‹ De leer van de opname van de gemeente (6)
De leer van de opname van de gemeente (slot)
Gepubliceerd op 25-06-2020

ALS JEZUS KOMT!

Voor alle duidelijkheid, er staat geen vraagteken, maar een uitroepteken achter. Het is dus geen vraag maar een zekerheid die we uitgeschreven vinden in de Bijbel.

Belofte bij de hemelvaart

Hoe ver we al zijn in Gods plan, ruim tweeduizend jaar na de geboorte van Jezus, weet niemand. Maar de belofte bij de hemelvaart van de Heer Jezus is klaar en duidelijk: ‘Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie Hem naar de hemel hebben zien gaan’, Hand. 1:11.
Jezus heeft geen dagenlange ‘reis’ gemaakt, maar is opgenomen in het voor ons onzichtbare deel van de schepping, de onzienlijke wereld, de wereld van God, de engelen en de gestorven gelovigen, de hemelse heerlijkheid.
Dit vers is de basis en zet de toon voor wat verder volgt in het NT, waarbij het OT op de achtergrond eveneens een rol speelt.

Lees goed wat er staat, Jezus heeft in ‘verticale’ zin (hij werd van de aarde opgeheven) deze wereld verlaten, waarbij een wolk Hem onttrok aan de ogen van de discipelen. Als je het vers goed leest komt Jezus op dezelfde manier weer binnen ons gezichtsveld, vanuit de hemel naar de aarde. Wat daar bij en voor komt kijken leest u in latere studies.

Op dezelfde manier

Er staat in Hand. 1:11 niet dat Jezus op dezelfde plaats zal terugkomen. Het kan, maar gelet op de manier waarop er in de evangeliën over Jezus’ wederkomst wordt gesproken is dat geen zekerheid. Immers zijn komst zal overweldigend zijn. Lees het maar na in Matth. 24: 29-31 en de parallelplaatsen Marc. 13: 24-27 en Luc. 21: 25-28. Zijn opnieuw komen naar deze wereld zal plaatsvinden op een manier die ons bevattingsvermogen ver te boven gaat. En de gehele wereld zal het weten!
Was Zijn komst (geboorte) in Bethlehem een komen in ‘vernedering’, als een kindje, klein en teer, Zijn wederkomst zal met de grootst mogelijke heerlijkheid gepaard gaan.
Zover is het echter nog niet.

De Dag en de dagen

De wereldgeschiedenis is éen lange reeks van dagen. Hoeveel dagen er inmiddels geweest zijn, is met geen mogelijkheid vast te stellen, omdat we niet weten wanneer God de wereld heeft geschapen. Maar de dagen zoals wij die kennen (de wisseling van dag en nacht) zijn bij en met de schepping van de wereld begonnen. Toen begon de klok te lopen. Daarover vertelt ons het eerste Bijbelboek, hoofdstuk 1.
De geschiedenis is een aaneenschakeling van dagen, die samen jaren en eeuwen vormen. Sinds het jaar 0 zijn dat er inmiddels meer dan 735.000. Daar zijn de dagen van de geschiedenis vóor het jaar 0 dus niet bij. Als we weten dat Abraham ruwweg 2000 jaar voor Christus leefde, dan zitten we in de buurt van de anderhalf miljoen. De tijd die er is verlopen tussen de schepping van Adam en Eva en Abraham blijft verborgen, maar heeft in ieder geval een x-aantal duizenden jaren geduurd. Geen miljoenen, zoals de evolutionisten ons willen doen geloven.

Tussen al die dagen zitten bijzondere dagen, zoals bv. de dag van Christus' geboorte, de dag dat Hij stierf aan het kruis, de dag van Zijn opstanding uit de dood, de dag van Zijn hemelvaart.

Tussen al die dagen zitten ook bijzondere dagen uit de mensengeschiedenis. Als ik denk aan de laatste vijftig jaar dan is daar die dag van de eerste mens op de maan (21 juli 1969), de val van de Berlijnse muur ( 9 november 1989), de aanslagen van 11 september 2001 in New York.
Kerkelijk gezien, de dag dat de Oosterse en Westerse kerk uiteen gingen, 1054 na Chr. De dag dat Luther zijn 95 stellingen aan de deur van de kapel van Wittenberg sloeg, 31 oktober 1517.
Zo maar wat voorbeelden die met velen aangevuld kunnen worden.

Onze persoonlijke geschiedenis

Binnen de grote geschiedenis van de mensheid beleven wij ons eigen stukje geschiedenis van een x-aantal dagen. Daaronder zijn dagen die je niet gauw vergeet: de huwelijksdag, de geboorte van een kind, de dag dat je failliet ging, de dag van een belangrijke operatie, de dag dat je promoveerde, de dag dat een geliefde overleed, de dag dat een scheiding werd uitgesproken etc. Iedereen kan er zijn of haar eigen blije en droeve dagen aan toevoegen.

De laatste dag van de geschiedenis

De dagen van de ons bekende geschiedenis eindigen op een dag die in het Nieuwe Testament met verschillende woorden wordt aangeduid. Ik noem er een paar, met daarachter de vindplaats:

U ziet, in de boeken van het NT komt een grote verscheidenheid van uitdrukkingen voor, als het gaat over die afsluitende dag van de geschiedenis. Het geeft aan dat alle schrijvers van de brieven hetzelfde toekomstbeeld voor ogen hadden, als ze schrijven over de terugkeer van de Heer op de jongste Dag.

Oude Testament

Ook in OT komen we woorden tegen als ‘de Dag van de Heer’ (Jom Jahweh) en aanverwante uitdrukkingen zoals ‘de Dag’, de ‘grote en geduchte Dag’. Een paar voorbeelden uit vele zijn Amos 5:18-20, Jes. 13:6-13, Joel 2:1, 2, Mal. 4:5.
In het OT gaat het soms om een dag in Israëls geschiedenis, waarop de Here God zal laten zien dat Hij een God van recht en gerechtigheid is. Een dag waarop Jahweh verschijnt in Zijn koninklijke macht en heerlijkheid. Een dag van omkeer, zowel ten goede (heil) als ten kwade (oordeel). Vaak gaat het dan om een Goddelijk ingrijpen in de concrete geschiedenis van Israël toen.

Er zijn in het OT echter ook passages die op een verder liggende toekomst wijzen. Het zijn deze Bijbelgedeelten die ten grondslag liggen aan de verschillende aanduidingen van de Dag van de Heer in het NT, zoals ik hierboven heb genoemd.
Het is de Dag dat de Here zal laten zien dat Hij een God van recht en gerechtigheid is en Zich houdt aan Zijn Woord. Een dag met twee kanten: een dag van oordeel en een dag van heil.

In het OT is die Dag vaak donker gekleurd. Dan wordt er gesproken over wraak, toorn, verbolgenheid van de Here, benauwdheid, angst, duisternis, donkerheid etc. bv. Zef. 1:14vv.
Die ‘donkere kant’ komen we, zij het wat minder, ook in het NT wel tegen, zoals bv. 2 Petr. 3:10 en 1 Joh. 4:17 aangeven. Maar in het NT ligt het accent vooral op het gegeven, dat God alle dingen rechtzet, die wij mensen op hun kop hebben gezet. Het is ook en Dag van heil voor Gods kinderen, die het op aarde vaak moeilijk hebben gehad. Morgen meer hierover.

Ik sluit de studie van deze dag af met een gedicht dat als titel heeft: Het laatste kind.

Drs. C.A.E. Groot

Ik ben het laatste kind dat werd geboren,
om half acht ’s morgens op de jongste dag.
Ik wilde huilen, maar opeens zongen de koren,
ik ben de eerste die naar binnen mag.

Er was geen tijd meer om me aan te kleden,
vol is de tijd, mijn wieg bestaat niet meer.
‘k Ben amper uit het moederlijf gegleden
of ik mag al staan juichen voor de Heer.

Ik weet niet eens hoe ze me wilden noemen,
maar ‘k sta geschreven op de boekrol, onderaan.
Ik ken geen sterren, dieren, bomen, noch ook bloemen,
ik weet alleen dat ik bij Hem mag staan.

Ik ben het laatste kind dat werd geboren,
mijn lichaam is nu nieuw, al is het klein.
Ik ben de eerste die er bij mag horen,
in eeuwigheid zal ik de jongste zijn.


Tags: Opname van de Gemeente
Gerelateerde onderwerpen: Opname van de Gemeente

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

BoekenBoeken