Deuteronomium 33:29

SVWelgelukzalig zijt gij, o Israel! wie is u gelijk? gij zijt een volk, verlost door den HEERE, het Schild uwer hulp, en Die een Zwaard is uwer hoogheid; daarom zullen zich uw vijanden geveinsdelijk aan u onderwerpen, en gij zult op hun hoogten treden!
WLCאַשְׁרֶ֨יךָ יִשְׂרָאֵ֜ל מִ֣י כָמֹ֗וךָ עַ֚ם נֹושַׁ֣ע בַּֽיהוָ֔ה מָגֵ֣ן עֶזְרֶ֔ךָ וַאֲשֶׁר־חֶ֖רֶב גַּאֲוָתֶ֑ךָ וְיִכָּֽחֲשׁ֤וּ אֹיְבֶ֙יךָ֙ לָ֔ךְ וְאַתָּ֖ה עַל־בָּמֹותֵ֥ימֹו תִדְרֹֽךְ׃ ס
Trans.’ašəreyḵā yiśərā’ēl mî ḵāmwōḵā ‘am nwōša‘ baJHWH māḡēn ‘ezəreḵā wa’ăšer-ḥereḇ ga’ăwāṯeḵā wəyikāḥăšû ’ōyəḇeyḵā lāḵə wə’atâ ‘al-bāmwōṯêmwō ṯiḏərōḵə:

Algemeen

Zie ook: Letters (vreemde), Offerhoogten, Schild, Zwaard

Aantekeningen

Welgelukzalig zijt gij, o Israel! wie is u gelijk? gij zijt een volk, verlost door den HEERE, het Schild uwer hulp, en Die een Zwaard is uwer hoogheid; daarom zullen zich uw vijanden geveinsdelijk aan u onderwerpen, en gij zult op hun hoogten treden!


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

אַשְׁרֶ֨יךָ

Welgelukzalig

יִשְׂרָאֵ֜ל

zijt gij, Israël

מִ֣י

-

כָמ֗וֹךָ

-

עַ֚ם

wie is gelijk? gij zijt een volk

נוֹשַׁ֣ע

verlost

בַּֽ

door den HEERE

יהוָ֔ה

-

מָגֵ֣ן

het Schild

עֶזְרֶ֔ךָ

uwer hulp

וַ

-

אֲשֶׁר־

-

חֶ֖רֶב

en Die een Zwaard

גַּאֲוָתֶ֑ךָ

is uwer hoogheid

וְ

-

יִכָּֽחֲשׁ֤וּ

geveinsdelijk aan onderwerpen

אֹיְבֶ֙יךָ֙

daarom zullen zich uw vijanden

לָ֔ךְ

-

וְ

-

אַתָּ֖ה

-

עַל־

-

בָּמוֹתֵ֥ימוֹ

en gij zult op hun hoogten

תִדְרֹֽךְ

treden


Welgelukzalig zijt gij, o Israël! wie is u gelijk? gij zijt een volk, verlost door den HEERE, het Schild uwer hulp, en Die een Zwaard is uwer hoogheid; daarom zullen zich uw vijanden geveinsdelijk aan u onderwerpen, en gij zult op hun hoogten treden!


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!