G2344 θησαυρός
schatkamer, voorraadkamer, opslagplaats
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 18x voor in 6 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

thi̱sayros̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

θησαυρός, -οῦ, ὁ (< τίθημι), [in LXX chiefly for אוֹצָר H214;] 1. a place of safe keeping (a) a casket: Mt 2:11; (b) a treasury (I Mac 3:29 and freq. in cl.); (c) a storehouse (Ne 13:12, De 28:12, al.): Mt 13:52; metaph., of the soul, Mt 12:35; τ. καρδίας, Lk 6:45. 2. a treasure: Mt 6:19-21 13:44, Lk 12:33, 34, He 11:26;θ. ἐν οὐρανῷ (v. Dalman, Words, 206 ff.), Mt 19:21, Mk 10:21, Lk 18:22; of the knowledge of God through Christ, II Co 4:7; τ. σοφίας κ. γνώσεως, Col 2:3.†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks θησαυρίζω G2343 "opleggen, opslaan, bewaren"; Grieks τίθημι G5087 "zetten, plaatsen, leggen, vaststellen";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs