Richteren 9:1

SVAbimelech nu, de zoon van Jerubbaal, ging henen naar Sichem, tot de broeder zijner moeder; en hij sprak tot hen, en tot het ganse geslacht van het huis van den vader zijner moeder, zeggende:
WLCוַיֵּ֨לֶךְ אֲבִימֶ֤לֶךְ בֶּן־יְרֻבַּ֙עַל֙ שְׁכֶ֔מָה אֶל־אֲחֵ֖י אִמֹּ֑ו וַיְדַבֵּ֣ר אֲלֵיהֶ֔ם וְאֶל־כָּל־מִשְׁפַּ֛חַת בֵּית־אֲבִ֥י אִמֹּ֖ו לֵאמֹֽר׃
Trans.wayyēleḵə ’ăḇîmeleḵə ben-yəruba‘al šəḵemâ ’el-’ăḥê ’immwō wayəḏabēr ’ălêhem wə’el-kāl-mišəpaḥaṯ bêṯ-’ăḇî ’immwō lē’mōr:

Algemeen

Zie ook: Abimelech, Abimelech (koning), Gideon, Sichem (plaats)

Aantekeningen

Abimelech nu, de zoon van Jerubbaal, ging henen naar Sichem, tot de broeder zijner moeder; en hij sprak tot hen, en tot het ganse geslacht van het huis van den vader zijner moeder, zeggende:


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יֵּ֨לֶךְ

-

אֲבִימֶ֤לֶךְ

Abimélech

בֶּן־

nu, de zoon

יְרֻבַּ֙עַל֙

van Jerubbaäl

שְׁכֶ֔מָה

naar Sichem

אֶל־

tot

אֲחֵ֖י

de broeders

אִמּ֑וֹ

zijner moeder

וַ

-

יְדַבֵּ֣ר

en hij sprak

אֲלֵיהֶ֔ם

tot

וְ

-

אֶל־

hen, en tot

כָּל־

het ganse

מִשְׁפַּ֛חַת

geslacht

בֵּית־

van het huis

אֲבִ֥י

van den vader

אִמּ֖וֹ

zijner moeder

לֵ

-

אמֹֽר

zeggende


Abimelech nu, de zoon van Jerubbaal, ging henen naar Sichem, tot de broeder zijner moeder; en hij sprak tot hen, en tot het ganse geslacht van het huis van den vader zijner moeder, zeggende:


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!