Deuteronomium 1:26

SVDoch gij wildet niet optrekken; maar gij waart den mond des HEEREN uws Gods, wederspannig.
WLCוְלֹ֥א אֲבִיתֶ֖ם לַעֲלֹ֑ת וַתַּמְר֕וּ אֶת־פִּ֥י יְהוָ֖ה אֱלֹהֵיכֶֽם׃
Trans.wəlō’ ’ăḇîṯem la‘ălōṯ watamərû ’eṯ-pî JHWH ’ĕlōhêḵem:

Algemeen

Zie ook: Mond
Numeri 14:1

Aantekeningen

Doch gij wildet niet optrekken; maar gij waart den mond des HEEREN uws Gods, wederspannig.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וְ

-

לֹ֥א

-

אֲבִיתֶ֖ם

Doch gij wildet

לַ

-

עֲלֹ֑ת

niet optrekken

וַ

-

תַּמְר֕וּ

wederspannig

אֶת־

-

פִּ֥י

maar gij waart den mond

יְהוָ֖ה

des HEEREN

אֱלֹהֵיכֶֽם

uws Gods


Doch gij wildet niet optrekken; maar gij waart den mond des HEEREN uws Gods, wederspannig.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!