G3581 ξένος
vreemde, vreemdeling, gastheer
Taal: Grieks

Onderwerpen

Allochtoon / Vreemdeling,

Statistieken

Komt 14x voor in 7 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

xenos̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ξένος, -η, -ον, [in LXX chiefly for נׇכְרִי H5237;] (a) foreign, alien: δαιμόνια, Ac 17:18; διδαχαί, He 13:9; (b) c. gen. rei, strange to, estranged from, ignorant of : Eph 2:12; (c) strange, unusual: I Pe 4:12. As subst., ὁ ξ. (a) a foreigner, stranger: Mt 25:35, 38, 43, 44 27:7, Ac 17:21, III Jn 5; ξένοι κ. τάροικοι (opp. to συμπολῖται, οίκεῖοι), Eph 2:19; ξ. καὶ παρεπίδημοι, He 11:13; (b) α the guest; β the host ( = ξενοδόκος, Hom., Il., xv, 532): Ro 16:23.†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ξενία G3578 "gastvriendschap, gastvrij onthaal, logeerkamer, onderdak"; Grieks ξενίζω G3579 "gastvrij ontvangen, logeren, bevreemden, verbazen"; Grieks ξενοδοχέω G3580 "gastvrij ontvangen"; Grieks φιλόξενος G5382 "filoxenoV";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Doneer Aantekeningen bij de Bijbel