G40 ἅγιος
heilige, heilig (iets zeer)
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 226x voor in 23 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

hagios, bn van hagos (iets ontzagwekkends), TDNT - 1:88,14;


1) toegewijd aan de goden; 1a) iets zeer heiligs, een heilige


Bronnen

Henry George Liddell, Robert Scott, A Greek-English Lexicon

Voor meer informatie: Henry George Liddell, Robert Scott, A Greek-English Lexicon (1940)

ἅγιος ᾰ, α, ον,
  devoted to the gods:
__I in good sense, sacred, holy:
__I.1 of things, especially temples, ἈΦροδίτης ἱρὸν ἅ. Herodotus Historicus 2.41 ; ἱρο᾽ν Ἡρακλέος ἅ. prev. work 44, compare Plato Philosophus “Critias” 116c, Xenophon Historicus “Historia Graeca (Hellenica)” 3.2.19; θηρίον Antiphanes Comicus 147.7; νηὸν ἐπὶ τῷ χάσματι Ἥρης ἅ. ἐστήσατο Lucianus Sophista “Syr.D.” 13: generally, θυσίαι, ξυμβόλαια, Isocrates Orator 10.63, Plato Philosophus “Leges” 729e (Sup.) ; μητρός.. ἐστι πατρὶς ἁγιώτερον prev. author “Cri.” 51a; ὅρκος ἅ. Aristoteles Philosophus “Mirabilia” 834b11 ; ἅ., τό, temple, “OGI” 56.59 (from Canopus), LXX.Exo.26.33, al., cf. NT.Heb.9.2; τὸ ἅ. τῶν ἁγίων +NTHoly of Holies, LXX same place; τὰ ἅ. τῶν ἁ. “3 Ki.” 8.6, etc., cf. NT.Heb.9.3.
__I.2 of persons, holy, pure, Aristophanes Comicus “Aves” 522 (anap.); λαὸς ἅ. Κυρίῳ LXX.Deu.7.6, al.; +5th c.BC+ οἱ ἅ. the Saints, NT.1Cor.6.1, al.; πνεῦμα ἅ. the Holy Spirit, NT.Matt.3.11, al. adverb ἁγίως καὶ σεμνῶς ἔχειν Isocrates Orator 11.25.
__II in bad sense, accursed, execrable, Cratinus Comicus 373, 1Eustathius Episcopus Thessalonicensis 1356.59.—Never in Homerus Epicus, Hesiodus Epicus, or Trag. (who use ἁγνός) ; rare in Attic dialect (see. above). (Possibly cognate with Sanskrit yajati 'sacrifice'.)

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἁγιάζω G37 "reinigen"; Grieks ἅγιον G39 "zuiver, zonder zonde, heilig"; Grieks ἁγιότης G41 "heiligheid"; Grieks ἁγιωσύνη G42 "majesteit, heiligheid, morele zuiverheid, zuiverheid (morele)"; Grieks ἁγνός G53 "eerbied opwekkend, eerbiedwaardig, heilig, rein, zuiver, vlekkeloos, kuis, ingetogen"; Grieks ὅσιος G3741 "onbezoedeld, zuiver, heilig, vroom";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Hadderech