G2501 Ἰωσήφ
Jozef
Taal: Grieks

Onderwerpen

Jozef (Arimathea), Jozef (Barsabas), Jozef (man v. Maria), Jozef (zn v. Jakob),

Statistieken

Komt 35x voor in 7 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

Io̱sēf,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

Ἰωσήφ, indecl. (FlJ, Ἰώσηπος, -ου), (Heb. יוֹסֵף H3130), Joseph 1. the Son of Jacob: Jo 4:5, Ac 7:9, 13, 14, 18, He 11:21, 22, Re 7:8. 2. (a) the son of Matthias: Lk 3:24; (b) the son Joram: Lk 3:30. 3. The husband of Mary, the Lord's mother: Mt 1:16 ff., Lk 1:27, Jo 1:46, al. 4. One of the brethren of our Lord (v.s. ἀδελφός): Mt 13:55. 5. Son of Mary: Mt 27:56 (-σῆς, WH, mg., RV). 6. Joseph of Arimatbæa: Mt 27:57, 59, Mk 15:43, 45, Lk 23:50, Jo 19:38. 7. v.s. Βαρνάβας. 8. v.s. Βαρσαβᾶς.

Synoniemen en afgeleide woorden

Hebreeuws יְהוֹסֵף H3084 "Jozef"; Hebreeuws יוֹסֵף H3130 "Jozef (priester), Jozef (zn. v. Jakob), Jozef (zn. v. Asaf), Jozef (vader v. Igal)";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

De Bijbelonderzoeker