Luisteren naar haar gezang of niet?

O, bewoonster van de tuinen,
metgezellen slaan acht op uw stem,
laat Mij die horen!

Hooglied 8:13 (HSV)

Aan het einde van Hooglied wordt een oproep gedaan die we ook al aan het begin in Hooglied 2:14 hebben gelezen “… laat Mij uw stem horen. Want uw stem is zoet …”. Op zich is dit niet zo’n vreemde tekst, want waarom zou je niet willen luisteren naar iemands gezang? Ik zou dit vers dan ook niet behandeld hebben, ware het niet dat pas geleden over dit vers nogal wat commotie over is ontstaan en zelfs de diverse media kwam. Het geval wil nl. dat tijdens een bijeenkomst van het Israëlische leger een vrouwelijke soldaat een lied zong en direct stonden een aantal mannelijke soldaten op. Ondanks bevel van hun officieren weigerden ze op basis van deze teksten terug te komen.

Het bleek dat de soldaten behoorden tot een bepaalde orthodoxe groepering die stellen dat het verboden is om te luisteren naar de kol ishah “de stem van een vrouw”. De Hebreeuwse uitdrukking kol b’ishah erva kan volgens hen vertaald worden met “de stem van een vrouw is als naaktheid”, of als “de stem van een vrouw is als haar vagina” (Brachot 24a). En dat kan natuurlijk niet, dus mogen ze er niet naar luisteren want het zou verkeerde gevoelens kunnen opwekken. Iedereen die het gehele boek leest zal tot de conclusie komen dat deze frase geheel uit zijn verband is gerukt en dat het in het geheel niet verboden is om te luisteren naar de stem van een vrouw en zeker niet als het ook nog eens (zoals we in Hoogl. 8:13 kunnen lezen) je eigen vrouw is. Het is dan ook een kleine groepering binnen de orthodoxe Joden die van deze mening zijn toegedaan.

Tags: ,

Stuur naar Twitter