Handelingen 25:24

SVEn Festus zeide: Koning Agrippa, en gij mannen allen, die met ons [hier] tegenwoordig zijt, gij ziet dezen, van welken mij de ganse menigte der Joden heeft aangesproken, beide te Jeruzalem en hier, roepende, dat hij niet meer behoort te leven.
Steph και φησιν ο φηστος αγριππα βασιλευ και παντες οι συμπαροντες ημιν ανδρες θεωρειτε τουτον περι ου παν το πληθος των ιουδαιων ενετυχον μοι εν τε ιεροσολυμοις και ενθαδε επιβοωντεσ μη δειν ζην αυτον μηκετι
Trans.kai phēsin o phēstos agrippa basileu kai pantes oi symparontes ēmin andres theōreite touton peri ou pan to plēthos tōn ioudaiōn enetychon moi en te ierosolymois kai enthade epiboōntes̱ mē dein zēn auton mēketi

Algemeen

Zie ook: Jeruzalem, Porcius Festus

Aantekeningen

En Festus zeide: Koning Agrippa, en gij mannen allen, die met ons [hier] tegenwoordig zijt, gij ziet dezen, van welken mij de ganse menigte der Joden heeft aangesproken, beide te Jeruzalem en hier, roepende, dat hij niet meer behoort te leven.


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

και
En
φησιν
zeide

-
ο
die
φηστος
Festus
αγριππα
Agrippa
βασιλευ
Koning
και
en
παντες
allen
οι
-
συμπαροντες
tegenwoordig zijt

-
ημιν
met ons
ανδρες
gij mannen
θεωρειτε
gij ziet

-

-

-
τουτον
dezen
περι
van
ου
welken
παν
de ganse
το
-
πληθος
menigte
των
-
ιουδαιων
der Joden
ενετυχον
heeft aangesproken

-
μοι
mij
εν
te
τε
beide
ιεροσολυμοις
Jeruzalem
και
en
ενθαδε
hier
επιβοωντες
roepende

-
μη
dat hij niet
δειν
behoort

-
ζην
te leven

-
αυτον
-
μηκετι
meer

En Festus zeide: Koning Agrippa, en gij mannen allen, die met ons [hier] tegenwoordig zijt, gij ziet dezen, van welken mij de ganse menigte der Joden heeft aangesproken, beide te Jeruzalem en hier, roepende, dat hij niet meer behoort te leven.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!