Deuteronomium 19:6

SVOpdat de bloedwreker den doodslager niet najage, als zijn hart verhit is, en hem achterhale, omdat de weg te verre zou zijn, en hem sla aan het leven; zo toch geen oordeel des doods aan hem is; want hij haatte hem niet van gisteren [en] eergisteren.
WLCפֶּן־יִרְדֹּף֩ גֹּאֵ֨ל הַדָּ֜ם אַחֲרֵ֣י הָרֹצֵ֗חַ כִּי־יֵחַם֮ לְבָבֹו֒ וְהִשִּׂיגֹ֛ו כִּֽי־יִרְבֶּ֥ה הַדֶּ֖רֶךְ וְהִכָּ֣הוּ נָ֑פֶשׁ וְלֹו֙ אֵ֣ין מִשְׁפַּט־מָ֔וֶת כִּ֠י לֹ֣א שֹׂנֵ֥א ה֛וּא לֹ֖ו מִתְּמֹ֥ול שִׁלְשֹֽׁום׃
Trans.pen-yirədōf gō’ēl hadām ’aḥărê hārōṣēḥa kî-yēḥam ləḇāḇwō wəhiśśîḡwō kî-yirəbeh hadereḵə wəhikâû nāfeš wəlwō ’ên mišəpaṭ-māweṯ kî lō’ śōnē’ hû’ lwō mitəmwōl šiləšwōm:

Algemeen

Zie ook: Bloedwraak, Hart (lichaamsdeel), Pad, Straat, Weg

Aantekeningen

Opdat de bloedwreker den doodslager niet najage, als zijn hart verhit is, en hem achterhale, omdat de weg te verre zou zijn, en hem sla aan het leven; zo toch geen oordeel des doods aan hem is; want hij haatte hem niet van gisteren [en] eergisteren.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

פֶּן־

-

יִרְדֹּף֩

niet najage

גֹּאֵ֨ל

Opdat de bloedwreker

הַ

-

דָּ֜ם

-

אַחֲרֵ֣י

den doodslager

הָ

-

רֹצֵ֗חַ

-

כִּי־

als

יֵחַם֮

verhit is

לְבָבוֹ֒

zijn hart

וְ

-

הִשִּׂיג֛וֹ

en hem achterhale

כִּֽי־

aan hem is; want

יִרְבֶּ֥ה

te verre zou zijn

הַ

-

דֶּ֖רֶךְ

omdat de weg

וְ

-

הִכָּ֣הוּ

en hem sla

נָ֑פֶשׁ

aan het leven

וְ

-

ל

-

וֹ֙

-

אֵ֣ין

-

מִשְׁפַּט־

zo toch geen oordeel

מָ֔וֶת

des doods

כִּ֠י

-

לֹ֣א

-

שֹׂנֵ֥א

hij haatte

ה֛וּא

-

ל֖

-

וֹ

-

מִ

-

תְּמ֥וֹל

hem niet van gisteren

שִׁלְשֽׁוֹם

eergisteren


Opdat de bloedwreker den doodslager niet najage, als zijn hart verhit is, en hem achterhale, omdat de weg te verre zou zijn, en hem sla aan het leven; zo toch geen oordeel des doods aan hem is; want hij haatte hem niet van gisteren [en] eergisteren.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!