G459 ἄνομος
wetteloos, misdadig
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 10x voor in 7 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

ánomos̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἄ-νομος, -ον (ἀ. neg., νόμος), [in LXX for עָוֺן H5771, פֶּשַׁע H6586, רֶשַׁע H7562, etc.;] 1. lawless, wicked: Mk 15:28, Lk 22:37, Ac 2:23, I Ti 1:9, II Pe 2:8; ὁ ἄ., II Th 2:8 (= ὁ ἄνθρωπος τῆς ἀνομίας, II Th 2:3). 2. without law (= οἱ μὴ ὑπὸ νόμον, Ro 2:14): I Co 9:21 (MM, VGT, s.v.).†

SYN.: v.s. ἄθεσμος G113.


Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks Α G1 "A, Alpha, Christus"; Grieks ἀνομία G458 "wetteloosheid"; Grieks ἀνόμως G460 "zondigen, wetteloos"; Grieks νόμος G3551 "zede, wet, bevel, gebruikelijk";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Doneer Aantekeningen bij de Bijbel