‹ Christenvervolging: TurkijeAntisemitisme ›
Spionage in de Bijbel
Gepubliceerd op 05-05-2007

Vorig jaar heb ik al eens geschreven over spionage in de Bijbel. Deze keer gaat het over een gelegenheidsspion ten tijde van David. Het betreft een Edomiet genaamd Doeg, die "toevallig" aanwezig was in de tabernakel (1 Samuel 21: 7) en ontdekte dat David daar geholpen werd door de priesters, niet alleen ontdekte hij dat ze David voedsel gaven, maar ook het zwaard van Goliath. Deze man droeg de titel אַבִּ֥יר הָרֹעִ֖ים "de machtigste onder de herderen", de overkomst van deze titel met rab rāˁî in Neo-Assyrische texten, waar deze titel wordt gebruikt naast vele andere militaire titels, doet vermoeden dat Doeg een militaire rang beklede. Dat dit inderdaad mogelijk is blijkt uit het volgende hoofdstuk als koning Saul omringd is door zijn offieren (2 Sam 22:6) en dat deze Doeg ook daarbij is (vs 9) en dan verslag uitbrengt van zijn spionage, met als gevolg dat Saul aan Doeg opdracht geeft om de priester Achimelech en 85 andere priesters in Nob laat vermoorden. Alleen Abjathar weet te ontkomen en brengt dit vreselijke nieuws over aan David, die zich voor het hoofd slaat en uitroept: "Ik had het kunnen weten! Toen ik Doeg daar zag, wist ik dat hij het Saul zou vertellen. Het is mijn schuld dat uw hele familie is uitgemoord."

Opgeslagen onder: Spionnen, Doeg


Tags: Personen

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

BoekenBoeken