G1699 ἐμός
mijn, mij (van)
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 70x voor in 15 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

emos̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἐμός, -ή, -όν poss. prop. of first pers., representing the em­phasized gen. ἐμοῦ, mine, subjectively and objectively, i.e. belonging to, proceeding from or related to me: Mt 18:20, Mk 8:38, Jo 3:29 (most freq. in this gospel), al.; absol., τὸ ἐμόν, τὰ ἐμά, Mt 20:15 25:27, Lk 15:31, Jo 10:14 16:14, 15 17:10; = gen. obj. (cl.), εἰς τ. ἐμὴν ἀνάμνησιν, Lk 22:19, I Co 11:24, 25; c. gen. expl., τ. ἐμῇ χειρὶ Παύλου, I Co 16:21, Col 4:18, II Th 3:17

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs