G4682 σπαράσσω
krampachtig samentrekken, schokken, scheuren
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 4x voor in 2 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

sparasso̱,
Bronnen

Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

σπαράσσω [in LXX: II Ki 22:8 B (גּעשׁ H1607 hith.), Je 4:19 (המה H1993) Da LXX 8:7 (שׁלךְ H7993 hi.), III Mac 4:6 * ;] 1. to tear, rend, mangle. 2. to convulse: Mk 1:26 (v. Swete, in l.) Mk 9:26, Lk 9:39 (cf. συν-σπαράσσω).†

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks σπαργανόω G4683 "inbakeren, in doeken wikkelen"; Grieks σπάω G4685 "trekken, uittrekken"; Grieks συγκινέω G4787 "opjutten, ophitsen"; Grieks συσπαράσσω G4952 "stuiptrekken (doen)";

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Livius Onderwijs