G514 ἄξιος
wegend, gewicht hebbend, passend, gepast, overeenstemmend
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 41x voor in 10 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

áxios̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἄξιος, -α, -ον (< ἄγω, in sense, to weigh), [in LXX for בֵּן H1121 (De 25:2), מָלֵא H4392, שָׁוָה H7737; freq. in Wis, II Mac;] (a) of weight, worth (often c. gen., cf. Pr 3:15 8:11), seq. πρός: Ro 8:18 (v. Field, Notes, 157); (b) befitting, meet: c. gen., Mt 3:8, Lk 3:8 23:41, Ac 26:20, I Co 16:4 (v. M, Pr., 216); absol., II Th 1:3; (c) of persons, worthy α in good sense: c. gen. rei, Mt 10:10, Lk 7:4 10:7, Ac 13:46, I Ti 1:15 4:9 5:18 6:1; c. aor. inf. (v. M, Pr., 203): Lk 15:19, 21, Ac 13:25, Re 4:11 5:2, 4, 9, 12; seq. ἵνα: Jo 1:27; ὅς, Lk 7:4; absol., but of what understood: Mt 10:11, 13 22:8, Re 3:4; c. gen. pers., Mt 10:37, 38, He 11:38; β in bad sense; c. gen. rei, Lk 12:48 23:15, Ac 23:29 25:11, 25 26:31, Ro 1:32; absol., Re 16:6 (MM, VGT, s.v.).†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἄγω G71 "leiden, meenemen, aanvoeren, feest vieren (een), gaan, weggaan, vertrekken"; Grieks ἀνάξιος G370 "onwaardig, ongeschikt voor iets"; Grieks ἀξιόω G515 "waard achten"; Grieks ἀξίως G516 "geschikt, waardig, passend";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

BoekenBoeken