G4226 ποῦ
ergens, bijna
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 44x voor in de Bijbel.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

poý,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ποῦ, interrog. adv., [in LXX for אַי H335, אַיֵּה H346, אָנָה H575;] 1. prop., where?: Mt 2:2 26:17, Mk 14:12, 14, Lk 17:17, 37 22:9, 11, Jo 1:39 7:11 8:[10], 19 9:12 11:34; ποῦ (ἐστιν), indicating that the subject in question is not to be found, Lk 8:25, Ro 3:27, I Co 1:20 12:17, 19 15:55, Ga 4:15, II Pe 3:4; ποῦ φανεῖται, I Pe 4:18. 2. = ὅπου (WM, 640; Bl., § 50, 5): c. indic., Mt 2:4, Mk 15:47, Jo 1:40 11:57 20:2, 13, 15, Re 2:13; c. subjc., Mt 8:20, Lk 9:58 12:17. 3. In colloq. (as in Eng.) = ποῖ, whither: in direct questions, Jo 7:35 9:12 13:36 16:5; in indir. quest., Jo 3:8 8:14 12:35 14:5, He 11:8, I Jn 2:11.†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ποῖος G4169 "van wat voor soort of aard"; Grieks ποταπός G4217 "welk land"; Grieks πότε G4219 "wanneer?"; Grieks πότερον G4220 "welke van de twee"; Grieks πού G4225 "waar?"; Grieks πῶς G4459 "hoe?";

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

De Bijbelonderzoeker