G1135 γυνή
vrouw, echtgenote
Taal: Grieks

Onderwerpen

Vrouwen,

Statistieken

Komt 220x voor in de Bijbel.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

gynē,

Bronnen


Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

γυνή, -αικός, ἡ, [in LXX for אִשָּׁה H802 ;] 1. a woman, married or unmarried: Mt 11:11 14:21, al.; ὕπανδρος γ., Ro 7:2; γ. χήρα, Lk 4:26; in vocat., γύναι implies neither reproof nor severity, but is used freq. as a term of respect and endearment, Mt 15:28, Jo 2:4, 4:21 19:26. 2. a wife: Mt 1:20, I Co 7:3, 4 al.; γ. ἀπολύειν, Mk 10:2, al.; γ. ἔχειν Mk 6:18; γ. λαβεῖν, Mk 12:19; γ. γαμεῖν, Lk 14:20. 3. a deaconess, I Ti 3:11 (CGT, in l.).

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

De Bijbelonderzoeker