Pseudo-Wetenschap

You are currently browsing articles tagged Pseudo-Wetenschap.

Bijbelcode en Jesaja 53

Al eerder is er op deze website geschreven over de Bijbel-code of Equidistant Letter Sequence (E.L.S.) en aangetoond dat deze grote onzin is. Niet alleen is toen aangetoond dat dit verschijnsel, het vinden van woorden door letters welke men horizontaal, verticaal, diagonaal aan elkaar verbind, al dan niet door letters welke op een bepaalde afstand van elkaar staan met elkaar te verbinden (bv. om de 50, 75 of 346 letters), ook in andere boeken voorkomt maar ook dat er grote problemen zijn welke grondtekst je gebruikt.

Om die reden zijn we bezig geweest om de passage van Jesaja 52:13-53:12 van de bekende Dode Zee-rol Jesaja (1QIsaa) te vergelijken met de Masoretische tekst (Biblia Hebraica Stuttgartensia). In deze 15 verzen bleken op letterniveau al meer dan 115 (!!) verschillen te zijn. Deze 115 verschillen zorgen ervoor dat de vermeende patronen van een Bijbel-code verschuiven en nutteloos zijn. We moeten ons dan ook afvragen dat als er al zoveel verschillen zijn met een Dode Zee-rol die het dichtst bij de Bijbelse periode staat, hoe kunnen dan de aanhangers van de E.L.S. stellen dat hun bevindingen waar zijn. Waar zijn hun bewijzen dat hun “grondtekst”, de Koren-editie, de correcte is? Zijn er oudere grondteksten die overeenkomen met deze editie? Of hebben ze zonder onderzoek geponeerd dat dit de enige correcte editie is?

U kunt de verschillen nazien, door vanaf Jesaja 52:13 te kijken bij de “vertaalnotities”.

Tags:

Moderne valse profeten

In de Bijbel lezen we meermalen over valse profeten en altijd weer blijkt dat deze een boodschap brengen die aantrekkelijk is en door de goegemeente snel wordt aangenomen, maar ook dat iedere keer weer het niet woorden van God zijn en dat ze hun toehoorders alleen maar verder van God trekken. Hebben sommigen het idee dat deze profeten alleen maar in Bijbelse tijden leefden, dan zien ze over het hoofd dat ook tegenwoordig een grote groep predikers zijn die hun gemeenteleden allerlei leugens, al dan niet verpakt in mooie woorden, verkondigen. Er zijn verschillende soorten van dit soort predikers die allemaal hun eigen stokpaardjes hebben.

De critici
Als eerste heb je de critici en die het makkelijkst zijn te herkennen. Bij alles wat in de Bijbel staat stellen ze vraagtekens, met geleerde woorden stellen ze dat het eigenlijk niet zo is, dat er iets anders wordt bedoeld of dat de geschiedenis heeft geleerd dat het nooit heeft plaatsgevonden. Volgens hen heeft God niet de aarde en het universum geschapen, omdat er wetenschappelijke theorieën zijn die zeggen dat dit niet zo is. Dat nog nooit mensen uit de dood zijn opgestaan en derhalve dat Jezus ook niet is opgestaan. Dat er honderden getuigen waren, zien ze als niet relevant, bestempelen het als massahypnose of misleiding. Sommigen van hen betogen zelfs dat, omdat er geen wetenschappelijk bewijs is voor God, God dus niet bestaat.

De anti-theologen
Dan heb je een grote groep die zich afzetten tegen de theologen, maken vaak het grapje dat Theo loog, en verkondigen dat wat theologen over de Bijbel zeggen niet waar is. Ze vinden dat met de traditie (wat dat dan ook is) gebroken moet worden. Omdat ze vaak zelf geen goede opleiding hebben genoten, niet de grondteksten lezen, voelen ze zich direct aangevallen als ze gecorrigeerd worden en roepen dan dat deze theologen het Griekse denken aanhangen (wat ze daar dan ook mee bedoelen). Hun stellingname is dat de Grieken door en door heidens waren, dat zelfs hun taal heidens is en dat nooit het Woord van God in deze verachtelijke taal geschreven kan zijn. Ze wijzen dan naar originele bronnen, die soms pas in de Middeleeuwen of nog later zijn ontstaan, en wijzen bijna het gehele Nieuwe Testament af omdat die besmet is door een goddeloze taal. Ze komen met het idee dat in de Bijbel een geheime boodschap staat, welke alleen aan hen is openbaart.

De onheilsprofeten
Er is ook nog een categorie onheilsprofeten, de afgelopen tijd hebben we ze veel gehoord dat het Einde der Tijden is aangebroken en dat de grote Oordeelsdag eraan kwam. Ze wisten het precies op welke dag het zou gebeuren, ook al verplaatsten ze meermalen de dag, omdat God zich vergist zou hebben. Nu blijkt dat deze Oordeelsdag definitief nog niet is gekomen, zien we deze onheilsprofeten met net zoveel inspanning zich bezighouden met andere zaken. Niet alleen Pasen, Kerstmis, Pinksteren, Goede Vrijdag zijn heidens, maar ook het vieren van ieder ander soort feest, of het nou een verjaardag is, een bruiloft, of een kinderfeest, het is allemaal heidens en als je je daarmee bezig houd dan dien je de satan en ben je geen christen.

Als deze “profeten” gaan waar dat maar mogelijk is discussies aan, zijn keihard als mensen om hun ideeën afwijzen en wensen ze in mooie bewoordingen naar de hel, ook al geloven sommigen daar niet in, want ze weten dat ze zich hebben ingedekt met de alverzoeningsleer (en daarom het verlossingswerk van Jezus denken niet nodig te hebben), die op net zoveel drijfzand is gebaseerd als al hun andere woorden. Helaas blijkt dat ze met hun woorden veel christenen misleiden, bang maken dat die nog feesten of bijzondere dagen herdenken, dat ze nauwelijks nog in het Woord van God durven te lezen omdat ze niet weten of dit nog wel het woord van God is, nee liever lezen ze op aanraden van deze profeten de boeken die zij hebben uitgegeven.

Het is door deze “profeten”, dat er een nieuw fake-christendom ontstaat, wat helemaal niets meer te maken heeft met het echte christendom. Het doel van deze “profeten” om de herinnering aan de geboorte van Jezus op deze aarde zo snel mogelijk te vernietigen, net zoals het hun doel is om het lijden van Christus te verdoezelen en nog meer dat Hij is opgestaan. Deze profeten willen niet dat christenen in de Bijbel lezen “Maar ontwijk profaan, ijdel gepraat. Want zij zullen steeds meer in goddeloosheid toenemen” (2 Tim. 2:16), Willen niet dat christenen weten dat er “vele valse profeten zullen opstaan, en dat velen door hen verleidt zullen worden” (Mat. 24:11)

Wat te doen?
Als eerste laten we de oproep welke in de Bijbel staat serieus nemen “Laat u niet meeslepen door veelsoortige en vreemde leringen” (Hebr. 13:9), en dat kan alleen als je de Bijbel zelf leest en bestudeert, we moeten onze Geestelijke Wapenuitrusting aandoen (lees maar eens de brief aan de Efeziërs) en optreden tegen deze valse profeten, hen de mond snoeren tijdens de diensten, hen duidelijk maken dat ze niet namens God spreken, maar dat ze grote onzin vertellen en de toehoorders misleiden. We weten dat dit soort valse profeten zouden komen, dus laten we er alert op zijn en ons niet door hen misleiden.

Tags: ,

Een missend jaar…

Iedere zichzelf respecterende pseudo-wetenschapper, charlatan of anderen die niet de moeite nemen om wetenschappelijke feiten te onderzoeken zullen erkennen dat de mensen die niet bij de NASA werkten ooit tijdens hun berekeningen merkten dat er een dag miste. Hiermee hadden ze de uitvoerige berekeningen bevestigd van Prof. Dr. Harry Rimmer die in zijn boek “The Harmony Of Science And Scripture” (1936) hierover uitvoerig had geschreven en het weet aan de zonstilstand tijdens Jozua.

Maar wat is nou een dag zul je zeggen, stel je voor dat er veel meer gaten in de geschiedenis zitten, bijvoorbeeld hoe erg zou het wel niet zijn als er een compleet jaar gemist zou worden. Een grote leemte in de geschiedenis, waar de grote computers van de NASA zeker op zouden crashen. En wat te denken van al die arme scholieren die tijdens hun geschiedenisles te horen zouden krijgen dat ze over één jaar niets kunnen leren omdat dit jaar verdwenen is, zomaar uit de geschiedenis. Ik voel met u mee, nu ook u begint te vermoeden dat uw geheugen u in de steek laat en denkt “mis ik een jaar”? Wanneer dan, ik kan het me niet herinneren. Begin ik al te dementeren?

En toch, in mijn zoektocht door de geschiedenis kwam ik een jaar tegen wat wordt gemist. Ik twijfelde er nog aan of ik hierover zou schrijven, maar de waarheid moet worden verteld. Het was ten tijde van Noach die tijdens zijn leven de ark bouwde en daarmee klaar kwam op de 17de dag van de tweede maand toen hij 600 jaar was (Gen. 7:11), hij stapte toen voldaan van het harde werken in zijn nieuwe ark. Na ruim een jaar heerlijk rondgedobberd te hebben (Gen. 8:14) ging hij weer uit de ark en leefde nog 350 jaar (Gen. 9:28) en stierf op de gezegende leeftijd van 950 jaar (Gen. 9:29). Wat, zegt u, 950 jaar!!! Maar 600 + 1 + 350 is toch 951 jaar? Inderdaad u heeft de verschrikkelijke leemte in de geschiedenis gevonden.

Nu we deze verschrikkelijke waarheid hebben gevonden, hebben wij de plicht om dit niet te vertellen aan iedere zichzelf respecterende pseudo-wetenschapper, charlatan of anderen die niet de moeite nemen om wetenschappelijke feiten te onderzoeken. Want voor je het weet hebben ze boeken vol geschreven, honderden zo niet duizenden websites gevuld over dit missende jaar en zijn er enkele niet bij de NASA werkende geleerden die dit in hun berekeningen hebben bevestigd.

Tags: , ,

De laatste tijd krijg ik weer veel emailtjes binnen naar aanleiding van eerdere artikelen dat echte bloedmanen zeer zeldzaam zijn en dat het nog zeldzamer is als die op een Joodse feestdag vallen. Vandaar dat ik maar weer eens een poging doe om een en ander uit te leggen.

Maansverduistering

In de Bijbel wordt op verschillende plekken, zoals in Joël gesproken over de bloedrode kleur van een verduisterde Maan. Hoe komt dit? Tijdens een totale Maansverduistering duikt de Maan helemaal in de kernschaduw van de Aarde. De kernschaduw (umbra) is het binnenste deel van de schaduw van een hemellichaam, waar in het geheel geen zonlicht meer in doordringt. Toch blijft de Maan zichtbaar door een zwak roodachtig licht, dit komt door het feit dat het zonlicht in de aardatmosfeer naar de kernschaduw wordt gebogen. De Aarde functioneert als een gigantische prisma, waar de blauwe straling via de breking wordt tegengehouden. De rode, straling wordt het minst gehinderd en bereikt de Maan.

Danjon-schaal

De helderheid van een maansverduistering worden geschat aan de hand van de Danjon-schaal, die werd ontworpen door de Franse astronoom Danjon. Hierin worden de kleur en helderheid van de totaal verduisterde maan als volgt omschreven:

  • L=0. Zeer donkere verduistering. Vooral bij het centrale deel van de aardse slagschaduw is de maan nauwelijks zichtbaar.
  • L=1. Donkere verduistering. De maan is donkerbruin of grijsachtig getint en er zijn nauwelijks oppervlaktedetails te zien.
  • L=2. Donkere, dieprode maan. Het centrum van de slagschaduw is veel donkerder dan de oranje-achtige rand.
  • L=3. Heldere verduistering met een steenrode kleur. De rand is nu geelachtig getint.
  • L=4. Zeer heldere verduistering. De maan is koper-rood of oranje-rood van kleur en heeft een heldere, blauwe rand.

Voor het bepalen van de helderheid aan de hand van de Danjon-schaal moet ook rekening worden gehouden met factoren zoals de hoogte van de maan boven de horizon en de doorzichtigheid van de lucht. Over het algemeen kan men van een bloedmaan spreken als de schaal tussen de 1 en de 3 is,. Gaat men uit dat een maansverduistering bloedrood wordt bij een magnitude van 1 of hoger dan is in de periode vanaf 1960 tot 2015 ruim 37% een bloedrode maan. We mogen dan ook concluderen dat een “bloedmaan” niet zeldzaam is.

Joodse feestdagen

De Joodse kalender is een maankalender en om onder andere die reden vallen veel Joodse feestdagen samen met volle maan. Een maansverduistering ontstaat ook bij volle maan en het is dan ook logisch dat deze kunnen samenvallen. De vraag is echter hoe vaak dat gebeurd, daarom heb ik voor een aantal recente maansverduisteringen gekeken of die samenvallen met een Joods feest, ik heb niet alle Joodse feestdagen vergeleken omdat de tijd mij ontbrak dus de lijst is verre van compleet. Maar we zien toch dat er een stuk of 10 de afgelopen vijftig jaar zijn voorgekomen, waarvan slechts één niet in de categorie “bloedmaan” valt. Daarnaast heb ik een viertal verduisteringen meegenomen die vallen op de 14 Tishri welke ook een Joodse feestdag is. We mogen dus concluderen dat dus ruim 14 verduisteringen samenvielen met een Joodse feestdag en het kunnen er nog meer zijn, als we alle feestdagen gaan vergelijken. Het is dus geen zeldzaam verschijnsel en het is ook geen zeldzaam verschijnsel als er een bloedmaan op een Joodse feestdag is.

1948 4 23 Pesach, maansverduistering
1950 4 2 Pesach, maansverduistering
1967 4 24 Pesach, maansverduistering
1967 10 18 Maansverduistering, Tishri 14
1968 4 13 Pesach, maansverduistering
1968 10 6 Maansverduistering, Tishri 14
1986 4 24 Pesach, maansverduistering
1986 10 17 Maansverduistering, Tishri 14
1995 4 15 Pesach, maansverduistering
1996 4 4 Pesach, maansverduistering
1996 9 27 Maansverduistering, Tishri 14
2005 4 24 Pesach, maansverduistering (geen bloedmaan)
2014 4 15 Pesach, maansverduistering
2015 4 4 Pesach, maansverduistering

Tags: , ,

De afgelopen week was er op een Social Media forum de opmerking dat “hiep, hiep, hoera!” antisemitisch zou zijn. Dit naar aanleiding van een praatshow van Eva Jinek met schrijfster Sanne Terlouw een paar jaar geleden. Sindsdien komt deze opmerking regelmatig naar voren op internet en altijd in de vorm van onderstaande beweringen:

WAAROM GEEN HIEP HIEP HOERA???
Elke keer als je Hiep Hiep Hoera zingt of roept, doe je mee aan Jodenhaat. De uitdrukking is namelijk antisemitisch, aldus schrijfster Sanne Terlouw zondagochtend in de praatshow van Eva Jinek.
“Hiep-hiep’ komt van hep-hep. Er wordt gezegd dat toen de Romeinen Jeruzalem vernielden, zij als juichkreet riepen: Hep-hep, Jeruzalem is vernietigd”, aldus Terlouw. Terlouw legt verder uit: “H E P is eigenlijk een acroniem: H = Hierosolyma [Jeruzalem / Jeroeshalajim] E = Est [is] P = Perdita [verloren, vernietigd, ten gronde gericht, vergeten] Later wordt de kreet weer van stal gehaald als in 1814 in Duitsland antisemitische studentenrellen plaatsvinden. Dat waren de zogenaamde ‘hep-hep-rellen.”
Wat dit betekent voor verjaardagspartijtjes door heel Nederland valt nog niet te overzien.
—————————
De mensen die in Nederland wonen kennen de kreet “hiep hiep hoera” van bijvoorbeeld verjaardagsfeestjes. Oorspronkelijk komt deze kreet van de Romeinse keizer Hadrianus, die van 117 tot 138 A.D. regeerde. Hij ontzegde o.a. de Joden de toegang tot de bekende stad Israël en probeerde op een gegeven moment de Joden tot onderwerping te dwingen. Voor de Romeinse Senaat sprak hij de Latijnse woorden: “Hep! Hep!” HEP is een acroniem; de “H” betekent: “Jeruzalem,” de “E” betekent: “Est,” dus: “is” en de “P” betekent: “Perdita,” dus: “Verloren, vernietigd.” Terwijl de kruisvaarders vanuit Europa bezig waren met het aanrichten van een bloedbad in Jeruzalem, riepen ze o.a. “Hep! Hep!” (Jeruzalem is verloren!). De oorsprong van “hiep hiep hoera” komt van “hep hep,” waarop anderen riepen: “Hoera!”

Het klonk mij allemaal erg als volksetymologie en besloot het op te zoeken in een aantal woordenboeken en encyclopedieën en direct viel op dat dit werd tegengesproken, zelfs door Joodse encyclopedieën. Wel vermelden ze dat antisemitische studenten uit Wurzburg het voor het eerst zouden hebben gebruikt tijdens de zogenaamde HEP! HEP! rellen uit 1819 te Frankfurt-am-Main en langs de (Duitse) Rijn. Zij waren verbolgen omdat hun professor Brendel pro-Joods had geschreven. Deze antisemitische studenten, beweerden dat hun scandering “HEP” zou zijn afgeleid van “Hierosolyma Est Perdita“, maar zoals je van studenten kon verwachten gaven ze geen bewijsvoering hiervoor en het is zelfs zo dat pas enkele dagen nadat deze rellen waren begonnen de Engelse krant “The New Times” in 27 augustus 1819 voor het eerst melding maakt van deze uitroep en dat het zou zijn gebruikt door de kruisvaarders. Er wordt geen bron vermeld en Michael Fontaine die onderzoek heeft gedaan naar de herkomst, heeft tot nu toe geen oudere vermelding kunnen vinden, ook niet dat het door de Romeinen werd gebruikt.

Tussenwerpsels

De uitroep hiep, hep, he of hed komt wel eerder voor en opvallend is dat het in bijna alle talen voorkomt. In het Nederlands ze we , al terug in 1612, terwijl in het Engels hurra(h) reeds in 1686 als een zeemanskreet voorkomt en in het Duits wordt het teruggevonden als een kreet die gebruikt werd om het vee op te drijven. Het vermoeden is dat ze al veel eerder voorkwamen. Nicoline van der Sijs verklaart dan ook dat dit logisch is omdat het een zogeheten tussenwerpsel is. Tussenwerpsels hebben geen grammaticale functie; ze staan los van de rest van de zin waar ze in staan, en kunnen ook als zelfstandige uitroep fungeren: Hallo!, Toe maar!, Tss. Veel tussenwerpsels zijn klanknabootsend gevormd: kukeleku, dingdong, pfiew. Dit zijn nabootsingen van geluiden van mensen, dieren, voorwerpen en bewegingen.

Ook woorden als he, hep, hiep en hoera behoren tot deze categorie en komen dan ook voor in oude bronnen, zonder enige connectie met de kruisvaarders of de Romeinen.

Bijbel

Het is dan ook niet verwonderlijk dat we in de Bijbel ook uitroepen tegenkomen die een vergelijkbare strekking hebben. Bijvoorbeeld in Job 39:28: “In het volle geklank der bazuin, zegt het: Heah!” En in Jesaja 44:16: “Hij zegt: Hei! ik ben warm geworden, ik heb het vuur gezien!” De Kanttekeningen bij de Statenvertaling geven “heah!”, “hei!” of “hejah!” als een uitroep van vreugde of een strijdkreet. Een heel mooi voorbeeld lezen we in Psalm 100:1 הָרִ֥יעוּ לַ֝יהוָ֗ה hārî‘û laJHWHjuicht den HEERE” wat letterlijk vertaald kan worden met “hoera voor de HEERE”. Voor een compleet overzicht waar deze woorden voorkomen in de Bijbel zie de verwijzingen naar Woordstudies onder het artikel “Uitroep van vreugde” op onze website.

Conclusie

Het is dan ook duidelijk dat deze woorden een lange historie hebben, die verder teruggaan dan de kruisvaarders of de Romeinen. Om die reden komt een verklaring, zoals die door schrijfster Sanne Terlouw wordt gegeven, erg ongeloofwaardig over en lijkt meer op volksetymologie. De enige antisemitische link is misschien met de pogroms uit de 19de eeuw, maar dat is nog geen reden om geen “hiep, hiep, hoera!” te roepen, want in Ezechiël 25:3 en 36:2 lezen we dat ook God zelf gebruik maakt van dit soort uitroepen.

Bronnen:

Tags: ,

Ik had al op de FaceBook pagina van onze website er aandacht aan besteed, maar de geleerde Dr William Hartmann, co-founder of the Planetary Science Institute in Tucson, Arizona heeft in een artikel van een toonaangevend blad gesuggereerd dat Paulus tot geloof is gekomen door een meteoor. Natuurlijk zijn er altijd kranten die het meteen overnemen voor waar en gelukkig zijn er ook weblogs die deze onzin beschrijven als “kwakgeschiedenis“, want dat is het gewoon.

Tegenwoordig zien we dat veel universitaire onderzoekscentra middelen zoeken om in de publiciteit te komen en op die manier gemakkelijk aan geld voor verder onderzoek. Het is dan makkelijk om de niet wetenschappelijk ingestelde media te overladen met dit soort berichten, wetend dat zij het niet zullen controleren. Het is jammer, want het laat eerder zien dat met liever niet bewijsbare onzin verkoopt, dan dat ze het grote publiek willen voorlichten met gedegen kennis over de stand van zaken in de wetenschap.

Mijn bedoeling was er niet over te schrijven, dat ik het toch doe is omdat ik me zorgen maak, want dit soort berichten kom ik steeds vaker tegen en steeds meer mensen nemen het klakkeloos aan. Terwijl als deze mensen zich iets zouden verdiepen in de materie direct zouden opmerken dat het onzin is. Soms denk ik dan ook dat men niet meer geïnteresseerd is in de waarheid, dat universiteiten niet meer geïnteresseerd zijn in de wetenschap, ongeacht welke wetenschappelijk richting dan ook. Met als gevolg dat er steeds meer pseudo-geleerden komen die hun goed verkopende onzin verkopen. Is het een kenmerk van het komende failliet van onze wetenschappelijke onderwijsinstellingen? Ik weet het niet, maar soms bekruipt mij dit gevoel wel. Hopelijk heb ik het bij het verkeerde eind en kunnen we vele jaren later over dit soort onzin lachen.

Tags:

Sinds Trouw op maandag 2 februari een interview afdrukte met dominee Edward van der Kaaij, die vertelde te hebben ontdekt dat Jezus niet heeft bestaan, zijn er historici die de krant de maat nemen. Ik ben een van die historici: nog op die maandag heb ik mijn wekelijkse stuk op de nieuwssite Sargasso benut om uit te leggen dat er iets mis was gegaan. Wat brengt een dominee op het idee dat Jezus niet bestond? Waar bemoeien historici zich mee? Wie zijn de verkondigde Jezus, de historische Jezus en de mythische Jezus? Wat is eigenlijk het probleem?

Hoezo, Jezus heeft niet bestaan?

Klopt. Jezus’ historiciteit staat niet ter discussie en heeft ook nooit ter discussie gestaan. Dominee Van der Kaaij is het slachtoffer van desinformatie. Hij is eerder beklagenswaardig dan boosaardig.

Oké, desinformatie dus. Maar waar komt die vandaan?

Dat is een lang verhaal. Het eerste wat je moet weten is dat je de Bijbel op verschillende manieren kunt lezen. Een gelovige zoekt in de oude teksten steun voor zijn geloof en inspiratie voor zijn leven. Hij neemt daarbij aan dat de Bijbel door God is geïnspireerd. Een historicus stelt andere vragen. Die wil weten hoe het vroeger is geweest en heeft geen oordeel over goddelijke inspiratie. De gelovige en de historicus hebben geen ruzie. Ze stellen slechts verschillende vragen.

Nu is het geen geheim dat de verhalen in de Bijbel elkaar soms tegenspreken. Zo sterft Jezus in het Evangelie van Marcus met het verwijt dat God hem heeft verlaten en sterft hij bij Johannes met een majestueus “het is volbracht”. Zo zijn er meer tegenspraken. De meeste gelovigen nemen die zoals ze zijn. Ze doen immers niet af aan de boodschap dat mensen elkaar lief moeten hebben.

Als de vraag desondanks acuut mocht zijn, kunnen gelovigen manieren bedenken om de informatie te harmoniseren. Ze kunnen bijvoorbeeld zeggen dat de zegslieden van Marcus en Johannes op verschillende plaatsen stonden en niet hetzelfde hoorden. Zo neutraliseer je het probleem.

Voor historici is zo’n inconsistentie geen probleem. Zij zien in de tegenspraken een aanwijzing voor de eigen boodschap van de evangelisten, voor hun persoonlijke visie. Johannes benadrukt Jezus’ goddelijke natuur, Marcus legt het accent op het onbegrepen lijden. Omdat ze andere accenten leggen, citeren ze andere laatste woorden.

Dat snap ik, maar ik begrijp niet wat dit heeft te maken met het niet-bestaan van Jezus.

Ik zei al dat het een lang verhaal werd. In de negentiende eeuw concludeerden namelijk steeds meer onderzoekers – theologen en historici – dat er wel erg grote verschillen waren tussen wat de kerken zeiden dat Jezus had geleerd en wat Jezus zélf had gezegd. Marcus vat bijvoorbeeld Jezus’ leer samen met ‘De tijd is aangebroken, het Koninkrijk van God is nabij: kom tot inkeer en hecht geloof aan dit goede nieuws.’ Het probleem is dat het Koninkrijk van God nog steeds niet is gekomen.

Je kunt nu instemmen met het christelijke argument dat de Kerk, als zij liefde betoont, in feite het Koninkrijk is. Misschien bedoelde Jezus dat ook. De joodse teksten uit die tijd kennen echter niet veel parallellen voor zulk taalgebruik. Als antieke joden spreken over het einde der tijden en “de wereld die zal komen”, is dat zelden een betoog over geïnstitutionaliseerde naastenliefde. Dit is een serieus probleem. Je kunt het aanduiden als het verschil tussen enerzijds de door de kerken verkondigde Jezus, die het onderwerp kan zijn van verering, en anderzijds de historische Jezus, een charismatische joodse timmerman-messias die het onderwerp is van geschiedkundig onderzoek.

Nog steeds zie ik niet wat dit met die dominee heeft te maken.

We zijn er bijna. Alle historici die Jezus-onderzoek doen, accepteren dat de evangelisten hun informatie zó selecteerden dat ze een theologisch punt konden maken. Het onderzoek is erop gericht de zo geboden informatie kritisch te beoordelen en onderscheid te maken tussen informatie die betrouwbaar is en informatie die meer zegt over de evangelist dan over Jezus. Zoals ik al zei hebben de meeste gelovigen hier niet zoveel moeite mee, omdat de liefdesboodschap niet in het geding komt.

Er is echter één groep christenen die er wel problemen mee heeft: degenen die geloven dat de Bijbel letterlijk waar is. Mensen dus die de Bijbel niet lezen als een historisch document dat in een antieke context is geschreven door auteurs met specifieke boodschappen, maar als een tijdloze tekst – Gods woord immers – die absoluut altijd waar is. Zulke gelovigen, die de nuanceringen van het historisch onderzoek niet accepteren, kunnen, als ze ontdekken dat de inconsistenties onoverkomelijk groot zijn, alleen een even absoluut standpunt innemen: als de Bijbel niet letterlijk waar is, is ze helemaal niet waar.

Als je dan afvraagt waar het christendom vandaan is gekomen, kom je, om redenen die ik nog zal noemen, al snel uit bij het verouderde negentiende-eeuwse idee dat het is afgeleid van andere, heidense godsdiensten en dat Jezus nooit heeft bestaan. Naast de verkondigde Jezus van de kerken en de historische Jezus hebben we rond 1900 even de mythische Jezus gehad. Die is nu terug van weggeweest.

Er is hierover al veel geschreven. Maurice Casey toont in zijn recente boek Jesus. Evidence and Argument or Mythicist Myths? aan dat degenen die geloven dat Jezus niet heeft bestaan, de “mythicisten”, bijna zonder uitzondering afkomstig zijn uit zeer behoudende christelijke gezinnen of hun informatie over het christendom hebben ontleend aan zulke behoudende kringen. Ik ken dominee Van der Kaaij niet persoonlijk, maar hij past in deze profielschets.

Oké, ik snap het. Voor dominee Van der Kaaij was óf alles waar óf niets. Lezen met aandacht voor de historische context en de specifieke boodschap was er niet bij. Maar zo iemand stuur je toch op bijscholing? Wat is nou het probleem?

Maar Van der Kaaij hééft zich bijgeschoold. Hij vond alleen de verkeerde boeken. Boeken waarin staat dat alle religie is ontstaan uit natuurgodsdiensten en dat het christendom een afgeleide is van de Osiriscultus.

En dat is niet waar?

Nee. Dat alle religie is ontstaan uit natuurgodsdiensten is een theorie van rond 1900. De invloed van Osiris – of Dumuzi, of Mithras, de lijst van veronderstelde heidense voorbeelden is nogal lang – verklaart veel minder dan Jezus’ joodse achtergrond. Dat weten we ook alweer een eeuw. Sinds de ontdekking van de Dode Zee-rollen weten we echter helemáál zeker dat het beeld in de evangeliën van Jezus’ leven en leer perfect past in de toenmalige context.

Goed: de dominee is een integere man die zich het hoofd breekt over de inconsistenties in de evangeliën, vervolgens een te radicale conclusie trekt en negentiende-eeuwse theorieën is gaan afstoffen. Houdt niemand dat tegen?

Opnieuw: nee. Het hedendaagse onderzoek in de geesteswetenschappen wordt slecht uitgelegd. Academici worden immers vooral beoordeeld op de aantallen wetenschappelijke publicaties en niet op de mate waarop zij hun inzichten overdragen aan de gemeenschap.

Terwijl er dus nauwelijks gedegen voorlichting is, biedt het internet allerlei verouderde informatie. Oude boeken worden bij tienduizenden tegelijk ingescand en zijn online gratis te vinden. Actuele, wetenschappelijke literatuur ligt daarentegen op betaalsites, waarna het principe opgeld doet dat bad information drives out good. Daardoor maken negentiende-eeuwse ideeën hun comeback. Je ziet het ook met bijvoorbeeld nationalistische geschiedbeelden.

Welnu, ruim een eeuw geleden is ook even geopperd geweest dat Jezus misschien een mythisch figuur was. In het Derde Rijk schijnen mensen te zijn geweest die liever helemaal geen Jezus hadden dan een joodse Jezus. Meer aanhang heeft de mythische Jezus in feite niet en Van der Kaaij citeert dan ook geen recente wetenschappelijke literatuur. Hij kent vooral Amerikaanse, niet-wetenschappelijke boeken en heeft vermoedelijk niet door hoe oud de daarin vervatte theorieën zijn.

Maar de PKN grijpt nu toch in?

Daar was inderdaad sprake van, maar het is ook tegengesproken. Ik volg de interne kerkelijke discussie echter niet zo. Ik ben historicus en de verspreiding van onzin is voor mij belangrijker.

Maar als het onzin is, verdwijnt het toch wel?

Niet dus. Dit denkbeeld heeft dankzij Trouw alle ruimte terug. Laat ik duidelijk zijn: Trouw mocht beslist aandacht geven aan de ophef rond Van der Kaaij. Die aandacht is echter – en dat is de kern van de zaak – geen reden om hem zo uitgebreid aan het woord te laten over zijn negentiende-eeuwse ideeën. Eén alinea zou genoeg zijn geweest maar Trouw bood hem een interview.

Nu kunnen, en mógen, kranten fouten maken. Als ze die maar herstellen en dat gebeurde niet. Minstens drie historici hebben Trouw gewaarschuwd, waaronder oud-VU-hoogleraar oude geschiedenis Bert van der Spek. Nu weten professoren heus niet alles, maar als iemand die er verstand van heeft de moeite neemt je te waarschuwen, spits je als redactie je oren. Trouw publiceerde op vrijdag 6 februari echter een hoofdredactioneel commentaar waarin de redactie stelde dat de discussie over Jezus’ historiciteit onbeslist was. Men hield dus staande dat de negentiende-eeuwse discussie over Jezus’ bestaan nog actualiteit bezat. En dát is de ontsporing.

Dat geloof ik niet. Je beweert toch niet dat Trouw niet zou weten wat er in de twintigste eeuw aan onderzoek is gedaan?

Dat beweer ik wel. Trouw weet blijkbaar niet dat degenen die de Dode Zee-rollen, de archeologie van Galilea of de antiek sociale verhoudingen bestuderen, geen van allen Jezus’ historische bestaan ontkennen. De historiciteitsdiscussie is alleen actueel in het hoofd van de Trouw-redactie, van een verwarde dominee en van zijn verwarde geestverwanten.

Maar dat kán toch gewoon niet? Zo slecht is Trouw toch niet?

Dat is het verbazingwekkende. Trouw is inderdaad geen slechte krant. Als er fouten worden gemaakt, geeft die krant die toe, zoals nog onlangs gebeurde toen een medewerker artikelen uit de duim bleek te hebben gezogen. Trouw benoemde dat probleem en pakte het aan. Dit keer niet: op 6 februari volhardde de redactie in het standpunt dat de discussie over Jezus’ onbeslist was.

In de week daarna lijkt er toch enig inzicht te zijn gegroeid, maar het kwam niet tot een ridderlijke erkenning dat een fout was gemaakt. De hoofdredacteur schreef op zaterdag 14 februari dat zijn eerdere opmerking “nuance” behoefde, maar dat is nogal een understatement als je net een eeuw wetenschappelijk onderzoek hebt genegeerd. Als je twee pagina’s desinformatie de wereld in hebt geslingerd en in een hoofdredactioneel commentaar dat nog eens hebt bevestigd, kan een terloops opmerking over nuancering alleen worden getypeerd als false balance.

Wat is dat?

Een journalistieke doodzonde. Vergelijk het met de klimaatwetenschap: onderzoekers zeggen unaniem dat de aarde opwarmt en hoewel een goede journalist weet dat er dissidenten zijn, weet hij ook dat die zich vergissen. Als je zulke stemmen teveel aandacht geeft, heet dat false balance.

Het moet echter gezegd: de krant heeft geprobeerd het recht te zetten. Trouw bood ruimte aan theoloog Sam Janse, die in een keurig stuk de argumenten vóór Jezus’ bestaan noemde. Het probleem is dat Janse, die zeker niet zonder verdienste is, weinig weet van hedendaagse wetenschapscommunicatie. Trouw heeft niet gezocht naar iemand die met kennis van zaken én met kennis van voorlichting te werk kon gaan. Nu wordt het hedendaagse onderzoek in de geesteswetenschappen inderdaad slecht uitgelegd, maar er zijn wel een paar mensen die het kunstje verstaan. Trouw heeft die niet weten te vinden.

Wat is er dan fout aan Janses stuk?
Janse beschrijft de niet-christelijke bronnen over Jezus en vermeldt verder dat Paulus nooit polemiseert tegen iemand die hem zei “Zeg Paulus, die Christus van jou, dat is een mythisch figuur, waarom zeg je toch dat hij echt heeft geleefd en is gekruisigd?” Dat is onberispelijk en het is ook wat bijvoorbeeld Fik Meijer zei in een vraaggesprek met de EO. Het is echter niet ter zake. Degenen die denken dat Jezus niet heeft bestaan, kennen die teksten heus wel maar ze hebben er andere verklaringen voor. De vraag is niet welke bronnen er zijn, de vraag is waarom de wetenschappelijke uitleg daarvan beter is.

Ik waardeer Janse, maar dit was slechte voorlichting. Wat hij in feite zegt is: Van der Kaaij legt de bronnen linksom uit, ik leg de bronnen rechtsom uit, en het is zoals ik het zeg, want ik ben hier de echte wetenschapper. Alle vakliteratuur adviseert voorlichters uit te leggen waarom de wetenschappelijke uitleg beter is. Wie wetenschapsjournalistiek bedrijft, moet methodische punten maken. De benadering van Janse – en ook die van Meijer – is een kwart eeuw verouderd.

Waarom is de wetenschappelijke uitleg eigenlijk beter?

Om verschillende redenen. Eén ervan is dat de wetenschappelijke benadering consistent is en die van Van der Kaaij niet. De mythicisten mogen natuurlijk hardere empirische onderbouwing voor Jezus’ bestaan eisen, mits ze die eis tevens stellen aan andere personen uit de Oudheid. Dat doen ze echter nooit.

Een tweede punt is dat historische betrouwbaarheid vaak geen kwestie is van empirische onderbouwing. We nemen aan dat een methode die altijd werkt en onafhankelijk is bevestigd, ook in het geval van Jezus werkt. In jargontermen: we hebben niet te maken met de correspondentietheorie van de waarheid, maar met de coherentietheorie.

Dit is stof die een geschiedenisstudent in zijn eerste semester krijgt aangereikt. Het is ook niet ingewikkeld. Janse had dit best aan de lezers van Trouw kunnen uitleggen. Als wetenschapsjournalistiek was dit onder de maat.

Hoe nu verder?

Ik heb mail gehad van mensen die vinden dat een krant die een hoogleraar negeert, zich moet verantwoorden bij de Raad voor de Journalistiek. Er is bovendien sprake van een ondeskundig rechtgezette false balance. Dat is inderdaad iets waarover de Raad zou kunnen oordelen. Het moet echter ook worden gezegd dat de geesteswetenschappen zich slecht uitleggen. Er zijn verzachtende omstandigheden.

En Van der Kaaij?

Daar ga ik niet over. Het lijkt me geen schurk. Laat de PKN eens rustig met hem praten en uitleggen hoe het Jezusonderzoek in elkaar steekt. Ik denk dat het daar ook wel op zal uitdraaien.

En tot slot: waar leren wij meer?

Hier.

Gastschrijver: Jona Lendering

Dit artikel is eerder verschenen op de weblog van Jona Lendering.

Tags: , , ,

E.L.S. nader bekeken

Enige maanden geleden schreef ik over E.L.S. en sindsdien krijg ik regelmatig mailtjes over meer informatie. Vandaar dat ik deze keer iets dieper op de achtergronden in wil gaan.

Wat is E.L.S.?

E.L.S. of Equidistant Letter Sequence is een techniek waar wordt gezocht naar bepaalde woordpatronen die ontstaan als je letters om de zoveel tekens bij elkaar neemt. Dit kan zowel als je deze patronen horizontaal of verticaal zoekt. Natuurlijk kan dit in ieder gewenst patroon van bv. om de 50, 75 of 346 letters). Als voorbeeld nemen we Genesis 1:1 tot en met 5 waar we het Hebreeuwse woord Torah kunnen vinden als we een patroon van 50 letters nemen. We beginnen met de Tau van het eerste woord (Bereshit), welke in rood is aangegeven op onderstaande afbeelding, de 50ste letter is dan de Vav enzovoort tot we תורה (Torah) krijgen.

In de Bijbel zijn honderden zo niet duizenden van dit soort voorbeelden te vinden en het was Michael Drosnin die in 1997 met zijn sensationele boek The Bible Code vele van dit soort voorbeelden noemde. Nu was hij niet de eerste die dit had ontdekt, het was de briljante Rabbi Michael Ber Weissmandl die na de oorlog hier voor het eerst systematisch onderzoek naar deed en de hele Torah op kaarten van 10×10 letters schreef. Vilna Gaon had reeds in de 18de eeuw ontdekt dat Rambam (Maimonides) in Exodus 11:9 in gecodeerde vorm voorkwam “rəḇwōṯ mwōfəṯay bə’ereṣ miṣərāyim” (opdat Mijn wonderen in Egypteland vermenigvuldigd worden).

Een statistisch verschijnsel

Maar betekent dit dat er nu een verborgen code in de Bijbel is? Voor we daar verder op ingaan, is het belangrijk om te bepalen of dit soort patronen ook voorkomen in andere boeken. Brendan McKay heeft verschillende analyses uitgevoerd, waaronder op Moby Dick en kreeg meerdere resultaten. Ook ikzelf heb verschillende van deze testen in het verleden gedaan en om het nog een keer aan te tonen heb ik bij wijze van proef het recentelijk verschenen boek van Jona Lendering “Israël verdeeld” genomen en daarvan een check op mijn naam gedaan in de inleiding. Als randvoorwaarde heb ik alleen de letters A tot en met Z genomen, cijfers en andere leestekens zijn verwijderd en ook heb ik letters met een trema, zoals ë, verwijderd. Nu blijkt dat als je vanaf de regel “waar incidenteel een pelgrim ten prooi valt aan het idee de messias te zijn” en wel de laatste “n” en dan om de 346 letters kijkt mijn naam “GIESSEN” achterstevoren tegenkomt, zie afbeelding. Voor hen die het willen controleren, is er een PDF met de hele inleiding en de hele letterreeks (waarbij de afbeelding in geel is weergegeven).

Hiermee is eenvoudig aangetoond dat dit soort patronen in ieder willekeurig boek voorkomen, oa. Brendan McKay of Jeffrey H. Tigay hebben verschillende analyses en conclusies tot in detail uitgewerkt. We mogen dus niet op grond hiervan stellen dat er een specifieke code is in de Bijbel en meer dan 50 wiskundigen die zich met deze materie hebben beziggehouden gaven een verklaring af, waarin zij vermelden “There is a common belief in the general community to the effect that many mathematicians, statisticians, and other scientists consider the claims to be credible. This belief is incorrect. On the contrary, the almost unanimous opinion of those in the scientific world who have studied the question is that the theory is without foundation. The signatories to this letter have themselves examined the evidence and found it entirely unconvincing.

Welke grondtekst

Maar er is nog een probleem met deze patronen, want we hebben niet meer de originele grondtekst. De schrijvers R. Edwin Sherman, Nathan Jacobi, Dave Swaney van “Bible Code Bombshell” gebruikten een speciale versie, nl. de Koren-editie. Maar we hebben bijvoorbeeld ook de Biblia Hebraica Stuttgartensia, de Aleppo Codex en de Michigan-Claremont-Westminster Electronic Hebrew Bible, waarvan de wetenschappelijke editie allemaal kanttekeningen hebben waarin alle bekende varianten worden genoemd van de manuscripten die we tegenwoordig nog hebben. Zo hebben we vele oude manuscripten van de Bijbel met tal van passages die verschillen van die in de Masoretische tekst. Deze omvatten handschriften uit de Dode Zee regio (meestal van vóór 70 v.C.), de Septuagint (de Griekse vertaling van de Torah gemaakt van een Hebreeuwse origineel in de derde eeuw voor Christus), en de Thora van de Samaritanen. De overgrote meerderheid van de verschillen zijn niet significante variaties in spelling en grammatica die geen invloed hebben op de betekenis van de tekst, maar wel van invloed zijn op het aantal letters in elk vers. Om een voorbeeld te geven, de digitale Michigan-Claremont-Westminster editie bevat 304.850 letters, terwijl de C.D. Ginsburg’s editie van de Thora 304,807 letters bevat (waarbij nog niet is meegenomen dat sommige letters zoals de dalet [=d] en de re [=r] ook nog eens verwisseld kunnen zijn).

Een toevoeging of vermissing van één letter kan al zeer grote verschillen opleveren, laat staan als in een gedeelte meerdere van dit soort verschillen zijn. We hoeven bijvoorbeeld maar een hoofdstuk als Jesaja 53 te vergelijken uit de eerder genoemde edities en de Dode Zee rol 1QIsaiah om al enkele verschillen te vinden, welke het hele onderzoek van de schrijvers van de“Bible Code Bombshell” onderuit halen. Ook hieruit blijkt dat er geen specifieke code in de Bijbel aanwezig is omdat, afhankelijk van de gebruikte editie, de verschillen groot zijn.

Tot slot

Hoewel het zeer aantrekkelijk lijkt dat God een specifieke geheime code in Zijn Woord heeft verborgen, komt het wel zeer vreemd over dat dit ook in alle andere boeken voorkomt en we moeten ons dan ook afvragen of God Zijn boodschap alleen maar via een geheime code heeft willen doorgeven. Want ondanks het feit dat mensen al eeuwen zoeken naar zo’n geheime boodschap zijn de meeste resultaten pas de afgelopen twee decennia gedaan. Zou het God’s bedoeling zijn geweest dat al eeuwen lang niemand Zijn Woord heeft begrepen? Of is het logischer om eerst eens te lezen wat er gewoon staat geschreven, voordat we een geheime boodschap achter het gewone woord zoeken.

Tags:

Ik heb de afgelopen maanden van verschillende mensen vragen gehad over de zogenoemde bloedmanen die dit en volgend jaar te zien zijn en wat de “profetische” betekenis ervan zou zijn. Al eerder in januari had ik hier al over geschreven en ook regelmatig heb ik verwezen naar het artikel van Dirk van Genderen, maar de mailtjes blijven komen. Vandaar nogmaals (en hoop ik voor de laatste keer) dat ik hier aandacht aan besteed en waarom deze maansverduisteringen niet vreemder zijn dan andere en waarom het meer met moderne “christelijke” astrologie te maken heeft dat met wetenschap of geloof.

Een van de items is dat het om 4 bloedmanen gaat, maar op een klein aantal na, zijn alle maansverduisteringen rood van kleur en worden in de populaire media als bloedmanen bestempeld. De aandacht aan de andere maansverduisteringen die een blauwachtige kleur hebben, en velen malen zeldzamer zijn, minder.

De Triple Inex, die populair tetrad (een term uit de late astrologie) wordt genoemd, is een cyclus die periodiek voorkomt, en in de afgelopen twee millennia waren er 8 die samenvielen/vallen met Joodse feestdagen, nl. 162/’63, 795/’96, 842/’43, 860/’61, 1493/’94, 1949/’50, 1967/’68 en 2014/’15. Het is de dominee Blitz die hier oa. aandacht voor vroeg en stelt dat er dan voor de Joden/Israël speciale gebeurtenissen waren/komen. Hij verwijst dan naar de Triple Inex van 1949/’50 voor de oprichting van de staat Israël (wat fout is, want die was in 1948), hetzelfde met die van 1493/’94 wat betrekking zou hebben met de verbanning van de Joden uit Spanje, maar dat was in 1492. De eerste vier Triple Inex behandelt hij, voor zover ik weet, niet en dat is vreemd omdat je zou verwachten dat er ook dan speciale gebeurtenissen waren (die er overigens niet waren). Een bewering dat deze Triple Inex de laatste zou zijn volgens de NASA in de komende duizend jaar is onzinnig omdat alleen al deze eeuw er nog een zestal zullen volgen.

Een Triple Inex cyclus is bijzonder, maar er zijn cycli die nog zeldzamer zijn, zoals een Trio Lunar Year waarin er drie maansverduisteringen zijn in 1 maanjaar (307, 372, 437, 828, 893, 958, 1414, 1479, 1544, 1917 en 1982) of een quintet (5 maansverduisteringen in een jaar) zoals in 1676, 1694, 1749 en 1879. Ook in die jaren waren er mensen die uitriepen dat er “vreselijke” dingen zouden gebeuren en het jaar 1982 is berucht omdat veel christenen naar de Mont Blanc gingen omdat ze dachten dat de oordeelsdag zou aanbreken. Met name een Wim Malgo heeft daar verschillende “profetische” boeken over geschreven zoals The Rapture and its Mystery en There Shall Be Signs from 1948 to 1982, welke verschillende malen zijn vertaald. Ondertussen weten we dat dit dus niet zo was.

Zo zijn er ook andere sterrenkundige fenomenen aan te wijzen welke de afgelopen eeuwen onder de christenen grote consternatie gaven, een bekend voorbeeld is de meteorenregen van 1833 die ervoor zorgde dat Joseph Smith (van de Mormonen) en een andere groepering de 7de dagsadventisten enorme aanhang kregen omdat zij stelden dat de eindtijd dan zou aanbreken. Vanaf die tijd verschenen er verschillende boeken van oa. E.W. Bullinger en later K.C. Fleming die als thema hadden dat het getuigenis van God in de sterren is geschreven. Deze personen en hun navolgers schroomden niet om totaal nieuwe betekenissen te geven aan de sterren en sterrenkundige fenomenen, die in de meeste gevallen kant nog wal raakten. Berucht is de betekenis die E.W. Bullinger gaf aan het sterrenbeeld Canis Majoris, nl. “de Grote Jezus”, terwijl het in werkelijkheid “Grote Hond” betekent. Het was dan ook de christen prof. L. Ideler die stelde dat hier de ware aard van deze pseudo-geleerden naar boven kwam.

Zo zijn er in de geschiedenis honderden van dit soort gebeurtenissen en voorvallen te noemen die allen niet waar bleken te zijn en het is om die reden om zeer kritisch te kijken naar christenen die menen dat een bepaald astronomisch fenomeen heel bijzonder is.

Tags: , ,

Vandaag verscheen in de Volkskrant een artikel onder de noemer “Lijdensverhaal Jezus is plagiaat“, waarin assyriologe Henriette Broekema betoogt dat het lijdensverhaal van Jezus grotendeels is overgenomen van Sumerische mythen.

Al meteen valt op, wat Broekema zelf ook erkent, dat er geen theoloog aan het woord is want ze gooit verschillende Bijbelteksten door elkaar. Bv. ze haalt Maria aan “Dat is gewoon de vrouw die Jezus met olie besprenkelt bij het laatste avondmaal, waarop Jezus zegt: ze bereidt me voor op het graf.” Iedereen die een keer de Bijbel heeft doorgelezen weet dat de zalving van Maria helemaal niet bij het laatste avondmaal gebeurde. Hetzelfde is haar vergelijking van het avondmaal met de volgens haar oudere avondmaal van de Romeinse god Mithras. Terwijl het duidelijk moge zijn dat dit avondmaal de sedermaaltijd is die al vanaf de Exodus van de Joden werd gevierd. Dus al werd gevierd toen deze Romeinse godsdienst nog niet eens bestond. Bovendien is deze vergelijking van het christendom met de Mithras godsdienst allang achterhaalt en geeft meer aan dat Broekema niet op de hoogte is van deze feiten. Verder gaat zij ervan uit dat ten tijde van Jezus er sprake was van een mondelinge traditie terwijl dat niet zo is, alleen al de vele brieven in het Nieuwe Testament bewijst het tegendeel. Wat voor zin zou het hebben om iets op te schrijven als ze het niet konden lezen.

Ook een opmerking dat het een oud raadsel is waarom Jezus in de evangeliën wordt aangeduid als koning, terwijl als je het Oude Testament leest weet dat de Joden al eeuwen een Messias (koning) verwachtten en dat het daarom helemaal geen raadsel is, temeer daar ook buiten-Bijbelse bronnen zoals de Dode Zee-rollen spreken over de komst van een Messias. Ze gaat ervan uit dat Golgotha een synoniem is voor de onderwereld, echter deze hypothese wordt zonder bewijzen geponeerd. In de rijke Joodse literatuur is dan ook niets hiervan terug te vinden.

Ze haalt aan dat het verraad van Judas is overgenomen van een Sumerische mythe waarin een herder genaamd Dumuzi wordt verraden door zijn vriend, echter logischer is het dat het is overgenomen uit Psalm 41:10 waar dit ook wordt vermeld. Waarom zou het afgeleid zijn van een mythe die vele duizenden kilometers verderop is ontstaan, terwijl dit ook in de Joodse literatuur is terug te vinden.

Bij het lezen kan ik niet anders concluderen dat haar verhaal aan alle kanten rammelt en ik denk dat het zeker niet zou zijn geplaatst als er een wetenschapsjournalist met een alfa achtergrond was geweest die haar interviewde, want welke gerenommeerde krant wil zich op deze manier belachelijk maken.

Tags: ,

« Older entries