2 Koningen 3:11

SVEn Josafat zeide: Is hier geen profeet des HEEREN, dat wij door hem den HEERE mochten vragen? Toen antwoordde een van de knechten des konings van Israel, en zeide: Hier is Elisa, de zoon van Safat, die water op Elia's handen goot.
WLCוַיֹּ֣אמֶר יְהֹושָׁפָ֗ט הַאֵ֨ין פֹּ֤ה נָבִיא֙ לַֽיהוָ֔ה וְנִדְרְשָׁ֥ה אֶת־יְהוָ֖ה מֵאֹותֹ֑ו וַ֠יַּעַן אֶחָ֞ד מֵעַבְדֵ֤י מֶֽלֶךְ־יִשְׂרָאֵל֙ וַיֹּ֔אמֶר פֹּ֚ה אֱלִישָׁ֣ע בֶּן־שָׁפָ֔ט אֲשֶׁר־יָ֥צַק מַ֖יִם עַל־יְדֵ֥י אֵלִיָּֽהוּ׃
Trans.wayyō’mer yəhwōšāfāṭ ha’ên pōh nāḇî’ laJHWH wəniḏərəšâ ’eṯ-yəhwâ mē’wōṯwō wayya‘an ’eḥāḏ mē‘aḇəḏê meleḵə-yiśərā’ēl wayyō’mer pōh ’ĕlîšā‘ ben-šāfāṭ ’ăšer-yāṣaq mayim ‘al-yəḏê ’ēlîyâû:

Algemeen

Zie ook: Hand (lichaamsdeel), Safat
1 Koningen 22:7

Aantekeningen

En Josafat zeide: Is hier geen profeet des HEEREN, dat wij door hem den HEERE mochten vragen? Toen antwoordde een van de knechten des konings van Israel, en zeide: Hier is Elisa, de zoon van Safat, die water op Elia's handen goot.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יֹּ֣אמֶר

zeide

יְהוֹשָׁפָ֗ט

En Jósafat

הַ

-

אֵ֨ין

Is

פֹּ֤ה

hier

נָבִיא֙

profeet

לַֽ

-

יהוָ֔ה

des HEEREN

וְ

-

נִדְרְשָׁ֥ה

mochten vragen

אֶת־

-

יְהוָ֖ה

den HEERE

מֵ

-

אוֹת֑וֹ

hem

וַ֠

-

יַּעַן

Toen antwoordde

אֶחָ֞ד

een

מֵ

-

עַבְדֵ֤י

de knechten

מֶֽלֶךְ־

des konings

יִשְׂרָאֵל֙

van Israël

וַ

-

יֹּ֔אמֶר

en zeide

פֹּ֚ה

Hier

אֱלִישָׁ֣ע

is Elísa

בֶּן־

de zoon

שָׁפָ֔ט

van Safat

אֲשֶׁר־

die

יָ֥צַק

goot

מַ֖יִם

water

עַל־

op

יְדֵ֥י

handen

אֵלִיָּֽהוּ

Elía’s


En Josafat zeide: Is hier geen profeet des HEEREN, dat wij door hem den HEERE mochten vragen? Toen antwoordde een van de knechten des konings van Israel, en zeide: Hier is Elisa, de zoon van Safat, die water op Elia's handen goot.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!