Jeremia 34:2

SVZo zegt de HEERE, de God Israels: Ga henen en spreek tot Zedekia, den koning van Juda, en zeg tot hem: Zo zegt de HEERE: Zie, Ik geef deze stad in de hand des konings van Babel, en hij zal ze met vuur verbranden.
WLCכֹּֽה־אָמַ֤ר יְהוָה֙ אֱלֹהֵ֣י יִשְׂרָאֵ֔ל הָלֹךְ֙ וְאָ֣מַרְתָּ֔ אֶל־צִדְקִיָּ֖הוּ מֶ֣לֶךְ יְהוּדָ֑ה וְאָמַרְתָּ֣ אֵלָ֗יו כֹּ֚ה אָמַ֣ר יְהוָ֔ה הִנְנִ֨י נֹתֵ֜ן אֶת־הָעִ֤יר הַזֹּאת֙ בְּיַ֣ד מֶֽלֶךְ־בָּבֶ֔ל וּשְׂרָפָ֖הּ בָּאֵֽשׁ׃
Trans.kōh-’āmar JHWH ’ĕlōhê yiśərā’ēl hālōḵə wə’āmarətā ’el-ṣiḏəqîyâû meleḵə yəhûḏâ wə’āmarətā ’ēlāyw kōh ’āmar JHWH hinənî nōṯēn ’eṯ-hā‘îr hazzō’ṯ bəyaḏ meleḵə-bāḇel ûśərāfāh bā’ēš:

Algemeen

Zie ook: Hand (lichaamsdeel), Juda (koninkrijk), koningen van Juda, Vuur

Aantekeningen

Zo zegt de HEERE, de God Israels: Ga henen en spreek tot Zedekia, den koning van Juda, en zeg tot hem: Zo zegt de HEERE: Zie, Ik geef deze stad in de hand des konings van Babel, en hij zal ze met vuur verbranden.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

כֹּֽה־

-

אָמַ֤ר

Zo zegt

יְהוָה֙

de HEERE

אֱלֹהֵ֣י

de God

יִשְׂרָאֵ֔ל

Israëls

הָלֹךְ֙

Ga henen

וְ

-

אָ֣מַרְתָּ֔

en spreek

אֶל־

-

צִדְקִיָּ֖הוּ

tot Zedekía

מֶ֣לֶךְ

den koning

יְהוּדָ֑ה

van Juda

וְ

-

אָמַרְתָּ֣

en zeg

אֵלָ֗יו

-

כֹּ֚ה

-

אָמַ֣ר

tot hem: Zo zegt

יְהוָ֔ה

de HEERE

הִנְ

-

נִ֨י

-

נֹתֵ֜ן

Zie, Ik geef

אֶת־

-

הָ

-

עִ֤יר

deze stad

הַ

-

זֹּאת֙

-

בְּ

-

יַ֣ד

in de hand

מֶֽלֶךְ־

des konings

בָּבֶ֔ל

van Babel

וּ

-

שְׂרָפָ֖הּ

verbranden

בָּ

-

אֵֽשׁ

en hij zal ze met vuur


Zo zegt de HEERE, de God Israels: Ga henen en spreek tot Zedekia, den koning van Juda, en zeg tot hem: Zo zegt de HEERE: Zie, Ik geef deze stad in de hand des konings van Babel, en hij zal ze met vuur verbranden.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!