Paardenconcurrentie

Op een keer ging een Joodse handelaar naar de plaatselijke rabbijn en begon daar te klagen dat er een concurrent in de stad was gekomen en hoe verschrikkelijk dat was. De rabbijn luisterde geduldig naar de koopman en gaf toen als antwoord dat hij wel erg veel leek op zijn paard. Want als die in een vijver of rivier wilde gaan drinken zag hij zijn evenbeeld en werd daar zo enorm bang van dat hij snel terugdeinsde en niet wou drinken. De handelaar luisterde naar de rabbijn en vroeg wat het betekende. De rabbijn ging verder en zei dat de stad zo groot was dat er meer dan genoeg ruimte was voor meerdere handelaars en dat je niet bang moet worden als een andere handelaar zich ook vestigde.

Waarom ik op dit verhaal kom? In de krant las ik dat een hele grote ondernemer met enkele honderden vestingen in Nederland al jaren lang vele rechtszaken heeft aangespannen tegen een kleine ondernemer met twee vestingen. De rechter heeft uiteindelijk in het gelijk van de grote ondernemer beslist en aangegeven dat de kleine ondernemer verder moet krimpen. In een tijd van crisis is het voor iedereen moeilijk, maar om je marktaandeel te behouden door te gaan procederen tegen kleine machteloze concurrenten, laat zien dat je als een paard bang bent voor je eigen evenbeeld en daarom snel op hol slaat.

Stuur naar Twitter

1 comment

  1. Jona L’s avatar

    Er waren twee mannen in een stad, de een rijk en de ander arm. De rijke had zeer veel schapen en runderen. Maar de arme had gans niet dan een enig klein ooilam, dat hij gekocht had, en had het gevoed, dat het groot geworden was bij hem, en bij zijn kinderen tegelijk; het at van zijn bete, en dronk van zijn beker, en sliep in zijn schoot, en het was hem als een dochter. Toen nu den rijken man een wandelaar overkwam, verschoonde hij te nemen van zijn schapen en van zijn runderen, om voor den reizenden man, die tot hem gekomen was, wat te bereiden; en hij nam des armen mans ooilam, en bereidde dat voor den man, die tot hem gekomen was.

Comments are now closed.