Zie ook: Biometrie, Tatoeage
Bijbel
In de Bijbel wordt verschillende malen gesproken over een merkteken, bekend is het hoofdstuk Openbaring 13: 15-17 waar wordt gesproken dat het beest aan allen, kleinen en groten, en rijken en armen, en vrijen en dienstknechten, een merkteken geve aan hun rechterhand of aan hun voorhoofden; En dat niemand mag kopen of verkopen, dan die dat merkteken heeft, of den naam van het beest, of het getal zijns naams.
Een positieve beschrijving van een merkteken lezen we in Openbaring 14:1 waar wordt geschreven over 140.000 gelovigen die den Naam Zijns Vaders geschreven aan hun voorhoofden. Aan de hand van deze beschrijving denken sommigen dat in alle gevallen het merkteken symbolisch moet worden opgevat. Anderen echter vatten dit letterlijk op, in de eerste eeuwen lieten veel christenen zich tatoeëren met het ichtus-(vis)symbool of enkele letters van de naam van Christus om zich zo te kunnen onderscheiden van ongelovigen. Dit fenomeen zien we heden ten dage nog terug bij de Koptische Christenen in Egypte: zij laten bijvoorbeeld een kruis aanbrengen aan de onderpols van hun rechterarm.
Daar het plaatsen van een merkteken ook bij andere godsdiensten voorkwam (zie hieronder), is het zeer aannemelijk dat we deze merktekens letterlijk moeten opvatten.
Geschiedenis en doel
Het fenomeen van een merkteken op een voorhoofd komt niet alleen voor in Openbaring, ook in de Perzische Mythras godsdienst, welke zeer populair was in het Romeinse Rijk, kregen ingewijden op hun voorhoofd een teken en wel in de vorm van een tau (T) of een kruis.
In andere godsdiensten komen ook tekens op het voorhoofd voor, bij de hindoes is de bindi (mv. bindihas; de punt) op het voorhoofd van getrouwde vrouwen ook tegenwoordig nog een bekend verschijnsel en is het symbool voor de vrouwelijke energie die man en vrouw beschermt. In de islam is het fenomeen onderdeel van de Shia Ashura rituelen, waarbij mannen en jongens met een mes 3 sneden op hun voorhoofd krijgen ingekerfd.
In de tweede wereldoorlog lieten de nazi's de gevangenen in concentratiekampen op hun rechterarm tatoeëren, zodat ze sneller te indentificeren waren. Daarnaast verplichten ze in alle gebieden die ze veroverd hadden voor het eerst in de wereldgeschiedenis op grote schaal biometrische kenmerken op te nemen in paspoorten en andere identificatiepapieren.
Technieken
In de loop der eeuwen hebben velen nagedacht wat dit merkteken nu zou zijn. Hieronder een overzicht van een aantal theoriën en mogelijkheden.
Tatoeage
Sommigen denken aan een tatoeage. Deze techniek werd voor het eerst toegepast op grote schaal in WO2 door de nazi's toegepast door het tatoeëren van een cijfercombinatie bij joden en anderen die in een concentratiekamp werden gezet.

Een moderne mogelijke toepassing zou het tatoeëren van een barcode kunnen zijn.

Chipsimplantatie
Met de komst van de elektronica en vooral sinds de introductie van de microchip zijn er tal van mogelijkheden ontstaan. Door de steeds verdere verkleining en verhoging van informatie in een chip worden steeds meer nieuwe toepassingen bedacht. Een van deze toepassing is de RFID-chip die in creditcards, paspoorten en andere documenten kan worden verwerkt. Bij deze chip is een bijkomend voordeel dat deze op afstand ingelezen kan worden. De fabrikant Verichip heeft deze chip verder ontwikkeld zodat deze geïmplanteerd kan worden bij mens en dier. In Nederland is het gemeengoed geworden dat alle vee (koeien, geiten, etc.) en huisdieren als honden en katten worden geïmplanteerd met zo'n chip.

Tegenwoordig wordt door politici steeds meer voorgesteld om deze chips te implanteren bij criminelen en wilsonbekwamen. Bij verschillende beveiligingsbedrijven worden werknemers verplicht om een chip te implanteren zodat ze te identificeren zijn.