Articles by JP vd Giessen

You are currently browsing JP vd Giessen’s articles.

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

De vorige keer was een makkelijke vraag, het waren de Rechabieten (Jeremia 35:11) die daarheen waren gevlucht omdat er vijandelijke legers aankwamen.

De vraag van deze week:

Hyena’s en jakhalzen zullen in deze plaats wonen, samen met nog andere woestijndieren, over welk plaats heb ik het.

Tags:

Ruth, de Moabitische, zei tegen Naomi: Laat mij toch naar de akker gaan en aren rapen achter hem in wiens ogen ik genade zal vinden.

Ruth 2:2 HSV

In de verzen hiervoor lazen we dat Naomi en Ruth ten tijde van de gerstoogst in Bethlehem kwamen. We zouden dus zeggen dat ze dus de kans hadden om op een veld als loonarbeidsters ingezet te worden, zeker als zoals in het vorige vers staat er een familielid is die schatrijk is. Echter het maaien met de hand is zeer zwaar werk en werd typisch gedaan door mannen. Het verzamelen van de gemaaide schoven werd wel door vrouwen gedaan, er wordt echter geen reden gegeven waarom Naomi of Ruth hiervoor niet in aanmerking kwamen. Een reden zou kunnen zijn dat, zoals in de meeste familiebedrijven, dit werk door de vrouwen en dochters van de loonarbeidsters werd gedaan.

Het moge logisch zijn, dat zonder werk de problemen van de twee gigantisch waren want de sociale voorzieningen voor vroeger in het Midden-Oosten nihil. Gelukkig staat in de Joodse wet een voorziening voor dit soort personen. In Deut. 24:21 lezen “Wanneer u uw wijngaard leeggeplukt hebt, mag u hem daarna niet nauwkeurig nalopen. Het is voor de vreemdeling, de wees en de weduwe.” Dat was dan ook de reden voor Ruth om als vreemdeling en als weduwe naar een akker te gaan om daar de aren op te rapen.

Ze voegt daar aan toe “achter hem in wiens ogen ik genade zal vinden” omdat in de tijd van de Richteren (waarin deze geschiedenis zich afspeelt) vaak hier niet de hand aan de wet werd gehouden en Ruth dus volledig afhankelijk was van de goedgunstigheid van de eigenaar van zo’n veld.

Tags:

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

David regeerde in totaal 40 jaar, waarvan 7 jaar in Hebron en 33 jaar in Jeruzalem (1 Kon 2:11)

De vraag van deze week:

Deze mensen leefden in tenten omdat hun voorvader had geboden dat ze geen huis voor zichzelf mochten bouwen. Toen een profeet met hen sprak en hen zelfs wijn aanbood, wat ze overigens weigerden om een goede reden, woonden ze in Jeruzalem. wat was de reden dat deze groep naar Jeruzalem was verhuisd.

Tags:

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

Het was inderdaad David die dit deed, zie 2 Samuel 12:18-20.

De vraag van deze week:

En nu we het toch over David hebben, hoe lang is hij koning geweest.

Tags:

Dit is de drieënnegentigste aflevering van de Livius Nieuwsbrief, een maandelijks verschijnend mailtje voor mensen met belangstelling voor de antieke wereld. Het wordt uitgegeven door Livius.

De nieuwsbrief is gratis en u kunt hem doorsturen aan wie u maar wil; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Zomaar eens een cursus uit het Liviusaanbod: de zomercursus over de Geschiedenis van het Midden-Oosten in Zoetermeer.

Jona Lendering (redactie)

======================================

NIEUW OP DE LIVIUS-WEBSITE

Twee kleine stukjes: de Eburonen en Majdel Anjar.

======================================

EGYPTE

Een op zich alledaags conflict om de schaarse ruimte krijgt in het verwarde Egypte ineens grotere afmetingen: waar leg je een modern grafveld aan als er een antiek grafveld in de buurt is, en welke consequenties heeft dat?

Indachtig het archeologische spreekwoord dat je nieuws nooit één keer naar buiten moet brengen als je ook twee keer naar geld kunt hengelen, is hier het zoveelste stukje over de arbeiders in Giza.

Het maandelijkse gesleep met mummies: 1, 2.

En verder: Suez, Kabushiya, Luxor, Thonis en Sonijat.

======================================

HET OUDE NABIJE OOSTEN

In Syrië wordt onder andere Ebla bedreigd.

En verder: Kültepe (Kanesh), Alacahöyük, Musandam.

======================================

DE MYCEENSE EN ARCHAÏSCHE PERIODE

Er zijn meer docenten die hun materiaal online zetten, maar het moeten er nog véél meer worden. De ontcijfering van het Lineair-B: 1, 2, 3, 4, 5, 6.

De ondergang van de Myceense cultuur – let niet op de foto.

En verder: Babylon, Sheki, Despotikon, de Banditaccia-necropool,

======================================

DE KLASSIEKE PERIODE

De maand alleen de bronzen beelden uit Riace.

======================================

DE HELLENISTISCHE PERIODE

In Syrië wordt onder andere Apamea bedreigd.

De oudst-bekende Griekse papyrus uit Egypte – en waarom die vervloekingstekst zo lang werd genegeerd.

En verder: obscene graffiti, Gaza, Pella, Kastro Kallithea en Anapa.

======================================

ROME EN ZIJN RIJK

In Syrië wordt onder andere Palmyra bedreigd.

De vloedgolf van 365 blijft de gemoederen bezighouden. Nieuw bewijs.

Stonehenge. Stonehenge in de Romeinse tijd?! Jawel.

En verder: Pompeii, Tell Abu Seifi, hoe men in Thessaloniki het Romeinse verleden wil tonen, Wilhelm II in Baalbek.

======================================

BENOORDEN DE ALPEN

Het maandelijkse lijstje uit Groot-Brittannië: Bath, Derby, Housesteads, Londen, Navenby, Sudeley Castle,

En verder: Keltisch Gallië, de vorstengraven bij Oss, Haltern, Ruiselede en Regensburg.

======================================

ISRAËL, JODENDOM EN CHRISTENDOM

Het is niet helemaal de tijd van het jaar, maar misschien is het juist daarom mogelijk eens wat verstandige dingen te zeggen over de ster van Betlehem.

Ach, Jeruzalem: 1, 2 (elk bad is altijd weer een ritueel bad), 3, 4, 5, en meer voorspelbare problemen rond het archeologisch erfgoed.

En verder: Hamei Yo’av, een curieuze stenen structuur in het Meer van Galilea, hoe de hoax rond het Evangelie van Jezus’ Echtgenote tot stand kon komen en waarom het Judasevangelie echt is.

======================================

OVERIG

In het Rijksmuseum van Oudheden is de afdeling Nabije Oosten heropend. En nu we het toch over musea hebben: Orientalis is gered, haalt zijn bezoekersaantallen en gaat een hopelijk voortaan onbedreigde toekomst tegemoet. De downloadbare folder is daar.

Het nut van de klassieken staat niet ter discussie. Hoe je ze uitlegt wel. Uw redacteur ordent zijn gedachten.

En verder: de genenkaart van Europa, aanstootgevende Griekse naakten, een atelier dat antieke muziekinstrumenten nabouwt,  goed-doordachte stukken over de films Cleopatra en The Eagle, waarom je op vakanties geen oudheden moet meenemen en interessante Griekse en Latijnse meervoudsvormen.

======================================

BOEKEN

De boekenrubriek in de Livius Nieuwsbrief wordt verzorgd door Lujzika Adema van Kooten van de Amsterdamse Athenaeumboekhandel.

Leven & (na de) dood
Onlangs is de grootse tentoonstelling Life and Death in Pompeii and Herculaneum in het British Museum geopend. De bijbehorende catalogus is zowel in hardback als in paperback beschikbaar en bevat veel van de tentoongestelde fresco’s, voorwerpen en sculpturen die overgebleven zijn na de vulkaanuitbarsting in 79 AD.

Of het enkel door deze Londense tentoonstelling komt of niet, over het onderwerp zijn tal van nieuwe uitgaven verschenen. Zoals de kleurrijke boekjes The Ages of Pompeii en The Art of Loving, het meer volledige The Complete Pompeii en Andrew Wallace-Hadrills veelgeprezen Herculaneum: Past and Future (paperback, hardcover).

Waren deze en andere overledenen geïnitieerd in bepaalde culten, dan konden ze zich verheugen op een mooi bestaan na de dood. Althans, als we luisteren naar de boodschappen op de vele kleine gouden tabletten die zijn gevonden in graven van de vijfde eeuw voor tot de tweede eeuw na Christus. In een herziene en uitgebreide editie van Ritual Texts for the Afterlife van Fritz Graf en Sarah Iles Johnston worden al deze tabletten in het Grieks gepubliceerd, vertaald en uitvoerig geïnterpreteerd.

Cicero & Nijntje
Een nieuwe GreenYellow van Cambridge is verschenen! Het gaat om een commentaar op Cicero’s Pro Marco Caelio, van de hand van Andrew R. Dyck, die eerder verantwoordelijk was voor onder meer commentaren op Cicero’s Catilinarians, De Natura Deorum en Pro Sexto Roscio.

Omdat je niet vroeg genoeg kunt beginnen, is Nijntje nu ook te lezen in het Oudgrieks. Het gaat om een vertaling van het schattige Nijntje het Spookje, oftewel: To fantasma Miffa. Voor wie Miffa en Miffa ad Mare al uit heeft of vaak genoeg cadeau heeft gedaan.

======================================

DWAASHEID

Mooi artikel waarin het onzinnige idee dat mensenhanden niet in staat zouden zijn de enorme stenen van Baalbek te verplaatsen, effectief om zeep wordt geholpen.

En verder: hoe men in Pakistan Alexander de Grote uit de geschiedenis wegschrijft.

======================================

INTERNET

Dit is nu eens leuk nieuws! Archeologiejournalist Theo Toebosch is sinds een paar dagen online met zijn eigen variant op De Correspondent en De Nieuwe Pers: een persoonlijk webtijdschrift dat hij (om er geen twijfel over te laten bestaan dat hij hoofdredacteur, redacteur, eindredacteur, moderator, administrateur & loopjongen ineen is) heeft aangeduid als Toebosch’ Eigen Tijdschrift. Voor 20 euro per jaar blijft u bij.

En nu het slechte nieuws: online-wetenschapscommunicatie is oorlog, althans in de geesteswetenschappen. Lees maar hoe de Mithras-pagina’s van Roger Pearse worden aangevallen.

======================================

EN TOT SLOT

Totaal off-topic – maar hé, wie heeft ooit gezegd dat deze nieuwsbrief géén persoonlijke inslag had? – is de website over Consensus and Crises, het boekje dat uw redacteur ooit schreef over polders, de waterschappen, Floris V, de hertogen van Bourgondië, Calvijn, de Tachtigjarige Oorlog, de Gouden Eeuw, Rembrandt van Rijn, de regenten, de Patriottenbeweging, Vincent van Gogh en de wijze waarop de overlegcultuur vorm heeft gegeven aan overlegeconomie.

======================================

Oude nieuwsbrieven zijn te raadplegen via de website van het Rijksmuseum van Oudheden (2009, 2010, 2011, 2012, 2013) en bij Aantekeningen bij de Bijbel. Als u de nieuwsbrief wil steunen, kunt u een donatie doen op rekeningnummer 67.07.91.121 t.n.v. Livius, o.v.v. Ondersteuning Nieuwsbrief. Dank u wel.

Tags:

Een van de grote hot-items onder christenen is de vervangingstheologie. Theologe Janni Loman heeft zich hierin verdiept en het volgende artikel geschreven zodat de lezers inzicht krijgt over de problematiek van deze.
Inleiding

Over het algemeen bestaat er onder christenen en kerkmensen veel onduidelijkheid bij noties als het verbond, de kerk, Israël, de verhouding tussen kerk en Israël, het oude verbond en het nieuwe verbond. Wat houdt het in dat God een verbond sluit met een volk? Heeft God nu een verbond gesloten met Israël, of met de kerk? Is sinds het nieuwe verbond is ingeluid met de dood van Jezus, het verbond dat God heeft gesloten met Israël nog wel geldig? Hoe moet men de noties oude verbond en nieuwe verbond verstaan? Een andere vraag is of de termen ´oud´ en ´nieuw´ met betrekking tot het verbond wel worden gebruikt in de Bijbel.

Klassieke theologie

Ook zijn er uiteenlopende Israël visies onder theologen. In grote lijnen kan men de klassieke theologie in zijn extreme vorm als volgt schetsen. Sinds het nieuwe verbond is ingeleid met de dood van Jezus, heeft het oude verbond dat God met Israël heeft gesloten afgedaan. Israël heeft immers als volk Jezus, de Messias, afgewezen. De christelijke kerk is in de plaats gekomen van het volk Israël, en alle beloften die God heeft gegeven aan Israël zijn met de komst van Jezus overgegaan op het nieuwe volk, de christelijke kerk, ook wel het geestelijk Israël genoemd. Men moest de beloften gedaan aan Israël wel vergeestelijken om deze toe te passen op de kerk. In een dergelijke klassieke theologie wordt alleen rekening gehouden met het Bijbelse Israël, en niet met het huidige seculiere Israël, de joodse staat. Men erkent dat Israël een plaats heeft in het heilsplan dat God heeft met de wereld, maar deze plaats is niet meer dan een voorstadium van de kerk. Sinds de komst van Christus speelt de christelijke kerk een hoofdrol in het verlossingsplan van God. God wil via de kerk de wereld bereiken door de verkondiging van het evangelie. Zo wordt het Koninkrijk van God in de wereld verbreid. Reeds in de vroegchristelijke theologie zag men kerk en koninkrijk van God als een en hetzelfde. Met andere woorden, kerk en koninkrijk vallen samen. Ook nu nog komen we deze gedachtegang tegen. In deze theologie is er geen bijzondere plaats meer voor Israël in Gods verlossingsplan met de wereld. Israël staat op een lijn met al die andere volken aan wie de kerk het evangelie moet verkondigen.. De bijzondere verkiezing van Israël zoals we dat lezen in het Oude Testament speelt geen rol meer. De stichting van de staat Israël in 1948 is dan ook een puur politieke zaak, en heeft niets te maken met de beloften van God aan het joodse volk.

Misvattingen

De hierboven geschetste klassieke theologie is in veel opzichten veranderd. De Tweede Wereldoorlog, en de Holocaust, maar vooral de stichting van de staat Israël in 1948 hebben hier in grote mate aan bijgedragen. Sinds de joden na vele jaren van verstrooiing onder de volkeren weer een eigen staat hebben, zijn velen tot het inzicht gekomen dat het verbond van God met Israel niet is opgeheven, en dat de beloften opgenomen in dat verbond nog steeds geldig zijn. De zogenaamde vervangingsleer dat de kerk in de plaats is gekomen van Israël is voor een groot deel opgeheven, hoewel zij nog steeds door een achterdeur in verschillende varianten tevoorschijn komt. Het jaar 1948 is voor veel christenen en kerken een eyeopener geweest. Men ging beseffen dat de stichting van de joodse staat op een of andere wijze te maken heeft met de beloften die God heeft gegeven aan het volk Israël. Men ging ook inzien dat de christelijke kerken daar iets mee te maken hebben. De kerk is immers met Israël, met het joodse volk, verbonden. De stichting van de staat Israël is dan ook cruciaal geweest in de verandering in het theologisch denken over Israël en het verbond.

Abraham, Mozes, David

In het Oude Testament staan drie personen centraal met wie God een gesprek is aangegaan, en met wie Hij een verbond heeft gesloten. Deze drie personen zijn Abraham, Mozes en David. Men zou deze drie personen de hoofdpersonen kunnen noemen van het Oude Testament. Het verhaal van het Oude Testament gaat door met de komst van Jezus, de hoofdpersoon in het Nieuwe Testament. Men kan ook zeggen dat het verbond dat God heeft gesloten met Israël in het Oude Testament heeft niet afgedaan met de komst van Jezus. Wat verstaat men onder een verbond? De term verbond komt uit het Hebreeuwse beriet. In het woord beriet zitten woorden ´binding´ en ´binden´ in. Personen zijn met elkaar verbonden en er zijn afspraken gemaakt. In de verhalen van het Oude Testament lezen we wat een verbond precies inhoudt. Een verbond is niet zozeer een juridische verbinding die een persoon met iemand aangaat, maar meer een overeenkomst tussen twee partijen. Een persoonlijke relatie, een overeenkomst tussen partners. Mensen sluiten onderling overeenkomsten. Ook God en mens sluiten overeenkomsten, treden met elkaar in een verbondsrelatie. Eer is sprake van een persoonlijke relatie tussen God en een mens, en tussen God en een volk.

Abraham

God begint een relatie met Abraham, roept hem uit een heidens land, en brengt hem naar het land Kanaän, het latere Israël. Met de roeping van Abraham maakt God een begin met het volk Israël. God zal Abraham maken tot een groot volk (Genesis 12:2). Maar vanaf het begin van de roeping van Abraham belooft God dat Hij met Abraham alle geslachten van de aardbodem zal zegenen (Genesis 12:2-3). Vanaf het begin van de wording van Israël heeft God alle volkeren van de aarde in het vizier. Dit betekent dat de heidense volken uiteindelijk zullen worden ingelijfd in het ene verbond dat God sluit met Abraham. In Genesis 15:18 lezen we over de eigenlijke verbondsluiting van God met Abraham. Er worden ook een aantal rituelen uitgevoerd. Abraham krijgt een visioen en God spreekt met hem. Abraham vertrouwt God en dat wordt hem toegerekend als een rechtvaardige daad. We lezen dat in Genesis 15. Abraham krijgt een belofte van een land voor zijn nakomelingen. De enige verplichting van de kant van Abraham is de besnijdenis, het teken van het verbond, Het is een eeuwigdurend verbond met Abraham en zijn nakomelingen dat niet verbroken kan worden (Genesis 17:7-10). Wat opvalt is dat de roeping van Abraham een eenzijdig goddelijk initiatief is. Het is ongevraagd. Er worden geen voorwaarden aan gesteld. Door Abraham en zijn nakomelingen, het volk Israël, wil God de hele mensheid zegenen.

Mozes

Het verhaal van het verbond van God met Israël in het Oude Testament gaat door met de roeping van Mozes. Het verbond dat God door Mozes met het volk Israël sluit bij de Sinaï is een ander verbond, maar geen nieuw verbond. Het volk staat op het punt het beloofde land binnen te gaan, maar moet eerst leren leven als een geheiligd volk van God door middel van de geboden. In Exodus 19:4-6 lezen we dat het volk van God het verbond moet bewaren en nakomen. Er komt een ander aspect bij. Israël moet voldoen aan voorwaarden. Het volk moet een heilig volk zijn door de geboden van God na te leven. Een volk dat zich onder volken niet rekent. Ze mogen niet leven naar de gewoonten van de omringende heidense volken. Israël wordt apart gezet, afgezonderd van de volken. In tegenstelling tot het verbond met Abraham, zijn er bij het verbond met Mozes dus wel voorwaarden. In Exodus 19:5 lezen we…als je mijn woorden ter harte neemt en je aan het verbond met mij houdt… De voorwaarden gesteld aan dit verbond kunnen resulteren in zegen of vloek (Deuteronomium 28). Hoewel Israël als volk zich niet heeft gehouden aan de geboden gegeven door Mozes, wordt de verbondsrelatie van God met het volk niet opgeheven. De persoonlijke relatie van God met het volk blijft bestaan. We lezen over deze persoonlijke relatie tussen God en Zijn volk in het Oude Testament. God stuurt profeten om het volk tot inkeer te brengen. Keer op keer. Het volk krijgt berouw, en keert terug tot God. De verbondsrelatie tussen God en het volk wordt niet opgeheven. De draad wordt weer opgepakt bij koning David.

David

Onder koning David wordt Jeruzalem het centrum niet alleen van het politieke maar tevens van het godsdienstige leven van Israël. In 2 Samuel 23:5 lezen we over de dynastie die begint met koning David. Hier spreekt David over zijn koningshuis met Gods hulp, en dat God hem een eeuwig verbond heeft toegezegd. God sluit opnieuw een verbond, en wel met het huis van David. Evenals bij Abraham komt het initiatief van God zelf. God kiest David om koning te worden. David wordt door God gekozen als de stamvader van Israëls monarchie. Hij heeft een verplichting een goede koning te zijn, een herder voor het volk, en geen despoot zoals de koningen van de omringende heidense volken. Na een lange periode van koningschap moet David uiteindelijk aftreden als koning. Hij heeft gefaald als koning, maar er komt geen einde aan de monarchie. De lijn van het koningschap van David gaat door. Wel wordt het rijk verdeeld in de stammen Juda en Israël. Er komen opvolgers, gezalfde koningen, over zowel Juda als Israël. Er zijn goede en slechte koningen. Hoewel de monarchie niet wordt hersteld, blijft het verbond van kracht. De belofte van een nieuwe koning die zal regeren op de troon van David blijft geldig (Jesaja 9:6). Deze belofte is altijd levend gebleven onder de joden, ook in de verstrooiing onder de volken. Bij de aankondiging van de geboorte van Jezus door de engel Gabriel aan Maria horen we dat Jezus zal regeren op de troon van David, en tot in eeuwigheid koning zal zijn over het volk van Jakob (Lucas 1::32-33).

Waar ging het mis?

Uiteindelijk gaat het gaat mis met de monarchie. De koningen van zowel Israël als Juda hebben gefaald. De koningen worden ontrouw aan het verbond, en het volk volgt de koning hierin. Zo koning, zo volk. Er ontstaat een breuk tussen God en Zijn volk. Israël is de verplichting van het verbond, reeds gesloten met Mozes, niet nagekomen. Het volk is vervallen in afgoderij en geworden als de omringende volkeren. Er komt een einde aan de monarchie, en het volk wordt verdreven uit het land. De stam Israël gaat het eerst in ballingschap. In 587 wordt de stam Juda weggevoerd. Hiermee komt een einde aan de dynastie van David, en zijn opvolgers. Jeruzalem wordt verwoest en het volk gedeporteerd naar Babel. Er volgt een periode van ballingschap totdat een deel van het joodse volk terugkeert naar hun land. Maar land en volk worden niet voor goed hersteld. In 135 n.j. wordt het volk voor goed verdreven uit het land, en volgt er een eeuwenlange periode van verstrooiing onder de volken, totdat in 1948 de joodse staat wordt opgericht. Het volk mag terugkeren naar het land, zoals de profeten hebben voorzegd.

Nieuw verbond

In Jeremia 31:31vv lezen we dat de dag zal komen dat God met Israël en Juda een nieuw verbond zal sluiten. Het zal een ander verbond zijn dan het verbond dat God eerder met het volk heeft gesloten. De profeet zegt dat dit in de toekomst zal gebeuren, en dat de wetten in het binnenste van de mensen, in het hart zullen worden geschreven. Dit in tegenstelling tot een eerder verbond geschreven op tafelen van steen, een verwijzing naar het verbond van Mozes. De profeet Ezechiël zegt het in andere bewoordingen in Ezechiël 36:21-28. God zal Zijn Geest over het volk uitgieten zodra zij weer in het land zullen wonen. Het land zal worden herteld, het volk zal terugkeren, de Geest zal worden uitgestort. Ezechiël was een profeet die leefde toen het volk niet meer in hun eigen land woonde, maar in ballingschap verbleef. Wat opvalt bij zowel als Jeremia als Ezechiël is dat beide profeten niet spreken over een verbond beloofd aan een nieuw volk. Alleen de profeet Jeremia gebruikt de term nieuw verbond, maar spreekt niet over een nieuw volk. Ezechiël gebruikt noch de uitdrukking nieuw verbond, noch de uitdrukking nieuw volk. In Jeremia is de belofte van een nieuw verbond gegeven aan het gehele volk Israël, in de toekomst. Kunnen we deze belofte van een nieuw verbond toepassen op de kerk? Ik denk van niet. Het nieuwe aan dit verbond is de wijze waarop Israël in het verbond zal functioneren. De gehoorzaamheid moet komen van binnenuit.

Jezus

Het verhaal van het Oude Testament vindt zijn vervolg in het Nieuwe Testament met de komst van Jezus. Jezus is de mens, geboren uit het geslacht van David. De lijn van de monarchie wordt weer opgepakt. In Romeinen 1: 3 spreekt Paulus over Jezus als: `een mens voortgekomen uit het nageslacht van David.` In Matteüs 1:1 wordt Jezus genoemd `Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham.` Bij Abraham begint de verkiezing van Israël, bij Mozes de verplichting de inhoud van het verbond na te komen, bij David begint de monarchie, de belofte van een toekomstige koning uit het huis van David. Maar hoe zit dat nu met het nieuwe verbond? Jezus heeft immers tijdens zijn laatste pesach maaltijd met zijn discipelen het avondmaal ingesteld dat gevierd wordt in bijna alle kerken. Tijdens deze maaltijd heeft Jezus zelf gesproken over het (nieuwe) verbond in Zijn bloed (Matteus 26:28, Marcus 14:24, Lucas 22:20). Alleen de evangelist Lucas gebruikt de term nieuw verbond. De twee andere evangelisten spreken over het bloed van het verbond.

Met de komst van Jezus is de belofte van een nieuw verbond in Jeremia 31:31aangebroken. Nu mogen de heidenen delen in de zegen van Israël. Ze mogen deel hebben in het verbond gesloten met Abraham. De belofte van een nieuw verbond in Jeremia 31 is mogelijk gemaakt door de dood van Jezus. Hij heeft het verbond vernieuwd door zijn bloed, door het kruis. Door Jezus Christus mogen de volken, de heidenen, naderen tot de God van Israël. Zij worden nu opgenomen in de verbondsgeschiedenis die God is aangegaan met Israël. De heidenen mogen ingeënt worden in dat ene verbond dat God heeft gesloten met Israël (Romeinen 11:24).

Conclusie

De verbondsrelatie die God is aangegaan met Israël in het Oude Testament kan nooit beëindigd worden. De verbondrelatie van God met Israël in het Oude Testament gaat door in het Nieuwe Testament met de komst van Jezus. Door de dood van Jezus is er een nieuwe fase aangebroken in het verbond van God met Israël. Nu mogen de heidenen deel hebben aan dat ene verbond dat God heeft gesloten met Israël. Zij mogen naderen tot de God van Israël. Zij mogen delen in de zegen die God heeft beloofd aan Abraham. Er zijn geen twee verbonden die God heeft gesloten met twee volken, een oud verbond gesloten met Israël, en een nieuw verbond gesloten met de kerk. Door het geloof in Jezus mogen de heidenen, mag de kerk, deel hebben aan dat ene verbond dat God heeft gesloten met Israël.

Tags: , ,

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

Alleen tegen de Samaritaanse vrouw in Joh. 4:25 zegt Jezus dat Hij de Messias in, alle andere keren zeggen anderen het.

De vraag van deze week:

Nadat zijn kind was gestorven ging deze vader op zijn gemak eten.

Tags:

En het gebeurde, toen zij Bethlehem binnenkwamen, dat de hele stad over hen in rep en roer raakte, en de vrouwen zeiden: Is dit Naomi? Maar zij zei tegen hen: Noem mij niet Naomi, noem mij Mara, want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.

Ruth 1: 19-20 (HSV)

Als Naömi en Ruth aankomen in Bethlehem dan lezen we dat de inwoners in rep en roer zijn. Niet verwonderlijk want sinds het vertrek van Naömi met haar gezin waren verschillende jaren verlopen en de inwoners zullen stellig in die periode niets meer hebben gehoord van hen. Het eerste wat opvalt is dat Naömi zich anders wil laten noemen, nl. Mara. Naömi betekend “fijn, aangenaam”, terwijl Mara het tegenovergestelde “bitter, bitterheid” als betekenis heeft. De reden wordt in het volgende vers (21) uitgelegd, had ze nog een toekomst toen ze uit Bethlehem vertrok, nu zonder man, zonder kinderen en zelfs kleinkinderen is er geen toekomst.

Een tweede wat opvalt is dat ze in de oorzaak hiervan God ziet, ze gaat ervan uit dat niet alleen al het goede van God komt maar dat ook het slechte van Hem komt, of op zijn minst het toelaat (cf. de geschiedenis van Job). Dit betekent niet dat ze zich van God afkeert, het is meer in simpele erkenning dat God haar leven kan en mag beïnvloeden. Dit zal naar voren komen in de verdere hoofdstukken van dit Bijbelboek.

Een derde wat opvalt is dat niet wordt genoemd waar ze gaan wonen. In principe is dit ook niet nodig, want het eigendom van haar man is ook het eigendom van haar en ze zal dan ook zeer waarschijnlijk in haar oude huis zijn ingetrokken. Aan de andere kant we lezen direct in het begin van hoofdstuk 2 dat er familieleden waren en het kan zijn dat ze via hen onderdak kreeg. Hoewel dit laatste, gezien de context van het verhaal, minder waarschijnlijk is.

Tags:

Wekelijks wordt in deze Bijbelquiz een nieuwe vraag over de Bijbel gesteld, wie het antwoord denkt te weten mag deze als commentaar toevoegen. Het antwoord komt dan de volgende week, zodat iedereen de gelegenheid krijgt om mee te doen in deze Bijbelquiz. En schroom niet om een antwoord te geven, ook al hebben anderen al eerder een poging gedaan.

Antwoord van de vorige keer:

In 1 Kon. 13:2-5 lezen we dat deze profetie werd uitgesproken over het altaar van Jerobeam, hierbij verdorde de hand van deze koning.

De vraag van deze week:

Tegen wie zegt Jezus allemaal dat Hij de Messias is.

Tags:

Maar Ruth zei: Dring er bij mij niet langer op aan u te verlaten en terug te gaan, bij u vandaan. Want waar u heen gaat, zal ik ook gaan, en waar u overnacht, zal ik overnachten. Uw volk is mijn volk en uw God mijn God. Waar u sterft, zal ik sterven, en daar zal ik begraven worden. De HEERE mag zó en nog veel erger doen: voorzeker, alleen de dood zal scheiding maken tussen mij en u.

Ruth 1: 16-17 (HSV)

Lazen we de vorige keer dat Naömi nog tegen Ruth zei dat haar schoonzuster is teruggekeerd naar haar volk en naar haar goden (vs. 15). Hier antwoord Ruth dat bij haar hier geen sprake van is. Niet alleen wil ze haar schoonmoeder niet verlaten, maar ze geeft ook aan dat ze diens God zal gaan volgen. Waarbij haar diepste motief voor deze keuze een  geloofsbeslissing is “Uw God is mijn God” (vs. 16). Daarmee heeft Ruth zich losgemaakt van de band met Moabietische god Kemos.

Dat dit niet zomaar een geloofsbevestiging is blijkt uit het volgende vers waar ze door middel van een soort zelfvervloeking dit bevestigd met een formule voor het geval dat zij haar belofte niet zou nakomen “De HEERE mag zó en nog veel erger doen: voorzeker, alleen de dood zal scheiding maken tussen mij en u“. Hierbij valt op dat de vervloeking volledig duidelijk is, maar niet wordt uitgesproken. We komen deze eedformule vaker tegen, zo zegt Saul “God mag zó en nog veel erger met mij doen. Voorzeker, Jonathan, jij moet zeker sterven” (1 Sam. 14:44), maar zie ook 1 Sam. 3:17; 20:13; 25:22; 2 Sam. 3:9,35; 19:13; 1 Kon. 2:23; 2 Kon. 6:31 waar we deze zelfvervloeking ook tegen komen.

Tags:

« Older entries