G3791 ὀχλέω
verstoren, wegrollen
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 2x voor in 2 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

ochleo̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

** ὀχλέω, -ῶ (< ὄχλος), [in LXX: To 6:7, III Mac 5:41*;] to move, disturb; hence, generally, to trouble, vex: pass., Ac 5:16 (act. absol., = pass., to be in a tumult, III Mac 5.41; cf. ἐν-, παρ-εν-οχλέω, and v. MM, xviii).†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἐνοχλέω G1776 "verontrusten, plagen"; Grieks ὄχλος G3793 "menigte";

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

TuinTuin