Overste synagoge
ἀρχισυνάγωγος G752 "overste v.e. synagoge",

Zie ook: Ambten,

αρχισυναα (archisynagōgōn) Iemand die administratieve functies (niet geestelijke) in de synagoge verrichtte. In de Bijbel worden Jairus (Mark 5:22, 35, 36, 38) en Crispus (Hand. 18:8) en Sosthenes (Hand. 18:17) gernoemd.

Inhoud

Functie omschrijving

Over het algemeen had iedere synagoge een leider die archisynagōgon of archōn werd genoemd en die voornamelijk de administratieve (niet geestelijke) functies verrichtte. Zo regelde hij de spreekbeurten, diende als rechter tijdens meningsverschillen in de gemeenschap en vertegenwoordigde de synagoge buiten de lokale gemeenschap. Natuurlijk deed hij dat niet alleen en werd in deze taken ondersteund door “oudsten” (presbyteroi, gerontes) en “notabelen” (dynatoi). Daarnaast was er meestal ook een “schrijver”, meestal een Leviet of priester die de archieven van de synagoge beheerde en ondersteuning gaf bij het lezen en onderwijzen van de heilige geschriften. Tot slot was er ook nog iemand die hem ondersteunde bij de meer praktische zaken en die wij tegenwoordig een “koster” (hyperētes or neōkoros) zouden noemen.

Naast Jairus (Mark 5:22, 35, 36, 38)  worden ook Crispus (Hand. 18:8) en Sosthenes (Hand. 18:17) in de Bijbel genoemd die overste van een synagoge waren. Verder is er ook nog de Theodotos inscriptie waarin beschreven wordt wat de functies van een overste van een synagoge was.



Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!