2 Koningen 12:21

SVWant Jozacar, de zoon van Simeath, en Jozabad, de zoon van Somer, zijn knechten, sloegen hem, dat hij stierf; en zij begroeven hem met zijn vaderen in de stad Davids; en Amazia, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.
WLCוַיָּקֻ֥מוּ עֲבָדָ֖יו וַיִּקְשְׁרֽוּ־קָ֑שֶׁר וַיַּכּוּ֙ אֶת־יֹואָ֔שׁ בֵּ֥ית מִלֹּ֖א הַיֹּורֵ֥ד סִלָּֽא׃ וְיֹוזָבָ֣ד בֶּןשִׁ֠־מְעָת וִיהֹוזָבָ֨ד בֶּן־שֹׁמֵ֤ר ׀ עֲבָדָיו֙ הִכֻּ֣הוּ וַיָּמֹ֔ת וַיִּקְבְּר֥וּ אֹתֹ֛ו עִם־אֲבֹתָ֖יו בְּעִ֣יר דָּוִ֑ד וַיִּמְלֹ֛ךְ אֲמַצְיָ֥ה בְנֹ֖ו תַּחְתָּֽיו׃ פ
Trans.12:22 wəywōzāḇāḏ ben-šimə‘āṯ wîhwōzāḇāḏ ben-šōmēr ‘ăḇāḏāyw hikuhû wayyāmōṯ wayyiqəbərû ’ōṯwō ‘im-’ăḇōṯāyw bə‘îr dāwiḏ wayyiməlōḵə ’ămaṣəyâ ḇənwō taḥətāyw:

Algemeen

Zie ook: Amazia (koning v. Juda), David (koning), Jeruzalem, Jozakar

Aantekeningen

Want Jozacar, de zoon van Simeath, en Jozabad, de zoon van Somer, zijn knechten, sloegen hem, dat hij stierf; en zij begroeven hem met zijn vaderen in de stad Davids; en Amazia, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וְ

-

יוֹזָבָ֣ד

Jozakar

בֶּן־

de zoon

שִׁ֠מְעָת

van Símeath

וִ

-

יהוֹזָבָ֨ד

en Józabad

בֶּן־

de zoon

שֹׁמֵ֤ר׀

van Somer

עֲבָדָיו֙

zijn knechten

הִכֻּ֣הוּ

sloegen

וַ

-

יָּמֹ֔ת

hem, dat hij stierf

וַ

-

יִּקְבְּר֥וּ

en zij begroeven

אֹת֛וֹ

hem

עִם־

met

אֲבֹתָ֖יו

zijn vaderen

בְּ

-

עִ֣יר

in de stad

דָּוִ֑ד

Davids

וַ

-

יִּמְלֹ֛ךְ

werd koning

אֲמַצְיָ֥ה

en Amázia

בְנ֖וֹ

zijn zoon

תַּחְתָּֽיו

in zijn plaats


Want Jozacar, de zoon van Simeath, en Jozabad, de zoon van Somer, zijn knechten, sloegen hem, dat hij stierf; en zij begroeven hem met zijn vaderen in de stad Davids; en Amazia, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!