H5036 נָבָל
foolish women, foolish man, foolish, fool, vile person
Taal: Hebreeuws

Onderwerpen

Dwaasheid, Dwazen,

Statistieken

Komt 18x voor in 8 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie



Brown-Driver-Briggs Abridged Hebrew Lexicon

נָבָל adj. foolish, senseless, esp. of the man who has no perception of ethical and religious claims, and with collat. idea of ignoble, disgraceful; elsewh. as subst. (impious and presumptuous) fool

Strong Concise Dictionary Of The Words In The Hebrew Bible

H5036 נָבָל nâbâl; from 5034; stupid; wicked (especially impious) — fool(-ish, -ish man, -ish woman), vile person.

Synoniemen en afgeleide woorden

Hebreeuws נָבֵל H5034 "fade, surely, disgrace, fade away, wither, wear away"; Hebreeuws נָבָל H5037 "Nabhal, Nabal"; Hebreeuws נְבָלָה H5039 "vile, villany, folly"; Hebreeuws נַבְלוּת H5040 "lewdness"; Hebreeuws נְבַלָּט H5041 "Neballat";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

BoekenBoeken