Job 42:9

SVToen gingen Elifaz, de Themaniet, en Bildad, de Suhiet, [en] Zofar, de Naamathiet, henen, en deden, gelijk als de HEERE tot hen gesproken had; en de HEERE nam het aangezicht van Job aan.
WLCוַיֵּלְכוּ֩ אֱלִיפַ֨ז הַתֵּֽימָנִ֜י וּבִלְדַּ֣ד הַשּׁוּחִ֗י צֹפַר֙ הַנַּ֣עֲמָתִ֔י וַֽיַּעֲשׂ֔וּ כַּאֲשֶׁ֛ר דִּבֶּ֥ר אֲלֵיהֶ֖ם יְהוָ֑ה וַיִּשָּׂ֥א יְהוָ֖ה אֶת־פְּנֵ֥י אִיֹּֽוב׃
Trans.wayyēləḵû ’ĕlîfaz hatêmānî ûḇilədaḏ haššûḥî ṣōfar hanna‘ămāṯî wayya‘ăśû ka’ăšer diber ’ălêhem JHWH wayyiśśā’ JHWH ’eṯ-pənê ’îywōḇ:

Algemeen

Zie ook: Aangezicht, Gelaat, Bildad, Elifaz (2), Job (persoon), Naamah, Naamathiet, Suchu, Thema, Zofar

Aantekeningen

Toen gingen Elifaz, de Themaniet, en Bildad, de Suhiet, [en] Zofar, de Naamathiet, henen, en deden, gelijk als de HEERE tot hen gesproken had; en de HEERE nam het aangezicht van Job aan.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יֵּלְכוּ֩

-

אֱלִיפַ֨ז

Elífaz

הַ

-

תֵּֽימָנִ֜י

de Themaniet

וּ

-

בִלְדַּ֣ד

en Bildad

הַ

-

שּׁוּחִ֗י

de Suhiet

צֹפַר֙

Zofar

הַ

-

נַּ֣עֲמָתִ֔י

de Naämathiet

וַֽ

-

יַּעֲשׂ֔וּ

en deden

כַּ

-

אֲשֶׁ֛ר

gelijk als

דִּבֶּ֥ר

hen gesproken had

אֲלֵיהֶ֖ם

tot

יְהוָ֑ה

de HEERE

וַ

-

יִּשָּׂ֥א

nam

יְהוָ֖ה

en de HEERE

אֶת־

-

פְּנֵ֥י

het aangezicht

אִיּֽוֹב

van Job


Toen gingen Elifaz, de Themaniet, en Bildad, de Suhiet, [en] Zofar, de Naamathiet, henen, en deden, gelijk als de HEERE tot hen gesproken had; en de HEERE nam het aangezicht van Job aan.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!