G747 ἀρχηγός
vorst, leider (voornaamste), auteur, maker
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 4x voor in 2 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

archi̱gos̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἀρχηγός, -όν, [in LXX for רֹאשׁ H7218, נָשִׂיא H5387 etc.;] beginning, originating 1. founder, author (Lat. auchor; so sometimes in π., v. MM, s.v.; Milligan, NTD, 75): Ac 3:15 (R, mg.), He 2:10 (R, txt.; but v. Westc., in l., and Page, Ac 3:15). 2. prince, leader (so in MGr., v. Kennedy, Sources, 153): Ac 3:15 (R, txt.) 5:31, He 2:10 (cf. R, mg.) 12:2 (Cremer, 117).†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἄγω G71 "leiden, meenemen, aanvoeren, feest vieren (een), gaan, weggaan, vertrekken"; Grieks ἀρχή G746 "begin, oorsprong";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Doneer Aantekeningen bij de Bijbel