Tienden (geven)

Zie ook: Jaar (Nieuw),

Verschillende soorten tienden:

De gewone jaarlijkse tienden Lev. 27:30; Num.18:21, enz.; Deut.14:22, enz, en Deut.26:12, enz.; 2 Kron.31:5; Neh.10:37; Hebr.7:8,9;

De tienden, die de Levieten van de tienden onder 2.1 moesten geven aan de hogepriester, Num.18:26, enz.

De jaarlijkse tienden, waarvan de Israelieten met hun huisgezinnen en de Levieten vrolijk moesten zijn voor de Heere; Deut.12:17,18, en Deut.14:22,23;

De driejarige tienden voor de Levieten, armen, weduwen, wezen en vreemdelingen; Deut.14:28, en Deut.26:12.

Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!