G2400 ἰδού
zie, zie toch, er is, er zijn
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 208x voor in de Bijbel.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

idoy,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἰδού, [in LXX chiefly for הִנֵּה H2009,] prop. imperat. 2 aor. mid. of ὁράω, used as a demonstrative particle, with frequency much greater in LXX and NT than in cl. (v. M, Pr., 11), lo, behold, see: Mt 10:16 11:8 13:3, Mk 3:32, Lk 2:48, I Co 15:51, Ja 5:9, Ju 14, Re 1:7, al.; after gen. absol., Mt 1:20 2:1, 13 12:46, al.; καὶ ἰδού, Mt 2:9 (and freq.), Lk 1:20 10:25, Ac 12:7, al.; in elliptical sentences, taking the place of copula or predicate (like הִנֵּה H2009 in Heb.), Mt 3:17, Lk 5:12 22:31, 47, Ac 8:27, 36 al.

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Sieraden algemeen