wəhāyâ kə‘arə‘ār bā‘ărāḇâ wəlō’ yirə’eh kî-yāḇwō’ ṭwōḇ wəšāḵan ḥărērîm bammiḏəbār ’ereṣ məlēḥâ wəlō’ ṯēšēḇ:
Want hij zal zijn als de heide in de wildernis, die het niet gevoelt, wanneer het goede komt; maar blijft [in] dorre plaatsen in de woestijn, [in] zout en onbewoond land.
ערער Sodomsappel; Naardense vert. en WV95 "kale struik"; NBV "struik"; SV "heide"; De plant komt voor op woeste plekken waar het ook nog eens erg zout is, zoals in de omgeving van de Dode Zee
zout en onbewoond land, het gebied rondom de Dode Zee is erg zout waar weinig planten groeien.