Zie ook
Astronomie,
MaansverduisteringBijbel
Zonsverduistering (Amos 8:9)
In de Bijbel wordt regelmatig over Zonsverduisteringen gesproken, zij het bijna altijd in profetische betekenis. De enige vermelding waarvan zeker is dat het om een eclips gaat staat in Amos 8:9 "En het zal te dien dage geschieden, spreekt de Heere HEERE, dat Ik de zon op den middag zal doen ondergaan, en het land bij lichten dage verduisteren."
Deze dag hebben de astronomen kunnen terugrekenen en was 15 juni 763 v.C. waar bij het maximum van de verduistering om 10:11 uur (lokale tijd Jeruzalem) was. Hiernaast is een kaartje met daarop het pad waar men toen de zonsverduistering kon zien. Als men zich toen binnen de blauwe lijnen bevond was de verduistering totaal, en de beste resultaten had men als de antieke waarnemer in de buurt van de rode lijn was. In Israël werd de zon dus niet geheel verduisterd, omdat deze te ver zuidelijk lag.
Deze datum is bovendien bevestigt door een Assyrisch geschrift welke bekend staat als het Eponym Canon. Hier wordt vermeld: "opstand in de stad Assur, in de maand Sivan. De Zon werd verduisterd."
Duisternis van Golgotha een zonsverduistering
In de Bijbel wordt beschreven dat er een duisternis over Golgotha (duisternis) was van het zesde uur tot en met het negende uur. Of deze duisternis alleen betrekking had op de plaats van handeling of op geheel Judea of zelfs op heel de aarde kan men niet uit de tekst halen. Het woord 'land' is daarvoor te onbepaald.
In sommige commentaren lezen we dat de oorzaak van de duisternis een zonsverduistering kan zijn geweest. Is dit zo? Een zonsverduistering ontstaat als de maan tussen de zon en de aarde staat, waardoor de maan het licht van de zon tegenhoudt. Dit kan alleen gebeuren wanneer het nieuwe maan is en niet wanneer het volle maan is, zoals het tijdens het Pascha per definitie was.
Nu komen er twee zonsverduisteringen in aanmerking, namelijk die van 24 november 29 n.Chr. en die van 19 maart 33 n.Chr., waarvan alleen de eerste zichtbaar was in Jeruzalem en omstreken. De andere was voornamelijk zichtbaar op het zuidelijk halfrond.
Bij volle maan kan er alleen maar sprake zijn van een Maansverduistering, die dan 's nachts en niet overdag is te zien. Bovendien duurt een zonsverduistering hooguit zes minuten en niet drie uur.
Overigens is de hypothese van een zonsverduistering reeds lang geleden onderzocht en men is ook toen al tot de conclusie gekomen dat een zonsverduistering niet de goede verklaring is. Wil men desalniettemin de verduistering als een zonsverduistering beschouwen, dan zal men de andere aanwijzingen moeten negeren en de tijdsduur van maximaal zes minuten moeten verlengen tot de genoemde drie uur.
Wanneer we aan alle gegevens recht willen doen, dan moeten we zoeken naar een andere verklaring. Als we Luc.23: 45 in de Griekse tekst van Aland vergelijken met de Griekse Textus Receptus dan zien we een paar cruciale verschillen. De Aland-tekst geeft "tou hèliou eklipontos eschisthè" en de Textus Receptus "kai eskotisthè ho hèlios". Nu lijkt het erop of er in de Aland-tekst gesproken wordt over een astronomische gebeurtenis; dit leiden we af uit het gebruik van het Griekse werkwoord ekleipô, waarvan ons woord eclips is afgeleid. Reeds bij Thucydides (met wiens geschriften Lucas vertrouwd moet zijn geweest) komt het woord in deze betekenis voor. Dit woord wordt echter niet altijd gebruikt in de astronomische zin.
Wat is een zonsverduistering
Een zonsverduistering ontstaat als de Nieuwe Maan recht voor de Zon staat. Daar de Maan een doorsnee heeft van ongeveer 3500 km en op een afstand van de Aarde staat van 356400 km lijkt het of de Zon net zo groot is als de Maan. Dat er niet bij iedere Nieuwe Maan een zonsverduistering komt wordt veroorzaakt door het feit dat de baan van de Maan een hoek maakt van 5 graden met de ecliptica.
Gevolg hiervan is dat de Maan 2 maal per maanmaand een kruising maakt met de ecliptica (=knooppunt). Door de grootte van de Maan is de maximale variabele in het knooppunt 18,5 graden.
Tijdens zo'n knooppunt is een Zonsverduistering mogelijk.
Met deze feiten en een aantal rekensommen kunnen we bepalen wanneer en hoe vaak een zonsverduistering plaatsvindt:
- De Aarde draait in 365,25 dagen om de Zon.
- Van de Aarde afgezien legt de Zon ong. 1 graad per dag langs de hemel af.
- De maximale afwijking van 18,5 graden in achtgenomen dat een Zonsverduistering mogelijk is tijdens een knooppunt, kom je op ong. 37 dagen per jaar dat een eclips mogelijk is. (365,25/18,5*2=37)
- Om de 29,5 dag is er een Nieuwe Maan. Dat betekent dat er per jaar minimaal 1 eclips is (37/29,5)
- Deze periode, als de Zon in de buurt is van een knooppint noemt men een eclipsseizoen.
- Deze knooppunten verschuiven gemiddeld 19 graden per jaar, Hierdoor ontstaat per 173 dagen een eclipsseizoen. Er zijn dus gemiddeld 2 (partiële) eclipsen per jaar mogelijk.
Als men verder zou rekenen zou blijken dat na een periode van 54 jaar en 34 dagen een eclips weer in hetzelfde gebied op Aarde zal voorkomen, zij het op een andere meridiaan. Uit deze redenatie blijkt dat op een vrij eenvoudige manier eclipsen zijn te berekenen.
Bij een zonsverduistering zijn er verschillende zaken waar we op kunnen letten. Hieronder zal ik de belangrijkste fenomenen opnoemen:
- De temperatuur zal zakken als gevolg dat de Zon de Aarde niet meer verwarmt. Dit kan soms een paar graden zijn.
- Door de opkomende duisternis zullen er planeten en sterren zichtbaar worden, met veel geluk is er een komeet te zien die zich op de Zon stort.
- Door de aardatmosfeer wordt het zonnelicht verstrooid. Vlak voor en na de totaliteit is dit zichtbaar als snel bewegende schaduwbanden. Dit verschijnsel kan men vergelijken met het uitspreiden van zonnestralen door zacht golvend water.
- Vlak voor de totaliteit, wanneer het allerlaatste zonlicht achter de maan verdwijnt en het zwakke licht van de corona verschijnt ontstaat de zogenaamde diamantring.
- Door de kraters en heuvels in het maanlandschap verdwijnt het zonlicht niet gelijktijdig. Als de Zon is afgedekt door de hoge maanbergen, schijnt ze nog door de dalen heen. We zien dan langs de maanrand een krans die het parelsnoer of de parels van Baily worden genoemd.
- De corona wordt zichtbaar en een beschrijving van eeuwen geleden was: "heldere krans om de verduisterde Zon, met aan de basis een gat met daarin een vlam." Deze vlammen zijn protuberansen. (De corona kan vergeleken worden met een gigantische magnetische atmosfeer rondom de Zon.)
- Kleine stapelwolken danken hun bestaan aan grote luchtbellen, thermiekbellen, in de atmosfeer. Tijdens een eclips ontstaat er een temperatuurdaling waardoor deze thermiekbellen instorten en de wolken verdwijnen daardoor.
- Wegens bovengenoemd verschijnsel kan de windsnelheid of de windrichting abrupt wijzigen.
- Voor en na de zonsverduistering ziet men onder struiken en bomen allemaal zonnesikkeltjes.
- Door de eclips zien we aan de horizon nog gebieden die (in)direct worden verlicht door de zon. Door een prismabreking zien wij deze lucht als geel, roze of rood.
- Na de totale eclips, als de eerste zonnestralen weer te zien zijn, lijkt het plotseling klaarlichte dag. Dit komt omdat onze ogen aan de duisternis zijn gewent geraakt (Nb. Bril op!!)
- Vervolgens kan men in omgekeerde volgorde de genoemde verschijnselen weer bestuderen.
Naast deze fysische verschijnselen zijn er ook een aantal psychologische effecten:
Planten:
- Sommige zullen zich sluiten, terwijl anderen juist open gaan.
Dieren:
- Vogels kunnen naar hun slaapplaatsen vliegen
- Kippen gaan op stok (een paar jaar geleden wou men dit filmen, echter de camara's waren niet lichtgevoelig genoeg en men zette er om die reden allerlei lampen bij met als gevolg: De kippen gingen niet op stok het was te licht!!)
Mensen:
- Beginnen meer te praten, de stemmen ietwat gedempt.
- Als de slagschaduw er aankomt stormen, worden sommigen nog drukker, terwijl anderen juist heel stil in zichzelf gekeerd raken.
- Bij volledige totaliteit beginnen sommigen te schreeuwen, te toeteren en soms zelfs vuurwerk af te steken.
- Als het daglicht verschijnt hebben de meeste het gevoel dat het te kort duurde. Sommigen willen zich stil terugtrekken op hun eigen plekje, terwijl anderen elkaar omhelzen en willen de schitterende belevenis met anderen delen.
- Sommigen raken aan een eclips verslaaft en gaan de hele wereld afreizen om maar een eclips te zien.
Geschiedenis
Edward Halley ontdekte in Griekse geschriften van Seutos dat de Babyloniërs dit ook al hadden ontdekt en dit de Saros noemden. De betekenis van dit woord lijkt volgens sommige bronnen zijn afgeleid van het Babylonische woord sar wat betekent prins, dit daar prinsen era vertegenwoordigden, net zoals deze eclipsen.
Een van de oudste vermeldingen van een zonsverduistering komt uit China. Het betreft de geschiedenis van Ho en Hi die niet in staat waren de zonsverduistering van 2136 v.C. (of 2159 v.C.) van tevoren konden voorspellen en daarmee een gevaar voor het keizerrijk hadden veroorzaakt. Een onbekende schrijver uit die tijd schreef:
Hier liggen de lichamen van Ho en Hi,
Wier lot, hoewel triest, is rijzende;
Verslagen omdat zij niet konden spioneren
De eclips welke onzichtbaar was.
Als straf voor deze daad werden zij ter dood gebracht, en om de staat te redden werd het volk opgeroepen om veel lawaai te maken, en vuurwerk af te steken. Gelukkig werd de draak, die volgens de keizer de Zon opat, verjaagd en was het keizerrijk gered.
Interessant is dat ze blijkbaar in staat werden geacht om een zonsverduistering te voorspellen.
Zoals reeds hierboven vermeld waren de Babyloniërs ook in staat om dit te doen, zij waren grote wiskundigen en bestudeerden intensief het heelal vanaf hun observatoria, de Zigguraths. Deze Zigguraths waren eigenlijk hoge tempels, vanwaar ze hun goden: de sterren en planeten vereerden. Die observaties waren nodig, daar, als men de gedragingen van de goden wist, ze daar hun voordeel mee konden doen. Uit hun ostraca zijn dan ook vele berekeningen gevonden van positiebepalingen van planeten, conjuncties van planeten en sterren (conjuncties zijn te vergelijken met zonsverduisteringen: diverse hemelobjecten staan voor een waarnemer op een rij, waardoor het een object lijkt), tot zelfs berekeningen van de banen en omloopperiodes van kometen.
De Grieken hebben deze kennis overgenomen en in de 6de eeuw voor Christus was Thales van Milete in staat om een zonsverduistering te voorspellen die het einde van een oorlog betekende tussen de Mediërs en Lydiërs ( 28 mei 585 v.C.).
Naast deze volken zijn ook observaties van zonsverduisteringen bekend van de Maya's, Koreanen en Egyptenaren. Leuk zijn de anekdotes die zich afspeelden rondom een verduistering:
- In China en Indonesië maken ze, zoals reeds gezegd, veel lawaai omdat ze dachten dat de Zon werd aangevallen door een draak of zoiets, door het lawaai dachten ze de Zon te helpen en inderdaad het monster werd altijd afgeschrikt.
- In 1504 weigerden Jamaicaanse inboorlingen Columbus voedsel te geven. Om uit deze impasse te komen dreigde hij met maansverduistering. Toen deze dan ook kwam waren de indianen zeer onder de indruk en overstelpten Columbus met voedsel.
- Een soort gelijke gebeurtenis was van de Belg Albert Paulis die in Belgisch Kongo gevangen was genomen door kannibalen. Om niet in de kookpot te verdwijnen, dreigde hij dat de Zon zou verdwijnen. Toen de duisternis op het verwachte tijdstip intrad, wierp het opperhoofd zich nederig ter aarde, de Belgische kolonialisten waren in een klap 6000 vierkante kilometer en anderhalf miljoen Afrikaanse kannibalen rijker.
- Op basis van dit verhaal is later het bekende stripverhaal "Kuifje en de Zonnetempel" verschenen. Rider Haggerd heeft in zijn boek "De mijnen van koning Salomo" (1885) een soortgelijk iets beschreven, nu echter als locatie Zimbabwe.
- Helaas zijn er ook heden ten dage nog New Agers die denken dat de huidige verduistering rampspoed zal brengen, ze baseren zich onder andere op de geschriften van Nostradamus.
- Andere volken, zoals de indianen in Venezuela, zijn romantischer aangelegd en geloven dat de Zon en de Maan de liefde bedrijven.
- De japanner Masharo Jasuchi zag het allemaal als een big practical joke en beschreef het als volgt: Kleine bleke Maan, eindelijk kan zij de Zon eens voor schut zetten.