar aanwijzingen of sporen van God.

Ik wil dit ook kritisch van beide kanten bekijken en ik nodig lezers ook uit om kritisch te kijken.

Ik zal bij elk artikel minimaal één bron noemen voor verdere verdieping.

Vorige keer hebben we stil gestaan bij het feit dat Jezus geleefd heeft. Wat mij betreft kun je daar niet omheen.

Zoals gezegd zullen we kijken of Jezus dan God was.

Als uitgangspunt neem ik een gedeelte van het citaat dat ik vorige keer gaf.

` Of deze man [Jezus] was, en is, de Zoon van God; of hij was een gek of iets ergers.` C.S. Lewis

Er zijn wat mij betreft 3 redenen om aan te nemen dat Jezus (de Zoon van) God was.
1. Profetieën uit het oude testament

2. Leven van Jezus getuigt van goddelijkheid

3. Opstanding uit de dood

Profetieën uit het oude testament

Er zijn tientallen – zo niet honderden – profetieën over de verwachte messias opgeschreven in het eerste deel van de Bijbel. De verlosser moest hier aan voldoen, om echt de messias te zijn. Sommige van deze profetieën kon hij zelf makkelijk vervullen (zoals dat de messias altijd de woorden van God gebruikt – Deut. 18) anderen waren onmogelijk om (zelf) bewust te vervullen (zoals de geboorte uit de maagd – Jes. 7:14)

Jezus zelf maakte ook aanspraak op de profetieën (Mat 5:17, Mat 21:42, Mar 13:26, Luk 4:20-21, Luk 24:44). Dit deed hij naast het feit dat ook de schrijvers over Hem nog meer profetieën in vervulling zagen gaan.

Voordat we gaan kijken naar enkele profetieën (in één artikel kun je helaas nooit stil staan bij alle profetieën over Jezus), wil ik eerst wat bekende struikelblokken uit de weg halen.

  1. De profetieën zijn pas na Jezus’ leven opgeschreven.

Er is geen enkele reden om dit aan te nemen. Sommige profetieën stammen al uit de boeken van Mozes, weer anderen uit de tijd van de profeten. Naast het feit dat deze boeken allemaal al waarschijnlijk voor 200 v.C. geschreven waren (dan ga ik uit van de laatste data die mogelijk zijn), weten we in ieder geval zeker dat ze voor(!) 50 v.C. vertaald zijn in de Septuagint. Dus dit kan nooit na Jezus zijn bedacht.

  1. Profetieën worden achteraf pas ingevuld

Dit klopt, maar dat neemt niet weg dat heel veel van deze profetieën wel al vooraf vast stonden. Dus ook al zouden er 10 (of 100) achteraf zijn bedacht, blijven er talloze profetieën van voor die tijd staan.

Ik zal enkele profetieën noemen en vertellen waar die vervuld zijn.

Profetie Vervulling
Zie, er komen dagen, spreekt de HEERE,

dat Ik voor David een rechtvaardige SPRUIT zal doen opstaan.

Hij zal als Koning regeren en verstandig handelen,

Hij zal recht en gerechtigheid doen op de aarde.

In Zijn dagen zal Juda verlost worden

en Israël onbezorgd wonen.

Dit zal Zijn Naam zijn waarmee men Hem noemen zal:

de HEERE ONZE GERECHTIGHEID.

Jeremia 23:5-6

Het geslachtsregister van Jezus Christus, de Zoon van David, de Zoon van Abraham.

Mattheüs 1:1

En u, Bethlehem-Efratha,

al bent u klein onder de duizenden van Juda,

uit u zal Mij voortkomen

Die een Heerser zal zijn in Israël.

Zijn oorsprongen zijn van oudsher,

van eeuwige dagen af.

Daarom zal Hij hen overgeven tot de tijd

dat zij die baren zal, gebaard heeft.

Dan zal de rest van Zijn broeders zich bekeren,

met de Israëlieten.

Micha 5:1-2

Toen nu Jezus geboren was in Bethlehem, in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het oosten kwamen in Jeruzalem aan.

Mattheüs 2:1

Ik zal een Profeet voor hen doen opstaan uit het midden van hun broeders, zoals u. Ik zal Mijn woorden in Zijn mond geven, en alles wat Ik Hem gebied, zal Hij tot hen spreken.

Deuteronomium 18:16

De menigte zei: Dat is Jezus, de Profeet uit Nazareth in Galilea.

Mattheüs 21:11

Op Hem zal de Geest van de HEERE rusten:

de Geest van wijsheid en inzicht,

de Geest van raad en sterkte,

de Geest van de kennis en de vreze des HEEREN.

Jesaja 11:2

En nadat Jezus gedoopt was, kwam Hij meteen op uit het water; en zie, de hemelen werden voor Hem geopend, en Hij zag de Geest van God als een duif neerdalen en op Zich komen.

En zie, een stem uit de hemelen zei: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!

Mattheüs 3:16-17

De HEERE heeft tot mijn Heere gesproken:

Zit aan Mijn rechterhand,

totdat Ik Uw vijanden gemaakt zal hebben

tot een voetbank voor Uw voeten.

Psalm 110:1

Hij, Die de afstraling van Gods heerlijkheid is en de afdruk van Zijn zelfstandigheid, Die alle dingen draagt door Zijn krachtig woord, heeft, nadat Hij de reiniging van onze zonden door Zichzelf tot stand had gebracht, Zich gezet aan de rechterhand van de Majesteit in de hoogste hemelen.

Hebreeën 1:3

Toen betaling geëist werd, werd Híj verdrukt,

maar Hij deed Zijn mond niet open.

Als een lam werd Hij ter slachting geleid;

als een schaap dat stom is voor zijn scheerders,

zo deed Hij Zijn mond niet open.

Jesaja 53:3

En toen Hij door de overpriesters en de oudsten beschuldigd werd, antwoordde Hij niets.

Mattheüs 27:12

Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene.

Zacheria 12:10

Maar een van de soldaten stak met een speer in Zijn zij en meteen kwam er bloed en water uit.

Johannes 19:34

Naast deze zijn er nog veel meer te noemen. Ik heb bij de bronnen een speciaal kopje over profetieën aangebracht.

Wat was de kans dat Jezus alle profetieën uit het oude testament zou vervullen?
Dit was ongelooflijk klein. Als je ziet hoeveel profetieën er zijn kun je een rekensommetje maken. Stoner heeft dit gedaan in zijn “Science Speaks”, maar de precieze kans krijg je toch niet, omdat de ene profetie makkelijker te vervullen is. We kunnen dus niet, als meneer Stoner, zeggen dat de kans dat Jezus alles vervulde 1 op 10157. Opvallend is wel dat Stoner op dat getal uitkomt, terwijl hij maar 8 profetieën behandelt! Als je alle profetieën behandelt zou de wiskundige kans nog kleiner worden. Dus ondanks dat we er geen cijfer aan kunnen geven, want Jezus had invloed op sommige profetieën, kunnen we wel zeggen dat het enorm onwaarschijnlijk was dat dit bij iemand allemaal in vervulling ging.

Leven van Jezus getuigt van goddelijkheid
Ik geloof dat de daden van Jezus direct getuigen van Zijn goddelijkheid. Er waren natuurlijk vele andere wonderdoeners in de geschiedenis. Zo kennen we uit de Bijbel alleen al Paulus, Simon de Tovenaar en de apostelen. Wat maakt Jezus dan uniek?

Zijn wonderen zijn opgeschreven en daardoor ook bevestigd.
Iedereen had de christenen tegen kunnen spreken toen ze spraken of schreven over de wonderen, als die niet gebeurd waren.
Daarnaast werden de wonderen door meerdere personen (soms zelfs door 4) opgeschreven, waardoor het steeds betrouwbaarder wordt.

Jezus laat naast de wonderen ook steeds weer de boodschap van God zien, wat getuigt dat Hij heel dicht bij Hem leefde.

Naast dat Jezus ook dicht bij God leefde, leefde God ook dicht bij Hem. Er is opgeschreven dat een stem uit de Hemel zegt dat Jezus Zijn beloofde Zoon is. In wie God welbehagen heeft!
Zo wordt er vaker (ook door Jezus zelf) gezegd dat Jezus God is.

Claims van Jezus over Zijn Goddelijkheid:

-        ‘Bent U de Christus, de Zoon van de Gezegende?’
En Jezus zei: Ik ben het. En u zult de Zoon des mensen zien zitten aan de rechterhand van de kracht van God en zien komen met de wolken van de hemel. Toen scheurde de hogepriester zijn kleren en zei: Waar hebben wij nog getuigen voor nodig? (Markus 14:61-63)

-        Jezus zei tegen hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Vóór Abraham geboren was, ben Ik. (Johannes 8:58). Dit is natuurlijk een verwijzing naar de naam van God: Ik Ben.

-        Filippus zei tegen Hem: Heere, laat ons de Vader zien en het is ons genoeg.
Jezus zei tegen hem: Ben Ik zo’n lange tijd bij u, en kent u Mij niet, Filippus? Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien; en hoe kunt u dan zeggen: Laat ons de Vader zien? Gelooft u niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is? (Johannes 14:8-10)

Claims van anderen over Jezus’ goddelijkheid

-        Zij die in het schip waren, kwamen Hem aanbidden en zeiden: Werkelijk, U bent de Zoon van God! Mattheüs 14:33 (zie ook: Mat 8:2, Joh 9:35-39)

-        En Paulus bleef twee volle jaren in zijn eigen gehuurde woning, en ontving allen die naar hem toe kwamen. Hij predikte het Koninkrijk van God en gaf onderwijs over de Heere Jezus Christus, met alle vrijmoedigheid, ongehinderd. (Handelingen 28:30-31)

-        En Thomas antwoordde en zei tegen Hem [Jezus]: Mijn Heere en mijn God! (Johannes 20:28)

Zo waren er nog veel meer claims dat Hij God zou zijn. Waardoor ik – met C.S. Lewis tot de volgende conclusie kom: “Hij zou ofwel een gek zijn – op het niveau van de man die beweert een gekookt ei te zijn – ofwel de Duivel van de Hel. Je moet een keuze maken. Of deze man was, en is, de Zoon van God; of hij was een gek of iets ergers. Je kan Hem opsluiten als een idioot, je kan naar Hem spugen en Hem als een demon opsluiten; of je kan aan zijn voeten neervallen en Hem Heer en God noemen.” Maar alleen een wijs of morele leraar was Hij zeker niet.

Opstanding uit de dood
We kunnen nooit bewijzen dat Jezus is opgestaan uit de dood. Het is namelijk fysiek onmogelijk. Daarom hebben veel mensen geprobeerd te zeggen dat Jezus nooit gestorven is aan het kruis. Hier wil ik nu niet op ingaan, dat heb ik destijds gedaan in dit artikel.

Toch zijn er weer heel erg veel aanwijzingen om aan te nemen dat Jezus opstond uit het graf.
Nogmaals moet ik het belang benadrukken dat ook dit veelvuldig is opgeschreven en ook gecontroleerd kon worden. Leuk om te noemen is dat zelfs Josephus dit noemt (zie vorige artikel), dus zelfs naast de Bijbel wordt dit bevestigd.

Daarnaast is het heel erg opvallend hoe de bewakers reageren bij het graf. Ze zeiden namelijk dat ze in slaap waren gevallen. Nu lijkt dit mij al erg onwaarschijnlijk, omdat het meerdere bewakers waren, en dat als ze in slaap vielen ze waarschijnlijk de doodstraf zouden krijgen (Mattheüs 28). Daarnaast was dus bij het Romeinse bestuur bekend dat het graf leeg was, dus dit was blijkbaar al gecontroleerd! Het was dus welbekend – en kon ook nagevraagd worden – dat Jezus niet meer in het graf lag waar Hij was begraven.

Naast dit feit verschijnt Jezus aan bepaalde mensen (in een levende vorm), wat erop wijst dat Hij was opgestaan.

Verschenen aan: Bijbeltekst(en)
Maria van Magdala Markus 16:9, Johannes 20:14
De vrouwen die terugkeren van het graf Mattheüs 28:9-10
Petrus (zelfde dag) Lukas 24:34, 1 Korinthe 15:5
Emmaüs-gangers Lukas 24:12-33
De apostelen zonder Thomas Lukas 24:36-43, Johannes 20:19-24
De apostelen met Thomas Johannes 20:26-29
Petrus, Thomas, Nathanaël en de zonen van Zebedeüs Johannes 21:1-23
Meer dan 500 gelovigen op de berg van Galilea 1 Korinthe 15:6
Jacobus en weer de apostelen 1 Korinthe 15:7
In openbaarheid toen Hij wegging Handelingen 1:3-12

Daarnaast werden christen vervolgd omdat ze geloofden in Jezus (zie bijv. Hand 6 en 7), dit zouden de mensen niet lang volhouden als ze er niet echt in geloofden en dit dus maar verzonnen.

Conclusie:
Ik kan niet anders dan tot de conclusie komen dat Jezus God was en is. Het is een feit dat Hij geleefd heeft op aarde, en er zijn zoveel aanwijzingen voor dat Hij God is, dat we daar denk ik niet omheen kunnen.

Volgende keer zullen we alle sporen samenvoegen.

Verder lezen:

Ik heb voor het rijtje van de verschijningen van Jezus vooral geput uit: Josh McDowell – The new Evidence that demands a verdict

Christelijk:

Boeken van Josh McDowel
C.S. Lewis – Mere Christianity (Onversneden Christendom)

Speciaal over profetieën over Jezus:

http://www.christipedia.nl/Artikelen/J/Jezus_Christus/Profetieen_over_Jezus_Christus (niet compleet)

http://www.ontdekjezus.nl/profetieenmessias.html

http://www.accordingtothescriptures.org/prophecy/353prophecies.html

http://sciencespeaks.dstoner.net/

Niet-Christelijk:

http://www.dbskeptic.com/2010/02/07/jesus-miracles-religious-myth-and-biblical-contradictions/

Zie vorig artikel voor Fox en Doherty

In deze tiendelige serie wil ik komend jaar zoeken naar aanwijzingen of sporen van God.

Ik wil dit ook kritisch van beide kanten bekijken en ik nodig lezers ook uit om kritisch te kijken.

Ik zal bij elk artikel minimaal één bron noemen voor verdere verdieping.

Zoals gezegd zou ik in dit artikel stilstaan bij Jezus, om te kijken of dit wijst naar God. Persoonlijk geloof ik dat de betrouwbaarheid van de persoon Jezus zo in elkaar steekt dat dit ook een enorm spoor richting God is!

Heeft Jezus bestaan?

Weinig historici twijfelen over het bestaan van Jezus, omdat het vrijwel zeker is dat er een historische Jezus heeft bestaan.

Wat is hier dan de bewijsvoering voor?

-        Het feit dat Hij 4 levensbeschrijvingen (evangeliën) heeft gekregen binnen honderd jaar.

-        Het feit dat er 27 boeken/brieven over Hem zijn geschreven.

-        Het feit dat er christelijke, maar ook niet-christelijke bronnen over Hem schreven.

Om te kijken hoe goed deze bewijsvoering is ga ik deze drie punten behandelen.

De evangeliën

Zijn de evangeliën, die zo uitvoerig over Jezus’ leven schrijven, wel betrouwbaar? Zo ja, waarom?

De evangeliën zijn in ieder geval op het punt van historiciteit betrouwbaar. We weten zeker dat ze voor 200 n.C. geschreven zijn en dus nog controleerbaar waren. Mocht iemand het niet met deze evangeliën eens zijn, dan kon diegene ertegenin gaan. Daarnaast zijn deze brieven waarschijnlijk al heel erg snel gekopieerd, omdat we anderen (zoals Paulus, maar later ook andere christenen) hieruit zien citeren.

Eusebius zegt zelfs dat er voor 200 n.C. iemand was die de boodschap van de evangeliën samenvoegde (Kerkgeschiedenis IV.29), dit betekend dus, dat de evangeliën al compleet waren, en dat ze ook al verspreid waren, tegen de tijd dat deze man dit samenvoegde.

Dat de evangeliën binnen een korte tijd na Jezus’ leven geschreven zijn bevestigd dat de schrijvers niets te verbergen hadden (in de Kerkgeschiedenis van Eusebius lezen we zelfs dat de schrijvers van de Bijbel ervoor wilden sterven), maar ook dat het geen mythe was. Ook de vorm is anders dan mythes. Zoals Lewis het eens prachtig verwoord heeft: “I have been reading poems, romances, vision-literature, legends, myths all my life. I know what they are like. I know that not one of them is like this [the Gospels].”

Daarnaast is de informatie die de evangeliën ook nog eens heel erg goed.

Zo zijn er talloze boeken geschreven over de betrouwbaarheid van Lucas alleen al. Hij staat er namelijk om bekend dat hij enorm nauwkeurig was in bijvoorbeeld het opschrijven in de titels van bepaalde personen, hij schreef belangrijke details op. Daarnaast geeft Lucas, naast een enorm goede beschrijving over Jezus, een heel goed tijdsbeeld. (zie voor een korte beschrijving: http://www.overgeloven.nl/bijbel/betrouwbaar-nt/3a-externe-bewijstoets/3b-archeologie/1d-nauwkeurigheid-lucas/)

De rest van het Nieuwe Testament

We beginnen weer gelijk met Lucas. Hij was ook al de schrijver van een evangelie, maar heeft ook een geschiedenis geschreven over het begin van de kerk. Hierin toont hij zich uiterst nauwkeurig, maar het opvallende is dat hij ook veel overeenkomsten heeft met Paulus. Fik Meijer zegt terecht dat we dus blij mogen zijn met het geschrift Handelingen (Paulus, p. 32).
Omdat Lucas zoveel overeenkomsten heeft met Paulus kunnen we in ieder geval zeker weten dat er twee getuigen waren van de geschriften. Paulus verstuurde zijn brieven naar verschillende kerken en deze teksten lijken zelfs ook weer verspreid te worden. Zo kunnen wij er zeker van zijn dat de boodschap van Jezus door de hele Bijbel verspreid werd. En dat dit ook getoetst kon worden, wat het weer extra betrouwbaar maakt.

Ook kunnen we de boodschap toetsen in het licht van de evangeliën en dan blijkt dat, ondanks Paulus soms een andere richting inslaat, er enorm veel overeenkomst is tussen de christelijke bronnen.

Overige bronnen

Toch wordt er nog steeds vaak getwijfeld aan het bestaan van God, omdat er geen of weinig buiten-bijbelse bronnen zijn die spreken over Jezus.

Historicus Fik Meijer zegt zelfs: “Er is slechts één niet-christelijke tekst die ons nadere informatie verschaft over de historiciteit van Jezus”, een tekst van Josephus. (Paulus, p. 32). Ik zal hieronder desbetreffende, maar ook andere teksten, tonen om te laten zien dat het verhaal van Jezus toch wel betrouwbaar is.

“In die tijd leefde Jezus, een wijs man, voor zover het geoorloofd is hem een man te noemen. Hij verrichtte namelijk daden die onmogelijk geacht werden, en hij was leermeester van mensen die met vreugde de waarheid tot zich namen. En veel Joden alsook velen van de Grieken bracht hij tot zich. Hij was de Christus. Ook nadat Pilatus hem op aanwijzing van de eerste mannen bij ons de straf van het kruis had opgelegd, gaven zij die het eerst in liefde waren gaan leven niet op. Hij was namelijk aan hen verschenen op de derde dag, opnieuw levend. De goddelijke profeten hadden die dingen en ontelbare andere wonderlijke dingen over hem gezegd. Tot op de dag van heden is de naar hem genoemde groep van de christenen niet verdwenen.” Josephus – Joodse oudheden (18:63,64)

Hoewel er veel getwijfeld wordt of deze tekst wel echt zo is opgeschreven, is dit een bron uit de eerste eeuw die in ieder geval over Jezus spreekt.

“Christus, de oprichter van de naam [christenen], was ter dood veroordeeld door Pontius Pilatus, procurator van Judea tijdens de regering van Tiberius”. Tacitus – Annalen XV, 44 (eigen vertaling vanuit het Engels). Deze bron is geschreven aan het begin van de 2e eeuw.

Ook hier wordt Jezus als Christus apart neergezet en wordt er zelfs bevestigd dat Hij door Pilatus is veroordeeld.

Een leuk feitje hierbij is dat F.F. Bruce zegt dat Pilatus in geen enkele andere contemporaine, heidense bron wordt genoemd.

Er waren in de tweede eeuw zelfs al mensen die er de spot mee dreven.

“Weet je, de christenen aanbidden een man tot op deze dag – het beroemde personage die hun rites introduceerde en daarvoor was gekruisigd.” Lucianus van Samosata – De dood van Peregrine 11-13 (eigen vertaling vanuit het Engels)

Daarnaast noemt ook een historicus de Christus i.v.m. een oproer, maar dit is slechts een verwijzing naar het christendom.

“De Joden die, opgehitst door de agitator Chrestus, voortduren ongeregeldheden veroorzaakten, verdreef hij uit Rome.” Suetonius – Keizers van Rome, Claudius 25

Daarnaast zijn er nog enkele verwijzingen, die in het oogpunt van deze artikelenserie minder belangrijk zijn, te vinden bij de volgende schrijvers:
Plinius de Jongere – Brieven 10

Thallus die geciteerd wordt in Africanus’ Chronografie (18.1)

Mara ben-Serapion die spreekt over de “wijze Koning” van de Joden.

De Talmoed beledigt Jezus. Sanhedrin 43.

Maar waarom zouden we alleen niet-christelijke bronnen noemen? Er zijn ook talloze christelijke bronnen (denk aan bijvoorbeeld Clemens van Rome, Ignatius, Quadratus, aristides, Justinus de Martelaar, Hegesippus uit de eerste twee eeuwen).

Conclusie

Op basis van al het bronnenmateriaal kun je maar tot één conclusie komen. Jezus heeft geleefd.
Ook de waarschijnlijkheid dat de Bijbel een betrouwbaar beeld geeft van Jezus bestaat. Dit bevestigd voor ons het beeld dat God te vinden is in de boodschap van de Bijbel.

Volgende keer zullen we stilstaan met de vraag of Jezus dan ook God was. Ik eindig met een voorproefje die Lewis ooit gaf.

“Ik probeer hier te voorkomen dat iemand de werkelijk dwaze uitspraak doet die mensen vaak over Hem doen: ‘Ik ben bereid om Jezus te accepteren als een groots moreel leraar, maar ik accepteer niet zijn claim dat Hij God is.’ Dat is de éne uitspraak die we niet kunnen doen. Een man die niets meer was dan dat, een man, maar die het soort dingen zei die Jezus zei zou geen groots moreel leraar zijn. Hij zou ofwel een gek zijn – op het niveau van de man die beweert een gekookt ei te zijn – ofwel de Duivel van de Hel. Je moet een keuze maken. Of deze man was, en is, de Zoon van God; of hij was een gek of iets ergers. Je kan Hem opsluiten als een idioot, je kan naar Hem spugen en Hem als een demon opsluiten; of je kan aan zijn voeten neervallen en Hem Heer en God noemen. Maar laten we niet beginnen met die neerbuigende onzin over wat een groots menselijk leermeester Hij was. Hij heeft die optie niet aan ons opengelaten. Dat was niet zijn bedoeling.” C.S. Lewis – Onversneden Christendom (boek 2 hoofdstuk 3)

Verder lezen:

Ik heb voor de vorm vooral geput uit: Josh McDowell – The new Evidence that demands a verdict

Christelijk:

Lee Strobel – Bewijs genoeg

Eusebius – Kerkgeschiedenis

P. Maier – Josephus on Jesus

Niet-Christelijk

E. Doherty – The Jesus Puzzle (schijnt vernieuwd en uitgebreid te zijn in Jezus; Neither God nor man)

Werken van Robin Lane Fox (verschillende werken spreken hierover)

Meer over Josephus en zijn “Jesus account”: http://stephanhuller.blogspot.nl/2010/08/which-josephus-is-closer-to-original_9419.html

« Older entries