H5926_ עִלֵּג
stotteraar
Taal: Hebreeuws

Onderwerpen

Stotteren, Spreker (moeilijk),

Statistieken

Komt 1x voor in 1 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

ʿillēg, bv. nw.; TWOT 1623a; Afgeleid van het ww. עלג, methathesis van לָעַג H3932 (E. Klein, p. 472), cf. de nifal נִלְעַג "hij stotterde" in de zin עַ֣ם … נִלְעַ֥ג לָשֹׁ֖ון (Jes. 33:19; E. Klein, p. 303).


1) hapax stotteraar, alleen in mv. עִלְּגִ֔ים (Jes. 32:4).



Brown-Driver-Briggs Abridged Hebrew Lexicon

[עִלֵּג] adj. speaking inarticulately;—Is 32:4

Strong Concise Dictionary Of The Words In The Hebrew Bible

H5926 עִלֵּג ʻillêg; from an unused root meaning to stutter; stuttering — stammerer.

Synoniemen en afgeleide woorden

Hebreeuws לָעַג H3932 "onverstaanbaar, belachelijk, bespotten, spotten, honen";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Hadderech