Jeremia 19:3

SVEn zeg: Hoort des HEEREN woord, gij koningen van Juda en inwoners van Jeruzalem! Alzo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israels: Ziet, Ik zal een kwaad brengen over deze plaats, [van] hetwelk een ieder, die het hoort, zijn oren klinken zullen;
WLCוְאָֽמַרְתָּ֙ שִׁמְע֣וּ דְבַר־יְהוָ֔ה מַלְכֵ֣י יְהוּדָ֔ה וְיֹשְׁבֵ֖י יְרֽוּשָׁלִָ֑ם כֹּֽה־אָמַר֩ יְהוָ֨ה צְבָאֹ֜ות אֱלֹהֵ֣י יִשְׂרָאֵ֗ל הִנְנִ֨י מֵבִ֤יא רָעָה֙ עַל־הַמָּקֹ֣ום הַזֶּ֔ה אֲשֶׁ֥ר כָּל־שֹׁמְעָ֖הּ תִּצַּ֥לְנָה אָזְנָֽיו׃
Trans.wə’āmarətā šimə‘û ḏəḇar-JHWH maləḵê yəhûḏâ wəyōšəḇê yərûšālāim kōh-’āmar yəhwâ ṣəḇā’wōṯ ’ĕlōhê yiśərā’ēl hinənî mēḇî’ rā‘â ‘al-hammāqwōm hazzeh ’ăšer kāl-šōmə‘āh tiṣṣalənâ ’āzənāyw:

Algemeen

Zie ook: Jeruzalem, Juda (koninkrijk), koningen van Juda

Aantekeningen

En zeg: Hoort des HEEREN woord, gij koningen van Juda en inwoners van Jeruzalem! Alzo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israels: Ziet, Ik zal een kwaad brengen over deze plaats, [van] hetwelk een ieder, die het hoort, zijn oren klinken zullen;


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וְ

-

אָֽמַרְתָּ֙

En zeg

שִׁמְע֣וּ

Hoort

דְבַר־

woord

יְהוָ֔ה

des HEEREN

מַלְכֵ֣י

gij koningen

יְהוּדָ֔ה

van Juda

וְ

-

יֹשְׁבֵ֖י

en inwoners

יְרֽוּשָׁלִָ֑ם

van Jeruzalem

כֹּֽה־

-

אָמַר֩

Alzo zegt

יְהוָ֨ה

de HEERE

צְבָא֜וֹת

der heirscharen

אֱלֹהֵ֣י

de God

יִשְׂרָאֵ֗ל

Israëls

הִנְ

-

נִ֨י

-

מֵבִ֤יא

brengen

רָעָה֙

Ziet, Ik zal een kwaad

עַל־

-

הַ

-

מָּק֣וֹם

over deze plaats

הַ

-

זֶּ֔ה

-

אֲשֶׁ֥ר

-

כָּל־

-

שֹׁמְעָ֖הּ

hetwelk een ieder, die het hoort

תִּצַּ֥לְנָה

klinken zullen

אָזְנָֽיו

zijn oren


En zeg: Hoort des HEEREN woord, gij koningen van Juda en inwoners van Jeruzalem! Alzo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israels: Ziet, Ik zal een kwaad brengen over deze plaats, [van] hetwelk een ieder, die het hoort, zijn oren klinken zullen;


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!