Kreupel
ἀνάπηρος G376 "invalide, kreupel, verminkt, verwond aan", פָּסַח H6452 "voorbijgaan, kreupel zijn", פִּסֵּחַ H6455 "lame",

Zie ook: Handicap, Gebrek, Mismaakt, Verminkt, Ziekte,

1) Gebrekkig 2) Hinkend 3) Hompelig 4) Iemand die mank is 5) Invalide 6) Krepel 7) Kreupele 8) Korenziekte 9) Lam 10) Moeilijk lopend 11) Manke 12) Mank 13) dusdanig aan lichamelijk letsel onderhevig dat men zich niet of niet goed kan voortbewegen.

Mefiboseth was kreupel aan beide voeten (2 Sam. 9:3) omdat toen zijn voedster vluchtte hij viel (2 Sam. 4:4).

Inhoud

Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!