G732 ἄῤῥωστος
zwak, ziek
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 5x voor in 3 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

árro̱stos̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἄρρωστος, -ον (< ἀ- neg., ῥώννυμι), [in LXX: III Ki 14:5Α, Ma 1:8 (חלה H2470), Si 7:35*;] feeble, sickly: Mt 14:14, Mk 6:5, 13 16:[18], I Co 11:30.†

Henry George Liddell, Robert Scott, A Greek-English Lexicon

Voor meer informatie: Henry George Liddell, Robert Scott, A Greek-English Lexicon (1940)

ἄρρωστ-ος, ον,
  (ῥώννυμι) weak, sickly, Aristoteles Philosophus “Historia Animalium” 634b14, Plutarchus Biographus et Philosophus 2.465c . adverb -τως, ἔχειν Aeschines Orator 2.14, compare Dionysius Halicarnassensis 7.12; διακεῖσθαι Isocrates Orator 19.20.
__2 in moral sense, weak, feeble, τὴν ψυχήν Xenophon Historicus “Apologia Socratis” 30, compare “Oec.” 4.2 (Comp.).
__3 ἀρρωστότερος ἐς τὴν μισθοδοσίαν remiss in payment, Thucydides Historicus 8.83. ᾰρωστος “Anthologia Graeca” 11.206 (Lucillius Epigrammaticus).

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks Α G1 "A, Alpha, Christus"; Grieks ῥώννυμι G4517 "sterk maken, versterken, sterk zijn, gedijen, bloeien";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs