G1138 Δαβίδ
David
Taal: Grieks

Onderwerpen

David (koning),

Statistieken

Komt 59x voor in 9 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

persoonsnaam van Hebreeuwse oorsprong דָּוִיד H1732; TDNT - 8:478


Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

Δαυείδ (Rec. Δαβίδ), , indecl. (Heb. דָּוִד H1732), David, King of Israel: Mt 1:6; 12:3, et al.; σκηνὴ Δ., Ac 15:16; κλεὶς Δ., Re 3:7; θρόνος Δ., Lk 1:32; ῥίζα Δ., Re 5:5; βασιλεία Δ., Mk 11:10; υἱὸς Δ., the Messiah (Ps. Sol., 17:23; for other reff. in Jewish lit., v. Dalman, Words, 317), Mt 1:1 9:27, et al.; ἐν Δ., i.e. the Psalter, He 4:7

Synoniemen en afgeleide woorden

Hebreeuws דָּוִד H1732 "David";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs