G5331 φαρμακεία
geneesmiddel (gebruik van), vergiftiging
Taal: Grieks

Onderwerpen

Magie, Tovenarij, Medicijn,

Statistieken

Komt 3x voor in 2 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

farmakeia, zn. vr., van φαρμακεύς G5332.


A.1) geneesmiddel (gebruik van), (Hippocrates, Aphorismi, 1.24; 2.36), het gebruik van elke vorm van drugs, drankjes of vervloekingen (Plato, Laws, 933b; Plato, Protagoras, 354a; Plato, Timaeus, 89b); 2) vergiftiging (Polybius, Histories, 6.13.4); 2a) geven van gif, venijn (Gal. 5:20; Opb. 9:21); 3) tovenarij (Opb. 18:23); B) metafor. remedie


Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

φαρμακία (Rec. -εία), -ας, ἡ (< φαρμακεύω, to administer drugs) poët. and late prose form of φαρμακεία, [in LXX: Ex 7:11, 22 8:7, 18 (3, 14) (לָט H3909, חַרְטֹם H2748), Is 47:9, 12 (כֶּשֶׁף H3785) Wi 12:4 18:13 * ;] 1. generally, the use of medicine, drugs or spells (Xen.). 2. (a) poisoning (Plut., Polyb.); (b) sorcery, witchcraft: Ga 5:20 (v. Lft., in l.), Re 9:21 (WH, txt., φαρμάκων) 18:23 (cf. LXX, ll. c.).†

Bronnen


Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks φαρμακεύς G5332 "gifmenger, tovenaar, apotheker";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

De Bijbelonderzoeker