H7523 רָצַח
moorden, doodslaan
Taal: Hebreeuws

Onderwerpen

Dood, Doodslag, Moord,

Statistieken

Komt 47x voor in 13 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

rāṣaḥ, ww.; TWOT 2208; vergl. het Arab. raḍaḥa, raḍaḥa "hij brak, gekneusd, verpletterd" (E. Klein, p. 627)


1) qal doden, vermoorden (Ex. 20:13; Deut. 5:17), doodslaan (Num. 35:6, 11, etc.; 1QIsaa 1:25 (Jes. 1:21); 4Q27 80–84 12, 20 (Num. 35:21, 27); 4Q129 1R 9; 4Q134 1 25); Ivr. רָצַח vermoorden (J. Pimentel, p. 409); 1a) nifal gedood worden (Richt. 20:4; Spr. 22:13); 1b) piel vermoorden (2 Kon. 6:32; Ps. 94:6; Hos. 6:9, 4Q82 11 v 2); 1c) pual gedood worden (Ps. 62:4); 1d) hithpael Ivr. הִתֽרַצַּח zelfmoord plegen (E. Klein, p. 627)



Brown-Driver-Briggs Abridged Hebrew Lexicon

רָצַח vb. murder, slay Qal murder, slay, with premeditation Niph. I shall be slain Pi. (intens.) murder, assassinate Pu. ye murder

Strong Concise Dictionary Of The Words In The Hebrew Bible

H7523 רָצַח râtsach; a primitive root; properly, to dash in pieces, i.e. kill (a human being), especially to murder — put to death, kill, (man-) slay(-er), murder(-er).

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἀναίρεσις G336 "verwoesten, doden, moord"; Grieks θανατόω G2289 "doden, uitroeien, vernietigen"; Grieks κατακόπτω G2629 "neerslaan, doden, slaan, verwonden, snijden, verminken"; Grieks νέκρωσις G3500 "doden, ter dood brengen"; Hebreeuws הָרַג H2026 "gedoden, doden, verslagenen, moordenaar (, ombrengen, doodslaan, doodslager"; Hebreeuws הֶרֶג H2027 "slachting, doden, doding, moord, dood teweeg brengen, moorden, slachten"; Hebreeuws רֶצַח H7524 "moord, doodsteek";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij