Psalm 65:11

SVGij maakt zijn opgeploegde aarde dronken; Gij doet ze dalen [in] zijn voren; Gij maakt het week door de druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel.
WLCתְּלָמֶ֣יהָ רַ֭וֵּה נַחֵ֣ת גְּדוּדֶ֑יהָ בִּרְבִיבִ֥ים תְּ֝מֹגְגֶ֗נָּה צִמְחָ֥הּ תְּבָרֵֽךְ׃
Trans.təlāmeyhā raûēh naḥēṯ gəḏûḏeyhā birəḇîḇîm təmōḡəḡennâ ṣiməḥāh təḇārēḵə:

Algemeen

Zie ook: Regen

Aantekeningen

Gij maakt zijn opgeploegde aarde dronken; Gij doet ze dalen [in] zijn voren; Gij maakt het week door de druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

תְּלָמֶ֣יהָ

opgeploegde

רַ֭וֵּה

aarde dronken

נַחֵ֣ת

Gij doet ze dalen

גְּדוּדֶ֑יהָ

zijn voren

בִּ

-

רְבִיבִ֥ים

door de druppelen

תְּ֝מֹגְגֶ֗נָּה

Gij maakt het week

צִמְחָ֥הּ

zijn uitspruitsel

תְּבָרֵֽךְ

Gij zegent


Gij maakt zijn opgeploegde aarde dronken; Gij doet ze dalen [in] zijn voren; Gij maakt het week door de druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!