1 Koningen 12:28

SVDaarom hield de koning een raad, en maakte twee gouden kalveren; en hij zeide tot hen: Het is ulieden te veel om op te gaan naar Jeruzalem; zie uw goden, o Israel, die u uit Egypteland opgebracht hebben.
WLCוַיִּוָּעַ֣ץ הַמֶּ֔לֶךְ וַיַּ֕עַשׂ שְׁנֵ֖י עֶגְלֵ֣י זָהָ֑ב וַיֹּ֣אמֶר אֲלֵהֶ֗ם רַב־לָכֶם֙ מֵעֲלֹ֣ות יְרוּשָׁלִַ֔ם הִנֵּ֤ה אֱלֹהֶ֙יךָ֙ יִשְׂרָאֵ֔ל אֲשֶׁ֥ר הֶעֱל֖וּךָ מֵאֶ֥רֶץ מִצְרָֽיִם׃
Trans.wayyiûā‘aṣ hammeleḵə wayya‘aś šənê ‘eḡəlê zâāḇ wayyō’mer ’ălēhem raḇ-lāḵem mē‘ălwōṯ yərûšālaim hinnēh ’ĕlōheyḵā yiśərā’ēl ’ăšer he‘ĕlûḵā mē’ereṣ miṣərāyim:

Algemeen

Zie ook: Egypte, Goud, Jeruzalem, Kalf (gouden), afgod
Exodus 32:8, 2 Koningen 17:16

Aantekeningen

Daarom hield de koning een raad, en maakte twee gouden kalveren; en hij zeide tot hen: Het is ulieden te veel om op te gaan naar Jeruzalem; zie uw goden, o Israel, die u uit Egypteland opgebracht hebben.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יִּוָּעַ֣ץ

Daarom hield

הַ

-

מֶּ֔לֶךְ

de koning

וַ

-

יַּ֕עַשׂ

en maakte

שְׁנֵ֖י

twee

עֶגְלֵ֣י

kalveren

זָהָ֑ב

gouden

וַ

-

יֹּ֣אמֶר

en hij zeide

אֲלֵ

tot

הֶ֗ם

-

רַב־

veel

לָ

-

כֶם֙

-

מֵ

-

עֲל֣וֹת

op te gaan

יְרוּשָׁלִַ֔ם

naar Jeruzalem

הִנֵּ֤ה

zie

אֱלֹהֶ֙יךָ֙

uw goden

יִשְׂרָאֵ֔ל

Israël

אֲשֶׁ֥ר

die

הֶעֱל֖וּךָ

opgebracht hebben

מֵ

-

אֶ֥רֶץ

Egypteland

מִצְרָֽיִם

-


Daarom hield de koning een raad, en maakte twee gouden kalveren; en hij zeide tot hen: Het is ulieden te veel om op te gaan naar Jeruzalem; zie uw goden, o Israel, die u uit Egypteland opgebracht hebben.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!